Archiefdocument
Origineel
27 Mei 1944. De Heer Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam. (Bovenaan rechts, handgeschreven paginanummer:) 106
Politiepresident te Amsterdam
Recherche-dienst
Hoofdafdeeling.
---
Inspectie II-d.
---
RA II-d -
Di No. 1-2
Amsterdam, 27 Mei 1944.
Verzoeke bij beantwoording datum, letter en nummer van dit schrijven aan te halen.
(Handgeschreven notitie in blauwpotlood:) m. dw.
Ik heb de eer U het navolgende te berichten:
Bij gehouden contrôle op de houders van dierenasyls werd door verschillende bona-fide handelaren in kleine huisdieren gewezen op het feit, dat in den laatsten tijd op de algemeene dagmarkt het Amstelveld, alhier, weer honden ten verkoop worden aangevoerd, zulks in strijd met artikel 8 van de Verordening op den Dienst van het Marktwezen (Gemeenteblad 1937, afd. 3, volgnr. 60). Wordt hieraan niet ten strengste de hand gehouden, dan zal dit weer leiden tot allerlei ongewenschte toestanden, die aanleiding hebben gegeven, dat deze verbodsbepaling in het leven werd geroepen.
Ik moge U verzoeken in deze wel Uwe medewerking te willen verleenen door Uw onderhebbend personeel bovengenoemde verbodsbepaling in herinnering te doen brengen.
Coll.: (Paraaf)
De wnd. Politiepresident,
namens dezen:
De Commissaris der Staatsrecherche,
Chef Commissariaat II-A.,
(Handtekening: H. Holsbergen)
( H. Holsbergen).
(Kantlijn links, handgeschreven notities:)
H. Reym... 5/6 ?
Ambt. Amstelveld rapport 5-6-44 [onleesbaar]
*** Aan
den Heer Directeur van het Marktwezen,
Jan van Galenstraat 14,
A l h i e r .-W-.**
(Onderaan, groot blauw stempel:)
№ 24/3/1 - M.1944 31/5
(Rechts in rood potlood:) 202
(Onderaan rechts, drukkerijgegevens:) K 9665 M 176 - 4000-1-44 In deze correspondentie rapporteert de Amsterdamse Staatsrecherche een overtreding van de lokale marktverordening aan de Dienst van het Marktwezen. Tijdens inspecties bij dierenasiels hebben legitieme handelaren geklaagd over de illegale verkoop van honden op de dagmarkt aan het Amstelveld.
De brief verwijst specifiek naar Artikel 8 van een verordening uit 1937. De politie waarschuwt voor "ongewenschte toestanden" (zoals diefstal, illegale handel of gebrek aan hygiëne) als er niet strenger wordt gehandhaafd. De Commissaris verzoekt de Directeur van het Marktwezen om zijn personeel (marktmeesters) te instrueren de regels strikt na te leven. Handgeschreven notities in de kantlijn duiden erop dat de zaak kort daarna (5 juni 1944) door een ambtenaar is opgepakt en gerapporteerd. Dit document biedt een inkijkje in het dagelijks bestuur en de handhaving in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting (mei 1944). Hoewel Nederland op dat moment diep in de oorlog zat, bleven reguliere gemeentelijke diensten en politiediensten grotendeels functioneren volgens de vooroorlogse bureaucratische kaders.
De "Politiepresident" was een functie die door de bezetter was ingesteld om de grip op het politieapparaat te verstevigen. De handel in honden op het Amstelveld was een historisch fenomeen; dit plein stond al sinds de 19e eeuw bekend als een plek voor de verkoop van kleine dieren en planten. Dat er in 1944 over geklaagd werd door "bona-fide handelaren" suggereert dat de schaarste van de oorlogstijd mogelijk leidde tot een toename van illegale straathandel en zwarte marktpraktijken, waarbij de gevestigde handel de politie inschakelde om hun eigen belangen te beschermen. H. Holsbergen H. Reym Marktwezen Politie