Handgeschreven brief / verzoekschrift.
Origineel
Handgeschreven brief / verzoekschrift. 15 mei 1939 (gebaseerd op het archiefstempel). B. Kok, Berendammerstraat 28, Volendam. "Mijn Heer de Directeur" (waarschijnlijk van de Dienst der Markten of een sociale dienst). [Stempel:] № 28 / 60 / M. 1939 15/5
Mijn Heer de Directeur
Daar mijn vrouw een gal blaar lijder
is en ik nog steeds aan de werkverschaffing
ben en bezig ben om toeslag op mijn
bedrijf te krijgen maar dat is nog niet
toe gestaan verzoek ik behulp of mijn
dochter nog een verguning verlengen wijst
om voor mij de plaats op de markt
op de Lindegracht mag innemen
zoo lang als het andere voor me kan
u onder geteekende bedankt
u bij voorbaat in afwachting
B Kok
Berendammerstraat 28
Volendam
[Rechtsonder:] 28 Het document is een schrijnend verzoekschrift van een inwoner uit Volendam aan een ambtelijke instantie, vermoedelijk in Amsterdam (gezien de referentie naar de Lindegracht). De schrijver, B. Kok, verkeert in een precaire sociaaleconomische positie. Zijn echtgenote is ziek ("gal blaar lijder") en hijzelf is werkzaam in de "werkverschaffing", een tewerkstellingsproject voor werklozen.
De kern van het verzoek is een vergunningskwestie: Kok vraagt of zijn dochter zijn vaste staanplaats op de markt aan de Lindegracht mag overnemen zolang zijn eigen zakelijke en financiële situatie (de aanvraag voor een bedrijfstoeslag) nog niet is afgehandeld. Het taalgebruik is eenvoudig en bevat diverse spellings- en grammaticale fouten (zoals "gal blaar lijder", "verguning", "onder geteekende"), wat wijst op een schrijver uit de arbeidersklasse. Dit document stamt uit mei 1939, de late jaren van de Grote Depressie in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De genoemde "werkverschaffing" was een destijds veelvoorkomend systeem waarbij werklozen door de overheid werden ingezet bij grote infrastructurele projecten (zoals het graven van het Amsterdamse Bos) tegen een loon dat net boven het steunniveau lag.
De Lindegracht in de Amsterdamse Jordaan was (en is) een bekende locatie voor markten. Voor kleine zelfstandigen en marktkooplieden was het behoud van een staanplaats cruciaal voor het overleven van het gezin. De brief illustreert de bureaucratische hindernissen waar burgers tegenaan liepen wanneer ziekte of werkloosheid het reguliere inkomen in gevaar bracht. De archiefstempel suggereert dat het verzoek officieel is geregistreerd in een gemeentelijk of provinciaal dossier. B. Kok