Handgeschreven brief/concept.
Origineel
Handgeschreven brief/concept. 12 mei 1944. Vischaanvoer
46 A/41/6 [in rood]
A’dam, 12/5 1944
W. B. M. [Stempel:] Spoed
Hiermede hebben de onder-
getekenden de eer voor het volgende
Uw aandacht te vragen.
Zooals U weet wordt
sedert 25 Maart jl. te Amsterdam
hier veel zeevisch uit Scheveningen
aangevoerd; in een bepaalde week
bedroeg het aanvoerscijfer zelfs
ruim 100.000 kg. In verband
hiermede is het aantal verkoop-
plaatsen met zes uitgebreid,
er werd een mobile colonne
geformeerd en er werd meer
personeel aangesteld. ~~Deze gun-~~
~~stige toestand is alweer in het onzekere~~
~~gevallen en dreigt~~ wordt thans
~~komen te verkeeren~~
evenwel ernstig benadeeld
door de maatregelen, welke
buiten ons om te
Den Haag zijn getroffen en
welke ons een dezer dagen
door den Directeur van het
Bedrijfschap van Visscherij- Het document is een ambtelijk schrijven of een concept daarvan, gericht aan een hogere instantie (mogelijk binnen het gemeentebestuur van Amsterdam, gezien de initialen W.B.M., wat kan staan voor 'Wethouder voor de Bedrijven der Gemeente').
De kern van de boodschap is dat de succesvolle aanvoer van zeevis uit Scheveningen naar Amsterdam — die op dat moment een enorme omvang van meer dan 100 ton per week had bereikt — in gevaar komt. Om deze hoeveelheden te verwerken, had de stad Amsterdam flink geïnvesteerd in extra verkooppunten, een "mobiele colonne" (voor distributie) en extra personeel.
De schrijver klaagt dat nieuwe maatregelen die in Den Haag zijn genomen (door het Bedrijfschap van Visscherij) buiten de Amsterdamse instanties om zijn besloten. Deze maatregelen dreigen de zorgvuldig opgebouwde distributieketen te schaden. De doorhalingen in de laatste alinea suggereren dat de schrijver zocht naar de juiste toon om de ernst van de situatie te benadrukken zonder de bureaucratische verhoudingen te veel op scherp te zetten. Dit document stamt uit mei 1944, de late fase van de Duitse bezetting van Nederland. Voedselvoorziening was in deze periode een kritieke prioriteit en een bron van constante spanning tussen lokale besturen en centrale (door de bezetter gecontroleerde) organen zoals de Bedrijfschappen.
De aanvoer van vis uit Scheveningen was cruciaal voor de Amsterdamse bevolking, die kampte met toenemende tekorten. De "mobiele colonne" verwijst waarschijnlijk naar een speciaal transportteam dat de vis snel over de stad moest verspreiden voordat deze bedierf. De brief illustreert de bureaucratische strijd om autonomie en middelen in een tijd van schaarste, slechts enkele maanden voordat de spoorwegstaking en de Hongerwinter de situatie in West-Nederland volledig zouden doen escaleren.