Handgeschreven kladversie van een ambtelijke brief of memo.
Origineel
Handgeschreven kladversie van een ambtelijke brief of memo. [In de linkermarge, verticaal geschreven:]
FL (om accountant n dergel)
[Hoofdtekst:]
Hij op de [doorgehaald: Om.] ook? om te [doorgehaald: luister]
als groothandel aan bekend staat.
[doorgehaald: Bij nog nader onderzoek]
[doorgehaald: onder facturen hebben zijn]
[doorgehaald: geen feiten op de dag uit]
[doorgehaald: niets gebleken dat ontkent]
[doorgehaald: aan een staat]
Dat J. M. Flon in
werkelijkheid groothandel
zou hebben gedreven is
ook uit een nader bij
te stellen inspectie onderzoek
niet kunnen blijken.
Ingevolge de bij bovenbedoeld
[doorgehaald: gesprek] gedane toezegging,
zou ik thans gaarne
worden ingelicht omtrent
de resultaten van het [doorgehaald: door]
onderzoek [naar het
groothandelaarschap
van genoemden Flon; dat
vanwege uw Bedrijfschap
zou worden ingesteld.
[Onderaan rechts:]
J.D. Het document is een moeizaam geformuleerd concept voor een informatieverzoek. De schrijver probeert de juiste bewoordingen te vinden om te informeren naar een onderzoek naar de bedrijfsactiviteiten van een zekere J.M. Flon. De kernvraag is of deze persoon daadwerkelijk als groothandelaar opereerde.
De doorgehaalde tekstpassages suggereren dat er al een vooronderzoek is geweest (onder andere naar facturen), maar dat dit geen uitsluitsel gaf. De schrijver herinnert de geadresseerde aan een eerdere toezegging en vraagt nu formeel naar de resultaten van het onderzoek dat door het betreffende 'Bedrijfschap' zou worden uitgevoerd. De kanttekening in de marge ("om accountant n dergel") duidt erop dat de schrijver overweegt om ook accountantsverklaringen of soortgelijke bewijsstukken op te vragen. De term 'Bedrijfschap' verwijst naar de Publiekrechtelijke Bedrijfsorganisatie (PBO) in Nederland, een systeem dat vooral na 1950 vorm kreeg. Bedrijfschappen hadden verordenende bevoegdheden binnen hun sector.
In de naoorlogse periode was de controle op de status van ondernemers (zoals het onderscheid tussen detailhandel en groothandel) strikt gereguleerd in verband met vestigingswetten, belastingtarieven en de toewijzing van contingenten (grondstoffen of goederen). Het vaststellen of iemand daadwerkelijk "groothandel dreef" was cruciaal voor de juridische en economische status van een onderneming. Dit document is een typisch voorbeeld van de administratieve bewijsvoering en controle uit die periode. J.M. Flon M. Flon Bedrijfschap