Handgeschreven ambtelijk rapport.
Origineel
Handgeschreven ambtelijk rapport. 28 oktober 1944 (datum van incident), 30 oktober 1944 (ondertekening). [Paars stempel linksboven:]
№ 21/05/1 M. 1944 31/10
[Rechtsboven:]
Den Heer
Directeur van het
marktwezen
[Midden:]
Rapport
Zaterdag 28 Oct 1944 te circa 15.30 uur
sprak ik de koopman G. v. Hilten
wonende Govert Flinckstraat 252 II h
amsterdam.
Op Donderdag 12 Oct 1944 hebben wij
van G v Hilten 2 schuiten appelen in
beslag genomen. Ons gesprek kwam toen
wederom op deze 2 schuiten. v Hilten
deelde mij 28 Oct toen het volgende mede.
Ik heb nu een papier gekregen ondertekend.
door Commissaris v Hilten (Burgemeester
Voûte. mijnheer Somme en mijnheer de Blauwe.
welke mij het recht geeft om appelen en peren
in te voeren. den Heer Pontel heeft
mij het recht gegeven om wanneer er
weer ambtenaren van het marktwezen
aan boord van het schip komen, deze
dan met een stuk ijzer van boord
te slaan.
[Rechtsonder:]
30/10. 44
[Handtekening: C a Engen] * Inhoud: Het document betreft een melding van een ambtenaar over een confrontatie met een Amsterdamse koopman, G. van Hilten. Na een eerdere inbeslagname van twee boten met appels op 12 oktober, uit de koopman op 28 oktober zware dreigementen aan het adres van de controleurs.
* Kern van het conflict: De koopman beweert nu officiële toestemming te hebben om fruit te verhandelen en dreigt met fysiek geweld ("met een stuk ijzer van boord te slaan") bij een volgende inspectie.
* Toon: De rapportage is zakelijk en neutraal van opzet, maar de inhoud getuigt van een zeer grimmige sfeer en expliciete agressie tegenover het controlerende apparaat van de gemeente.
* Opvallende namen: Er wordt verwezen naar Burgemeester Voûte (Edward Voûte), de pro-Duitse burgemeester van Amsterdam tijdens de bezetting. De koopman gebruikt deze namen om zijn eigen positie en zijn dreigement kracht bij te zetten. * Historische periode: Dit rapport is geschreven in oktober 1944. Nederland bevond zich midden in de Tweede Wereldoorlog en Amsterdam stond aan de vooravond van de Hongerwinter.
* Voedselschaarste: Voedsel was uiterst schaars en de handel was aan strikte regels en distributie onderworpen. Inbeslagnames door het Marktwezen waren bedoeld om de zwarte handel te bestrijden, maar leidden tot enorme frustratie en wanhoop bij handelaren en de bevolking.
* Collaboratie en Macht: De koopman beroept zich op autoriteit van de door de Duitsers aangestelde burgemeester Voûte en figuren als 'den Heer Pontel' (mogelijk een Duitse functionaris of iemand met nauwe banden met de bezetter). Dit illustreert hoe individuen probeerden de veranderde machtsstructuren van de bezetting te gebruiken om hun eigen (vaak illegale) handel te beschermen tegen lokale Nederlandse ambtenaren.
* Geweld: Het dreigement met een "stuk ijzer" is tekenend voor de verruwing van de zeden en de toenemende wetteloosheid en spanning in de stad naarmate de oorlogssituatie verergerde. C.A. Engen G. van Hilten Marktwezen