Brief/Ambtelijke correspondentie (kopie of klad).
Origineel
Brief/Ambtelijke correspondentie (kopie of klad). 25 oktober 1943. Bedrijfschap voor Visscherijproducten. A’dam, 25/10 43
Bedrijfschap voor Visscherijproducten.
46 I/281/2
Naar aanleiding van Uw brief dd. 6 sept. jl. no. 22016/AZ/Hi bericht ik U, dat het verzoek van H. Marinus i.z. overschrijving van de toewijzing van visch van zijn vader S.C. Marinus op zijn naam, is behandeld in een vergadering der Verdeelingscommissie. Deze commissie kon zich met een en ander vereenigen, omdat H. Marinus reeds practisch de zaken van zijn vader waarneemt. Zij heeft echter den eisch gesteld, dat Marinus Sr. schriftelijk afstand van alle rechten ten behoeve van zijn zoon zou doen, hetgeen inmiddels is geschied. Waar ook het gen. Bestuur... De brief betreft een administratieve afhandeling door het Bedrijfschap voor Visscherijproducten. De kern van de zaak is de overdracht van een officiële vis-toewijzing (een quotum of vergunning om vis te mogen ontvangen/verhandelen) van vader S.C. Marinus naar zijn zoon H. Marinus.
De 'Verdeelingscommissie' heeft hierover geoordeeld en gaat akkoord, mits er voldaan wordt aan de formele eis dat de vader schriftelijk afstand doet van zijn rechten. De brief bevestigt dat dit inmiddels is gebeurd. De tekst breekt onderaan de pagina af midden in een zin over het 'genoemde Bestuur'. Dit document stamt uit oktober 1943, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Bedrijfschappen waren publiekrechtelijke organisaties die door de bezetter waren ingesteld (of omgevormd) om de economie strak te reguleren.
In een tijd van schaarste en distributie was vis een cruciaal voedingsmiddel. De toewijzing van vis was streng aan regels gebonden. Het feit dat een zoon de zaken van zijn vader "practisch" al waarnam, was een geldige reden voor de overheid om de officiële papieren aan de nieuwe generatie over te dragen, zodat de continuïteit van de voedselvoorziening gewaarborgd bleef. De juridische striktheid (het schriftelijk afstand doen van rechten) is typerend voor de bureaucratische aard van de Nederlandse administratie onder het bewind van de bezetter. H. Marinus S.C. Marinus Bedrijfschap
Samenvatting
De brief betreft een administratieve afhandeling door het Bedrijfschap voor Visscherijproducten. De kern van de zaak is de overdracht van een officiële vis-toewijzing (een quotum of vergunning om vis te mogen ontvangen/verhandelen) van vader S.C. Marinus naar zijn zoon H. Marinus.
De 'Verdeelingscommissie' heeft hierover geoordeeld en gaat akkoord, mits er voldaan wordt aan de formele eis dat de vader schriftelijk afstand doet van zijn rechten. De brief bevestigt dat dit inmiddels is gebeurd. De tekst breekt onderaan de pagina af midden in een zin over het 'genoemde Bestuur'.
Historische Context
Dit document stamt uit oktober 1943, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Bedrijfschappen waren publiekrechtelijke organisaties die door de bezetter waren ingesteld (of omgevormd) om de economie strak te reguleren.
In een tijd van schaarste en distributie was vis een cruciaal voedingsmiddel. De toewijzing van vis was streng aan regels gebonden. Het feit dat een zoon de zaken van zijn vader "practisch" al waarnam, was een geldige reden voor de overheid om de officiële papieren aan de nieuwe generatie over te dragen, zodat de continuïteit van de voedselvoorziening gewaarborgd bleef. De juridische striktheid (het schriftelijk afstand doen van rechten) is typerend voor de bureaucratische aard van de Nederlandse administratie onder het bewind van de bezetter.