Gerechtelijk schrijven / Tuchtbeschikking (tuchtrechtelijke uitspraak).
Origineel
Gerechtelijk schrijven / Tuchtbeschikking (tuchtrechtelijke uitspraak). Gerechtelijk schrijven No. 15.694.
Dossier No.: 33389/93.
TUCHTBESCHIKKING
in de zaak van: LEENDERT VAN SMERDIJK,
geboren te Haarlemmermeer, 14 Maart 1910,
van beroep grossier in groenten en fruit,
wonende te Halfweg, Gem. Haarlemmerliede en Spaarnwoude, Claes van Kietestraat No. 3;
De Inspecteur voor de Prijsbeheersching te Amsterdam,
Gelet op het Prijsbeheerschingsbesluit en de Prijzenbeschikking 1941 Groenten, Fruit en Vroege Aardappelen;
Gezien het proces-verbaal van den 12den Januari 1943 van J. Harse en H. B. Trijber, beiden opsporingsambtenaar als bedoeld bij artikel 24 van het Prijsbeheerschingsbesluit,
bevattende de door den verdachte tegenover den opsporingsambtenaar afgelegde verantwoording;
Gezien de schriftelijke verantwoording van den verdachte;
Gehoord de mondelinge verantwoording van den verdachte, die daarbij werd bijgestaan door Mr. Th. Folkers, Advocaat en Procureur te Hilversum;
Overwegende:
dat in of omstreeks het tijdvak van 28 tot en met 31 December 1942 door verdachte zelf, zoomede door zijn broer Marinus Cornelis in opdracht, althans in naam, althans in dienst van verdachte, die het bedrijf van grossier in groenten uitoefent aan eenige detaillisten een groote partij witte uien is verkocht tegen prijzen van f. 0,25, f. 0,30 per kilogram, niettegenstaande de maximum-grossiersprijs van witte uien destijds f. 10,- per 100 kilogram bedroeg;
dat geen omstandigheden zijn gebleken welke verdachte het recht zouden hebben gegeven aldus te handelen.
[Stempel rechtsonder: BIJLAGE Nº 282]
[Code linksonder: K 1307 3138-12-41] Dit document is een tuchtbeschikking gericht tegen Leendert van Smerdijk, een groothandelaar (grossier) in groenten en fruit uit Halfweg. De kern van de zaak is economische fraude: de verdachte heeft, samen met zijn broer, witte uien verkocht aan detailhandelaren voor prijzen die aanzienlijk boven de wettelijk vastgestelde maximumprijs lagen.
De uien werden verkocht voor 25 tot 30 cent per kilo, terwijl de toegestane grossiersprijs slechts 10 cent per kilo bedroeg (f. 10,- per 100 kg). Dit betekent dat er een winstmarge werd gehanteerd die 2,5 tot 3 keer zo hoog was als toegestaan. De inspecteur stelt vast dat er geen verzachtende omstandigheden zijn die dit handelen rechtvaardigen. Het document dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Om schaarste en woekerprijzen te voorkomen, voerde de bezetter (en de Nederlandse administratie onder hun toezicht) een streng systeem van prijsbeheersing in. Het "Prijsbeheerschingsbesluit" en specifieke prijsbeschikkingen per productgroep moesten ervoor zorgen dat basislevensbehoeften betaalbaar bleven.
Handelaren die zich hier niet aan hielden, werden gezien als "prijsopdrijvers". De vervolging vond vaak plaats via de Inspecteur voor de Prijsbeheersching, die tuchtrechtelijke straffen kon opleggen (zoals boetes of het stilleggen van de zaak). Dit type documentatie is typerend voor de economische handhaving in oorlogstijd, waarbij de overheid fel optrad tegen de zwarte markt en prijsfraude om de voedselvoorziening stabiel te houden.