Getypte brief (doorslag of kopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag of kopie). 22 juli 1944. Waarschijnlijk de heer Sixma (Directeur Markthallen), gezien de aantekening onderaan. [Stempel linksboven:] Nº 37/70/1
[Blauw stempel midden:] M. 1944 24/7
[Rechtsboven:] 22 Juli 44
[Handgeschreven in rood:] v. d. Linden / M
Aan den Leider v.h. Bedrijfschap v. Groenten en Fruit.
Laan Copes van Cattenburch 62
den Haag.
Hooggeachte Heer van 't Riet,
Tot mijn ontsteltenis vernam ik, -wat naar alle waarschijnlijkheid op een misverstand berust- dat de geluidsinstallatie, waartoe eerst besloten was, niet wordt aangebracht.
Wat zijn de feiten?
Den heer Bos, afd. personeelzaken, die van nabij de desorganisatie door gemis aan voldoende contact tussen de belanghebbenden, gadesloeg, gaf ik in overweging zich direct met U, d.w.z. kantoor den Haag, afd. Verantwoordelijke Leiding, in verbinding te stellen en de heren te verzoeken, op korte termijn een geluidsinstallatie aan te brengen.
Dit is gebeurd. 's Middags hoorde ik, dat alles in orde was en de geluidsinstallatie zou worden aangelegd. Toen ik daarna den heer Sixma, Directeur Markthallen, er naar vroeg en op spoed aandrong, wat de aanleg betreft, verzocht genoemde heer me, even met den heer de Geus te komen om definitief een en ander vast te leggen. Dit is gebeurd. Op die bijeenkomst is overeengekomen, dat er getracht zou worden (in huur) een installatie te verkrijgen, kosten te dragen door het Bedrijfschap. Door den heer Sixma zijn toen direct maatregelen genomen.
Dit is voor mij de aanleiding geweest, in een studie, die hierbij gaat, Uw bedrijfschap moreel te geven, wat hem toekomt.
Ik verzoek U beleefd mij te willen berichten, wat de oorzaak is, dat genoemd besluit niet wordt uitgevoerd, opdat ik tot rectificatie kan overgaan.
Hoogachtend,
[Handgeschreven onderaan:] Kopie van den heer Sixma. De brief is een formele klacht of verzoek om opheldering over een misverstand binnen de bureaucratie van de voedselvoorziening tijdens de bezetting. De auteur (vermoedelijk iemand die nauw samenwerkte met de Markthallen of een rapporteur) spreekt zijn frustratie uit over het feit dat een overeengekomen plan voor een geluidsinstallatie in de Markthallen plotseling niet doorgaat.
Belangrijke punten:
* Bureaucratische frictie: De brief beschrijft een keten van communicatie tussen de afdeling personeelszaken (heer Bos), de directie van de Markthallen (heer Sixma) en het overkoepelende Bedrijfschap in Den Haag.
* Financiën: Er was afgesproken dat het Bedrijfschap de kosten voor de huur van de installatie zou dragen.
* De "studie": De auteur heeft blijkbaar net een rapport ("studie") voltooid waarin hij het Bedrijfschap prijst. Nu het besluit wordt teruggedraaid, voelt hij zich genoodzaakt dit te "rectificeren", wat gelezen kan worden als een lichte vorm van druk uitoefenen. Dit document stamt uit juli 1944, de periode van de Duitse bezetting van Nederland. De "Bedrijfschappen" waren publiekrechtelijke organisaties die door de bezetter waren ingesteld (of hervormd) om de economie en de voedselvoorziening strak te reguleren.
Geluidsinstallaties in markthallen waren in deze tijd niet alleen functioneel voor de handel, maar ook cruciaal voor het omroepen van luchtalarmen, instructies bij razzia's of officiële bekendmakingen van de autoriteiten. De nadruk op "spoed" en de betrokkenheid van hoge functionarissen suggereert dat het project een zekere prioriteit had binnen de organisatie van de voedseldistributie in de grote steden (waarschijnlijk Amsterdam of Rotterdam, waar grote Markthallen gevestigd waren). De brief geeft een inkijkje in hoe de administratieve molens bleven draaien, zelfs in de chaotische laatste oorlogsjaren.