Ambtsnotitie / Rapportageformulier van de Dienst van het Marktwezen.
Origineel
Ambtsnotitie / Rapportageformulier van de Dienst van het Marktwezen. 22 augustus 1939 (met latere aantekeningen op 23, 24 en 25 augustus 1939). [Linksboven, paarse stempel:]
Nº 28/107/1 M. 1339 $^{24}/_{8}$
Lindengracht.
[Rechtsboven:]
Aan den Inspecteur
v.h. Marktwezen
alhier.
[Midden:]
adres: Lijnbaansgracht 75
Niettegenstaande herhaalde waarschuwingen mijnerzijds, gaat plh No 183 W.W. M. Pitters toch door om zich te laten assisteren door een knecht.
Daar hij totaal mijne waarschuwingen negeert, verzoek ik maatregelen uwerzijds.
22 Augustus 1939.
[Handtekening:] Van Wolff
[Onderzijde, in rood potlood:] 28/107/2
[Onderzijde, linksonder:]
1e Melding — dus schriftelijke waarschuwing en opdracht aan oh. Wolff, Pitters scherp te controleeren en zoo noodig opnieuw te rapporteeren.
[Marginale notities onderaan:]
25/8/39 HB
rapport na w.
retour a.u.b. -> $^{24}/_{8} 39$ B.
HH 23/8 ’39 * Onderwerp: Een officiële klacht van een markttoezichthouder (mogelijk opzichter Wolff) over de heer M. Pitters, een marktkoopman ("plh" of plaatshebber) met nummer 183 op de Lindengracht (Westermarkt?).
* Overtreding: Pitters maakt gebruik van een assistent ("knecht"), wat blijkbaar in strijd is met zijn vergunning of de op dat moment geldende marktverordening, ondanks eerdere mondelinge waarschuwingen.
* Administratieve afhandeling: De notitie laat de hiërarchie zien. De inspecteur ontvangt het rapport en besluit tot een "1e Melding", wat resulteert in een officiële schriftelijke waarschuwing. De opzichter krijgt de opdracht de handelaar scherp in de gaten te blijven houden.
* Terminologie:
* plh: Plaatshebber (vergunninghouder van een marktkraam).
* W.W.: Vermoedelijk een verwijzing naar de Warenwet of een specifieke marktsectie (bijv. Westermarkt).
* oh. Wolff: Waarschijnlijk een afkorting voor "opzichter Wolff". Dit document stamt uit augustus 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de handhaving op de Amsterdamse markten zeer strikt. Marktkooplieden moesten zich aan strenge regels houden wat betreft hun standplaats en personeel. Het laten assisteren door een knecht zonder dat daarvoor toestemming was of zonder dat de plaatshebber zelf aanwezig was, was een veelvoorkomend punt van frictie tussen de Dienst van het Marktwezen en de handelaren. Het document illustreert de bureaucratische nauwkeurigheid van de gemeentelijke diensten in die tijd.