Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen. 7 december 1944. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier. [Handgeschreven bovenin]: Verzonden 8/12
41/11/11M. 2. 7 December 1944.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
In bijlage dezes heb ik de eer U te doen
toekomen twee staten van ontvangen marktgelden
over de maand October 1944.
De Directeur, Deze brief is een formeel begeleidend schrijven bij een administratieve afdracht. De directeur van een gemeentelijke dienst (zeer waarschijnlijk de Dienst van het Marktwezen) stuurt twee overzichten ("staten") van de geïnde marktgelden van oktober 1944 naar de verantwoordelijke wethouder. De toon is uiterst formeel ("heb ik de eer U te doen toekomen"), wat typerend is voor de ambtelijke correspondentie van die tijd. De handgeschreven aantekening wijst erop dat de brief een dag na datering daadwerkelijk is verstuurd. Het document dateert uit december 1944, een kritieke periode in de Nederlandse geschiedenis. Terwijl het zuiden van Nederland al was bevrijd, bevond West-Nederland zich in de greep van de bezetting en het begin van de Hongerwinter.
De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode een van de meest cruciale posten in het lokale bestuur, verantwoordelijk voor de uiterst schaarse voedselvoorziening en distributie. Dat de administratie van marktgelden (gelden betaald door marktkooplieden voor hun standplaats) gewoon doorging, illustreert hoe het ambtelijk apparaat onder de bezetting probeerde te blijven functioneren, zelfs tijdens de diepste crisis van de oorlog. De markt was op dat moment een van de weinige plekken waar – vaak onder strikte regels en distributie – nog enig voedsel te verkrijgen was. Marktwezen
Samenvatting
Deze brief is een formeel begeleidend schrijven bij een administratieve afdracht. De directeur van een gemeentelijke dienst (zeer waarschijnlijk de Dienst van het Marktwezen) stuurt twee overzichten ("staten") van de geïnde marktgelden van oktober 1944 naar de verantwoordelijke wethouder. De toon is uiterst formeel ("heb ik de eer U te doen toekomen"), wat typerend is voor de ambtelijke correspondentie van die tijd. De handgeschreven aantekening wijst erop dat de brief een dag na datering daadwerkelijk is verstuurd.
Historische Context
Het document dateert uit december 1944, een kritieke periode in de Nederlandse geschiedenis. Terwijl het zuiden van Nederland al was bevrijd, bevond West-Nederland zich in de greep van de bezetting en het begin van de Hongerwinter.
De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode een van de meest cruciale posten in het lokale bestuur, verantwoordelijk voor de uiterst schaarse voedselvoorziening en distributie. Dat de administratie van marktgelden (gelden betaald door marktkooplieden voor hun standplaats) gewoon doorging, illustreert hoe het ambtelijk apparaat onder de bezetting probeerde te blijven functioneren, zelfs tijdens de diepste crisis van de oorlog. De markt was op dat moment een van de weinige plekken waar – vaak onder strikte regels en distributie – nog enig voedsel te verkrijgen was.