Getypte doorslag of stencil van een distributieplan of organisatorisch rapport.
Origineel
Getypte doorslag of stencil van een distributieplan of organisatorisch rapport. -4-
bijv. 120 kg. zeevisch; 40 kg. aal en 40 kg. zoetwatervisch = totaal
200 kg.
In totaal ontvangen de 350 handelaren x kg. visch, bestemd
voor 700.000 menschen.
In het eerste voorbeeld zal de handelaar dus klanten moeten
inschrijven, nl.
In het tweede voorbeeld , nl.
~~De handelaar krijgt verder van het Marktwezen op, hoeveel~~
~~klanten hij mag inschrijven; zie punt C.~~
D. Verdeeling der handelaren over de stad.
Voor de winkeliers is de zaak eenvoudig. Zij bedienen hun
klanten normaal vanuit hun winkel.
De straathandelaren zullen over de stad moeten worden gedecen-
/wanneer traliseerd, aangezien/de bestaande [invoegteken] verkoopplaatsen op de markten
zouden blijven gehandhaafd, een te groote toeloop naar enkele punten
zou optreden, terwijl bovendien vele menschen te ver zouden moeten
loopen om hun visch te halen. Aangezien niet tevoren bekend is, of
er visch is, zouden vele vergeefsche ritten moeten worden gemaakt.
De bevolkingsdichtheid per buurt, of zelfs per huizenblok kan
worden opgemaakt en aan de hand daarvan zullen de kooplieden worden
ingedeeld. Het is evenwel gewenscht om 4 of 5 straathandelaren bij
elkaar te plaatsen, zooals hieronder onder nader zal worden
aangetoond.
E. Inschrijving bij de handelaren.
Ieder van de ± 350 kleinhandelaren ontvangt van den Dienst
Marktwezen een codenummer, welk nummer hij steeds blijft voeren;
dit beteekent dus een doorloopende nummering van 1 - 350. De hande-
laar krijgt verder van het Marktwezen op, hoeveel klanten hij mag
inschrijven; zie punt C.
De consument levert de vischkaart bij den door hem gekozen
handelaar in. Deze noteert op beide deelen zijn codenummer, alsmede
het volgnummer van den klant. Kleinhandelaar A met codenummer 10
heeft 1000 klanten toegewezen gekregen; hij moet dus 1000 visch-
kaarten ~~inkomen~~ innemen, genummerd 10/1 t/m 10/1000. De eene helft
van de vischkaart, waaraan zich de bonnen bevinden ontvangt de
consument terug; de andere helft behoudt de handelaar. Desgewenscht
kan de handelaar daarnaast nog een klantenlijst aanhouden, doch
noodig is dit niet, aangezien hij de gedeelten van de vischkaart,
welke hij kan behouden, tot een kaartregister kan maken. Het bij- * Logistiek: Het document beschrijft een strak gereguleerd systeem voor de distributie van schaarse goederen (vis). Er wordt een onderscheid gemaakt tussen winkeliers en straathandelaren.
* Decentralisatie: Er wordt gepleit voor decentralisatie van straathandelaren om te voorkomen dat consumenten massaal naar enkele centrale punten (markten) trekken, wat inefficiënt zou zijn (vergeefse ritten als er geen vis is) en voor ongewenste samenscholingen zou zorgen.
* Administratie: Het gebruik van codenummers voor handelaren en volgnummers voor klanten wijst op een bureaucratische controle om zwarte handel te voorkomen en eerlijke verdeling te garanderen. Elke handelaar krijgt een specifiek aantal klanten toegewezen (bijv. 1000).
* Systeem: Er wordt gewerkt met een tweedelige "vischkaart". De handelaar houdt één helft voor zijn eigen administratie (het kaartregister), terwijl de consument de andere helft met bonnen behoudt om daadwerkelijk vis te kunnen kopen. Dit document is hoogstwaarschijnlijk afkomstig uit het archief van de Amsterdamse Dienst Marktwezen tijdens de Tweede Wereldoorlog. De stad kampte met grote voedseltekorten en vrijwel alle levensmiddelen gingen "op de bon". Vis was een belangrijk alternatief voor het nog schaarsere vlees. Het genoemde getal van 700.000 inwoners komt overeen met de populatie van Amsterdam rond 1941-1942. De noodzaak om handelaren over de stad te verspreiden had ook een praktische reden: tijdens de bezetting waren vervoersmiddelen (brandstof, banden) uiterst schaars, waardoor transport tot een minimum beperkt moest worden.