Handgeschreven brief (verzoek om een persoonlijk onderhoud).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoek om een persoonlijk onderhoud). 1943 (vermeld in stempel/koptekst). No. 53/17/M. 1943 7/4 [stempel/kop]
Geachte Meneer [marge-aantekening: niet bediend Stb]
zou ik u ook as je blieft
per zoon lijk te spreken
kunnen krijgen want
het gaat over mijn
mark-kaart ik ben
om mijn kaart ge
weest maar ik kreeg
hem niet en dat vin
ik niet zoo mooi
als ik bij u mocht komen
dan zal ik u het
wel vertellen hoe
het in me kaar zit
meneer ik hoop dat
u mij n zoo gauw
molijk bericht te
rug sturt.
Hoogachtent Jogstery [?]
77 * Taal en spelling: De brief is geschreven in een eenvoudige stijl die dicht bij de spreektaal ligt. Er zijn veel fonetische spelfouten die typerend zijn voor iemand met beperkt formeel onderwijs (bijv. "as je blieft" voor alstublieft, "per zoon lijk" voor persoonlijk, "vin" voor vind, "me kaar" voor mekaar, "molijk" voor mogelijk, "sturt" voor stuurt).
* Inhoud: De afzender beklaagt zich over het feit dat hij/zij een "mark-kaart" (waarschijnlijk een distributiekaart of marktkaart) niet heeft ontvangen na hiervoor ergens te zijn langsgegaan. De schrijver vindt dit onrechtvaardig ("dat vin ik niet zoo mooi") en vraagt om een persoonlijk gesprek met de betreffende functionaris om de situatie mondeling toe te lichten.
* Toon: De brief is beleefd doch dringend. De herhaalde aanspreektitel "meneer" en de afsluiting "Hoogachtent" getuigen van respect voor de hiërarchie. * Historische periode: De brief dateert uit 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* Distributiestelsel: Tijdens de oorlog was bijna alles "op de bon". Burgers hadden distributiebescheiden (kaarten en bonnen) nodig om aan voedsel, brandstof en kleding te komen. Het niet ontvangen van een dergelijke kaart was een ernstig probleem dat de directe bestaanszekerheid bedreigde.
* Administratieve achtergrond: Het stempel bovenaan suggereert dat deze brief deel uitmaakt van een officieel archief, mogelijk van een plaatselijke Distributiedienst of gemeentesecretarie. De handgeschreven aantekening in de marge ("niet bediend") en het nummer "77" wijzen op de ambtelijke verwerking van het verzoek. De frustratie van de burger over de bureaucratie is in deze korte tekst duidelijk voelbaar.
Samenvatting
- Taal en spelling: De brief is geschreven in een eenvoudige stijl die dicht bij de spreektaal ligt. Er zijn veel fonetische spelfouten die typerend zijn voor iemand met beperkt formeel onderwijs (bijv. "as je blieft" voor alstublieft, "per zoon lijk" voor persoonlijk, "vin" voor vind, "me kaar" voor mekaar, "molijk" voor mogelijk, "sturt" voor stuurt).
- Inhoud: De afzender beklaagt zich over het feit dat hij/zij een "mark-kaart" (waarschijnlijk een distributiekaart of marktkaart) niet heeft ontvangen na hiervoor ergens te zijn langsgegaan. De schrijver vindt dit onrechtvaardig ("dat vin ik niet zoo mooi") en vraagt om een persoonlijk gesprek met de betreffende functionaris om de situatie mondeling toe te lichten.
- Toon: De brief is beleefd doch dringend. De herhaalde aanspreektitel "meneer" en de afsluiting "Hoogachtent" getuigen van respect voor de hiërarchie.
Historische Context
- Historische periode: De brief dateert uit 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
- Distributiestelsel: Tijdens de oorlog was bijna alles "op de bon". Burgers hadden distributiebescheiden (kaarten en bonnen) nodig om aan voedsel, brandstof en kleding te komen. Het niet ontvangen van een dergelijke kaart was een ernstig probleem dat de directe bestaanszekerheid bedreigde.
- Administratieve achtergrond: Het stempel bovenaan suggereert dat deze brief deel uitmaakt van een officieel archief, mogelijk van een plaatselijke Distributiedienst of gemeentesecretarie. De handgeschreven aantekening in de marge ("niet bediend") en het nummer "77" wijzen op de ambtelijke verwerking van het verzoek. De frustratie van de burger over de bureaucratie is in deze korte tekst duidelijk voelbaar.