Handgeschreven conceptnotitie of kladblad voor een juridisch/administratief besluit.
Origineel
Handgeschreven conceptnotitie of kladblad voor een juridisch/administratief besluit. [Opmerking: Doorgehaalde tekst is weergegeven met een horizontale streep.]
[bovenaan rechts:] geldt als norm dat
Zoals bekend zijn de
toewijzingen strikt persoonlijk.
~~totdat de toewijzing~~ vervalt wanneer de
betrokkene om de een of andere
reden niet meer in staat is
het bedrijf uit te oefenen.
Een toestand ~~die~~ zich in de
regel ~~voordoet~~ voordoet wanneer het
bedrijf als eenmansbedrijf
wordt uitgeoefend (zoals bijv.
in den straathandel). Is
de toewijzing verstrekt aan
een rechtspersoon (firma
n.v.) dan treedt het persoonlijk
element op den achtergrond. ~~Het~~
~~bestaan der zaak~~ De zaak
staat of valt ~~niet~~ in
de regel niet met het ~~als~~
~~dan~~ overlijden van een
bepaald persoon. ~~Het gaat~~
~~die door een ander persoon~~
~~gedreven worden zijn tot~~
~~op zekere hoogte gelijk te~~
~~stellen [twee regels diagonaal doorgehaald]~~
~~zaken die in winkels worden~~
~~uitgeoefend ook al [?]~~
~~[?]~~ De tekst behandelt de juridische aard van "toewijzingen" (waarschijnlijk vergunningen of toewijzingen van goederen/middelen in een gereguleerde economie). De kern van het betoog is het onderscheid tussen natuurlijke personen en rechtspersonen:
- Persoonlijke toewijzingen: Bij een eenmanszaak (zoals in de straathandel) is de toewijzing strikt persoonlijk gebonden aan de houder. Als deze de zaak niet meer kan voeren, vervalt de toewijzing.
- Toewijzingen aan rechtspersonen: Bij een firma of N.V. (naamloze vennootschap) is het persoonlijke element ondergeschikt. Het voortbestaan van de vergunning of toewijzing is hier niet afhankelijk van het leven van één specifiek persoon.
Het document is een werkversie, wat blijkt uit de vele correcties waarbij de auteur zoekt naar de juiste formulering om het juridische onderscheid scherp te krijgen. Gezien de termen 'toewijzing' en 'straathandel' in combinatie met het handschrift, stamt dit document zeer waarschijnlijk uit de periode van de wederopbouw of kort na de Tweede Wereldoorlog (ca. 1945-1955). In deze periode was er sprake van strikte distributie en vergunningsstelsels voor de uitoefening van bedrijfstakken. De tekst lijkt een toelichting te zijn op de geldigheid van dergelijke vergunningen bij overlijden of bedrijfsbeëindiging. De nummering '1.' suggereert dat dit het begin is van een langer betoog of advies.