Dienstbrief (doorslag/kopie).
Origineel
Dienstbrief (doorslag/kopie). 6 december 1944. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markthallen of een gerelateerde gemeentelijke dienst). [Linksboven, getypt:] 37/111/1M.
[Midden boven, getypt:] 1.
[Rechtsboven, handgeschreven:] Verzonden 6/12 [Onleesbaar/Paraaf] t.k
[Rechtsboven, getypt:] HB.
[Rechts, getypt:] 6 December 1944.
[Adres, getypt:]
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
============
[Inhoud, getypt:]
In bijlage dezes heb ik de eer U te doen
geworden een contract in duplo betreffende de
pakhuisafdeeling no.D.23 van pier D. op de
Centrale Markt.
Ik moge U beleefd verzoeken wel te willen
bevorderen, dat dit contract door den heer
Burgemeester wordt geteekend. Daarna gelieve U
het mij te doen terugzenden, teneinde voor regis-
tratie te kunnen zorgdragen.
[Onderschrift, getypt:]
De Directeur, * Onderwerp: Het document betreft de administratieve afhandeling van een huur- of gebruikscontract voor een specifieke pakhuisruimte (sectie D.23 op pier D) op het terrein van de Centrale Markt.
* Procedure: Er worden twee exemplaren (in duplo) verzonden. De directeur vraagt de wethouder om bemiddeling zodat de burgemeester de contracten ondertekent. Na ondertekening moeten de stukken terug naar de directeur voor de definitieve registratie.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is uiterst formeel en hoffelijk ("heb ik de eer U te doen geworden", "Ik moge U beleefd verzoeken"), wat kenmerkend is voor de ambtelijke correspondentie van die tijd.
* Handgeschreven notities: De aantekening "Verzonden 6/12" met de toevoeging "t.k." (ter kennisneming) geeft aan dat het verzendproces intern is gelogd. * Historische periode: De datum, 6 december 1944, plaatst dit document midden in de Tweede Wereldoorlog, specifiek tijdens de beruchte 'Hongerwinter' in het bezette westen van Nederland.
* Locatie: De "Centrale Markt" (tegenwoordig het Food Center Amsterdam in de wijk Bos en Lommer) was het cruciale knooppunt voor de voedselvoorziening van de stad.
* Relevantie: De functie van "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode van extreme voedselschaarste en distributie een van de meest kritieke posities binnen het stadsbestuur. Het feit dat de reguliere bureaucratie rondom pakhuiscontracten gewoon doorging, illustreert de poging om de logistieke infrastructuur voor voedsel, ondanks de oorlogsomstandigheden, formeel draaiende te houden. De burgemeester in deze periode was de door de bezetter aangestelde Edward Voûte.