Archiefdocument
Origineel
Jacques Sluyser.
25-9-1893.
Koopman (zie boven art. 1)
In het bezit van Alg: Verg:
was afgesloten een Vestigingsbesluit v. handelaar
onder No 602.99 .. L.W.M.
naar Amerika - voor 1-1-42
is wederzijds toe, tot
het kantoor verkoop afzien
in wezen de fictieve productie
Heeft recht op levering in
Westerbork als een verkoop
na Maschack in [H... ?]
voor meubelen.
[Joodse / Vader?] { 5 kinderen.
Politie. - in 1940 Gelling (nu: niet bekend) De kern van dit document draait om de bureaucratische afwikkeling van de bezittingen van de familie Sluyser.
* Persoon: Het gaat om Jacques Sluyser, geboren op 25 september 1893 in Amsterdam. Hij was van beroep diamanthandelaar (hier genoteerd als 'Koopman').
* Bedrijfsvoering: De vermelding "Vestigingsbesluit v. handelaar" verwijst naar de anti-Joodse Verordening 189/1940, die de registratie en uiteindelijke liquidatie van Joodse ondernemingen verplichtte. De "fictieve productie" wijst mogelijk op pogingen om activa buiten het zicht van de bezetter te houden of op administratieve onregelmatigheden tijdens de onteigening.
* Emigratiepoging: De datum "voor 1-1-42" in combinatie met "Amerika" suggereert dat er getracht is te vluchten of dat er een visumprocedure liep.
* Deportatie en Inboedel: De expliciete vermelding van Westerbork en meubelen is kenmerkend voor de beroving van Joden. Inboedels (Hausrat) werden geregistreerd en geconfisqueerd zodra bewoners werden weggevoerd.
* Gezinssituatie: De notitie "5 kinderen" geeft de omvang van het gezin aan, dat direct getroffen werd door deze maatregelen. Dit document is een administratief overblijfsel van de systematische onteigening van de Joodse bevolking in Nederland. Jacques Sluyser werd in 1943 gedeporteerd. Historische bronnen bevestigen dat hij op 4 juni 1943 is vermoord in vernietigingskamp Sobibor. Zijn vrouw en drie van zijn kinderen kwamen eveneens om in de kampen. Dergelijke fiches werden vaak gebruikt om de status van onteigend vermogen bij te houden voor de 'Liquidatie van het Vermogen van de Joodse Bevolking' (LIRO) of na de oorlog voor het rechtsherstel. Liro Omnia Politie
Samenvatting
De kern van dit document draait om de bureaucratische afwikkeling van de bezittingen van de familie Sluyser.
* Persoon: Het gaat om Jacques Sluyser, geboren op 25 september 1893 in Amsterdam. Hij was van beroep diamanthandelaar (hier genoteerd als 'Koopman').
* Bedrijfsvoering: De vermelding "Vestigingsbesluit v. handelaar" verwijst naar de anti-Joodse Verordening 189/1940, die de registratie en uiteindelijke liquidatie van Joodse ondernemingen verplichtte. De "fictieve productie" wijst mogelijk op pogingen om activa buiten het zicht van de bezetter te houden of op administratieve onregelmatigheden tijdens de onteigening.
* Emigratiepoging: De datum "voor 1-1-42" in combinatie met "Amerika" suggereert dat er getracht is te vluchten of dat er een visumprocedure liep.
* Deportatie en Inboedel: De expliciete vermelding van Westerbork en meubelen is kenmerkend voor de beroving van Joden. Inboedels (Hausrat) werden geregistreerd en geconfisqueerd zodra bewoners werden weggevoerd.
* Gezinssituatie: De notitie "5 kinderen" geeft de omvang van het gezin aan, dat direct getroffen werd door deze maatregelen.
Historische Context
Dit document is een administratief overblijfsel van de systematische onteigening van de Joodse bevolking in Nederland. Jacques Sluyser werd in 1943 gedeporteerd. Historische bronnen bevestigen dat hij op 4 juni 1943 is vermoord in vernietigingskamp Sobibor. Zijn vrouw en drie van zijn kinderen kwamen eveneens om in de kampen. Dergelijke fiches werden vaak gebruikt om de status van onteigend vermogen bij te houden voor de 'Liquidatie van het Vermogen van de Joodse Bevolking' (LIRO) of na de oorlog voor het rechtsherstel.