Zakelijke correspondentie op gedrukt briefpapier.
Origineel
Zakelijke correspondentie op gedrukt briefpapier. 3 juli 1943. N.V. Zeevischgroothandel "Koningstein", IJmuiden. Gemeentelijke Visafslag, Amsterdam. (Gedrukt briefhoofd)
Inschrijven
Detail Engros
N.V. Zeevischgroothandel
"Koningstein"
Haring - Versche Visch - Zoutevisch
Telegram-Adres: „Zeebad-Ymuiden". Telefoon Interc. Kantoor 610 Huis 611 Postcheque-en Gironummer 88934
(Getypt en handgeschreven invulling)
No. 46 18/244/1 M. 1943 8/7
Ymuiden, 3 Juli 1943.
Aan den Gemeentelijke Visafslag,
A m s t e r d a m .
Mijne Heeren,
Gaarne zouden wij per omgaande van U vernemen, of U ook gezouten zeebliek wenscht af te nemen tegen de maximum prijs ad Fl.38.- per heele ton, benevens Fl.1.10.- per ton statiegeld.
Uw antwoord tegemoet ziende, teekenen wij inmiddels,
Hoogachtend,
N.V. Zeevischgrhdl. " Koningstein "
(Handtekening)
(Handgeschreven aantekeningen linksonder)
Mr. Stam.
advies;
7-7-43
(onleesbaar, mogelijk De Haan)
(Handgeschreven aantekeningen rechtsonder)
brief doorzenden
naar N.V.C. met
verzoek behandelig
te willen overnemen;
nu speciaal i.v.m.
vraag of Koningstein
deze subliek vrij
mag offereeren * Zakelijke inhoud: De IJmuidense groothandel Koningstein vraagt de Amsterdamse visafslag of er interesse is in de aankoop van gezouten zeebliek (een kleine haringachtige vis). De prijs is gesteld op 38 gulden per ton, wat expliciet een "maximum prijs" wordt genoemd.
* Administratieve verwerking: De brief bevat belangrijke marginalia. De ontvanger (de Visafslag) heeft de brief intern beoordeeld (notitie "Mr. Stam, advies") en vervolgens besloten de zaak door te geleiden naar de "N.V.C.".
* Regulering: De term "maximum prijs" en de noodzaak om te overleggen met de N.V.C. wijzen op de strakke economische regulering tijdens de Tweede Wereldoorlog. Er bestond onduidelijkheid of de groothandel de vis wel "vrij" (buiten de reguliere distributie om) mocht aanbieden. Dit document stamt uit juli 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening en de handel in vis aan strenge regels gebonden. De N.V.C. staat hoogstwaarschijnlijk voor het Nederlandsch Visscherij-Centrum, de organisatie die door de bezetter was ingesteld om toezicht te houden op de visserijsector en de prijsvorming. De brief toont de bureaucratische realiteit van die tijd: zelfs voor het aanbieden van een partij zeebliek moest worden gecontroleerd of dit binnen de geldende verordeningen viel en was afstemming tussen lokale afslagen en centrale controleorganen noodzakelijk.