Getypte brief (doorslag/kopie) met handgeschreven aantekening.
Origineel
Getypte brief (doorslag/kopie) met handgeschreven aantekening. 18 april 1944. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen of de Voedselvoorziening Amsterdam). De waarnemend Politiepresident van Amsterdam. [Handgeschreven tekst bovenaan:]
Verzonden 18/4
46a/64/1M. vD/SV.
18 April 1944.
den Heer waarnemend Politie-
president,
Marinestraat 260-264,
Amsterdam-Centrum.
===================
In aansluiting op het telefonisch gesprek, dat dezerzijds een dezer dagen met Uwen Heer Gaaikema is gevoerd, heb ik de eer U te berichten, dat het in het voornemen ligt van het Gemeentebestuur om in verband met de zeer groote vischaanvoeren van de laatste weken, waardoor op de bestaande negen verkoopplaatsen een grooten toeloop van publiek ontstaat, een zestal nieuwe verkoopplaatsen voor visch aan te wijzen.
Deze zullen vermoedelijk zijn de aan de voet van dit schrijven genoemde. Teneinde evenwel gewaarborgd te zijn, dat de regeling in de practijk goed kan worden uitgevoerd, is het noodzakelijk, dat Uwerzijds op deze punten, wanneer aldaar visch wordt aangevoerd, voor voldoende politie-assistentie wordt zorggedragen, Zooals dit ook reeds op de bestaande verkoopplaatsen het geval is.
Aangezien de Burgemeester van plan is om reeds deze week een besluit betreffende de nieuwe verkoopplaatsen te nemen, zou ik het zeer op prijs stellen, indien ik op korten termijn van U zou kunnen vernemen, of U bereid is voor de noodige assistentie zorg te dragen.
De Directeur,
Kattenburgerplein
Lekstraat bij Rijnstraat
Surinameplein
Pretoriusplein
Tuindorp-Oostzaan
Betondorp * Inhoud: De brief kaart een logistiek probleem aan tijdens de Tweede Wereldoorlog: door een tijdelijk grote aanvoer van vis ontstaan er te grote menigten bij de bestaande negen verkooppunten. Om de orde te handhaven en de distributie te spreiden, wil de gemeente zes nieuwe locaties openen in verschillende wijken van de stad (Oost, West, Zuid, Noord en Centrum).
* Bestuurlijke context: Er wordt gerefereerd aan een besluit van de Burgemeester dat op korte termijn (dezelfde week) genomen moet worden. Dit wijst op een noodzaak tot snel handelen in de voedselvoorziening.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is uiterst formeel ("heb ik de eer U te berichten", "Uwerzijds") en hanteert de destijds geldende spelling (bijv. "visch", "groote", "practijk").
* Veiligheid: De expliciete vraag om "politie-assistentie" benadrukt de spanningen rondom voedseldistributie in 1944. Grote groepen mensen die wachten op schaars voedsel vormden een risico voor de openbare orde. Deze brief is geschreven in april 1944, enkele maanden voor de invasie in Normandië en het begin van de Hongerwinter. Hoewel er in deze periode al sprake was van grote tekorten aan vlees en andere levensmiddelen, waren er incidentele pieken in de visaanvoer (bijvoorbeeld door gunstige vangstomstandigheden op het IJsselmeer of de Noordzee voor zover toegestaan).
De adressering aan de "waarnemend Politiepresident" aan de Marinestraat (het hoofdbureau van de Amsterdamse politie) is veelzeggend. In deze fase van de bezetting stond de politie onder streng toezicht van de Duitse autoriteiten. De "Heer Gaaikema" waarnaar wordt verwezen, was een officier bij de Amsterdamse politie die zich bezighield met de handhaving bij markten en distributie. De genoemde locaties, zoals het Surinameplein en Betondorp, laten zien dat de gemeente probeerde de voedselvoorziening tot diep in de woonwijken te organiseren om reistijden en samenscholingen in het centrum te beperken.