Archief 745
Inventaris 745-431
Pagina 260
Dossier 100
Jaar 1944
Stadsarchief

Verzoekschrift / Petitie

28 april 1944 Van: Johanna Wilhelmina Kortlevers (weduwe van Theo L. Helsloot) Aan: WelEd.Geb. Heer K. Lammers, Kl. Kattenburgerstraat 79, Amsterdam.

Origineel

Verzoekschrift / Petitie 28 april 1944 Johanna Wilhelmina Kortlevers (weduwe van Theo L. Helsloot) WelEd.Geb. Heer K. Lammers, Kl. Kattenburgerstraat 79, Amsterdam. [Getypt en gestempeld in de bovenmarge]
In zake: Nº 46/4/3/3 M. 1944 2/5
Verzoek Toewijzing Visch.
van Wed. Johanna Wilhelmina Kortlevers.
Echtgenoote van Theo L.Helsloot.
Lange Leidsche dwarsstraat 89, Amsterdam.


                                     Amsterdam, 28-4-1944.

[Linksboven handgeschreven notitie in blauw krijt/potlood]
bericht aan
Ter Aar
zie enveloppe
[onleesbaar paraaf]

[Rechtsboven handgeschreven notitie]
v.w. msp.

WelEd.Geb.Heer K.LAMMERS,
Kl.Kattenburgerstraat 79.
A m s t e r d a m.

WelEd.Geb.Heer.

Geeft met verschuldigden eerbied te kennen:
JOHANNA WILHELMINA KORTLEVERS,
Echtgenoote van wijlen Theo L.Helsloot, wonende aan de Lange
Leidsche dwarsstraat 89 te Amsterdam.
Dat zooals UEd. bekend is haar Echtgenoot is overleden en zij
aldus is achtergebleven zonder middel van bestaan en toch als
Moeder van 10 kinderen is aangewezen om in het noodzakelijk
levensonderhoud van haar en de 10 kinderen te voorzien.
Dat haar Echtgenoot voornoemd in het bezit was van eene TOEWIJZING
met standplaats Alb.Cuypstraat.
Dat het voor haar van het aller grootste belang zoude zijn indien
genoemde TOEWIJZING op haar naam of die van haar oudste zoon
werde gesteld.
Dat haar Echtgenoot wel is waar de laatste tijd werkzaam was in
de Verhuizing, doch dat zulks heeft plaats gevonden in overleg en
met instemming van Uwe Instelling.
Dat dit laatste was een werkkring van zeer korte en wisselvallige
tijdsduur, zoodat door hem, eveneens met Uw medeweten en goed-
keuring de huur der STANDPLAATS ALB/CUYPSTRAAT ad f 5.85 per maand
steeds door hem is betaald geworden.
Dat zij nu moet leven met het vooruitzicht op een leven van
ARMOEDE, terwijl een eventueel beroep van haar op Maatsch/Hulpbetoon
veel kans heeft te worden afgewezen omreden er voor haar en haar
gezin een bestaans mogelijkheid bestaat indien haar verzoek om
eene toewijzing door Uwe instelling zoude worden ingewilligd.
Dat zij en ook haar oudste zoon gaarne bereid zijn dit verzoek
nader toe te lichten en dat eveneens haar zwager de Heer Joop
Helsloot, bereid is UEd. in dezen van advies te dienen.
Dat dit verzoek een gevolg is van den Noodtoestand waarin zij en
de 10 kinderen waarvan de oudste 18 en de jongste 6 jaar momen-
teel verkeeren.
Redenen waarom zij UEd. beleefd doch met gepasten aandrang ver-
zoekt dit verzoek in welwillende overweging te willen nemen
en haar, na het hoor en wederhoor te hebben toegepast een moge
het zijn gunstige beslissing te doen geworden.
Na UEd. bij voorbaat beleefd te hebben dank gezegd verblijve
met gevoelens van:
Hoogachting
Uw dw drs

[Handgeschreven handtekening]
Weduwe Helsloot Kortlevers

Amsterdam.
Lange Leidschr dwarsstraat 89.

[Rechtsonder handgeschreven krabbel/notitie]
oud m Dit document is een aangrijpende smeekbede van een weduwe aan een functionaris (mogelijk gelieerd aan de marktmeester of een distributie-instantie) in bezet Amsterdam. De kern van het verzoek is de overname van een marktvergunning ("Toewijzing Visch") voor de Albert Cuypmarkt, die voorheen op naam stond van haar overleden echtgenoot.

De brief schetst een schrijnend beeld van de sociale situatie: een gezin met tien kinderen waarvan de jongste zes is, dat zonder inkomen dreigt te vervallen in diepe armoede. De schrijfster benadrukt dat ze liever werkt (via de marktstand) dan afhankelijk te worden van het "Maatschappelijk Hulpbetoon" (de toenmalige sociale dienst).

Opvallend is de vermelding dat haar man "werkzaam was in de Verhuizing". In de context van Amsterdam 1944 is dit een beladen term: het duidt vaak op de "vorderingen" en het leeghalen van woningen van weggevoerde Joodse Amsterdammers door de firma Puls (het zgn. "pulsen"). De schrijfster benadrukt dat dit werk onstabiel was en dat haar man de huur voor zijn marktplaats (f 5,85 per maand) altijd is blijven betalen om de rechten erop te behouden. Het document dateert van april 1944, enkele maanden voor de Hongerwinter. De economische situatie in Nederland was op dat moment uiterst precair. Grondstoffen en voedsel waren schaars en strikt gerantsoeneerd. Een standplaats op een markt als de Albert Cuyp was van vitaal belang voor het overleven van een groot gezin, aangezien het toegang gaf tot handel en een bescheiden inkomen.

De bureaucratische toon van de brief, gecombineerd met de emotionele ondertoon ("Noodtoestand", "ARMOEDE" in hoofdletters), illustreert de machteloosheid van burgers tegenover de instanties tijdens de bezetting. De noodzaak om toestemming te vragen voor de overdracht van een vergunning aan een weduwe of zoon toont hoe strak de controle op de economische activiteit in die periode was.

Samenvatting

Dit document is een aangrijpende smeekbede van een weduwe aan een functionaris (mogelijk gelieerd aan de marktmeester of een distributie-instantie) in bezet Amsterdam. De kern van het verzoek is de overname van een marktvergunning ("Toewijzing Visch") voor de Albert Cuypmarkt, die voorheen op naam stond van haar overleden echtgenoot.

De brief schetst een schrijnend beeld van de sociale situatie: een gezin met tien kinderen waarvan de jongste zes is, dat zonder inkomen dreigt te vervallen in diepe armoede. De schrijfster benadrukt dat ze liever werkt (via de marktstand) dan afhankelijk te worden van het "Maatschappelijk Hulpbetoon" (de toenmalige sociale dienst).

Opvallend is de vermelding dat haar man "werkzaam was in de Verhuizing". In de context van Amsterdam 1944 is dit een beladen term: het duidt vaak op de "vorderingen" en het leeghalen van woningen van weggevoerde Joodse Amsterdammers door de firma Puls (het zgn. "pulsen"). De schrijfster benadrukt dat dit werk onstabiel was en dat haar man de huur voor zijn marktplaats (f 5,85 per maand) altijd is blijven betalen om de rechten erop te behouden.

Historische Context

Het document dateert van april 1944, enkele maanden voor de Hongerwinter. De economische situatie in Nederland was op dat moment uiterst precair. Grondstoffen en voedsel waren schaars en strikt gerantsoeneerd. Een standplaats op een markt als de Albert Cuyp was van vitaal belang voor het overleven van een groot gezin, aangezien het toegang gaf tot handel en een bescheiden inkomen.

De bureaucratische toon van de brief, gecombineerd met de emotionele ondertoon ("Noodtoestand", "ARMOEDE" in hoofdletters), illustreert de machteloosheid van burgers tegenover de instanties tijdens de bezetting. De noodzaak om toestemming te vragen voor de overdracht van een vergunning aan een weduwe of zoon toont hoe strak de controle op de economische activiteit in die periode was.

Locaties

Amsterdam

Kooplieden in dit dossier 18

Gerelateerde Documenten 6