Brief/verzoekschrift (onderdeel van een dossier voor maatschappelijke bijstand).
Origineel
Brief/verzoekschrift (onderdeel van een dossier voor maatschappelijke bijstand). H. Glinse, Kinkerstraat 266, Amsterdam (West). [Hoofdtekst in zwarte inkt]
mede op de vis mark zonder ook maar
een dag met Maatschappelijk hulpbe-
toon wat uit staande te hebben gehad.
Weled. Heer Siksma, misschien kan
ik langs deze weg op wat meer
sucses rekenen dan de drie vorige
malen
In afwachting
Mijn oprechte dank
H Glinse
Kinkerstraat 266
Amsterdam (West)
[Annotatie in rood]
[Doorgehaalde krabbel/handtekening]
M. Lubach ter onderzoek
3-7-44
S
[Annotatie in potlood]
Opbergen
Krijgt thans
Scheveningsche steun
12-7-44
de Boer * Inhoud: De afzender, H. Glinse, doet een herhaald verzoek (het vierde in totaal) om financiële ondersteuning. Hij benadrukt dat hij op de vismarkt heeft gewerkt zonder ooit aanspraak te maken op "Maatschappelijk hulpbetoon" (de toenmalige sociale dienst). De toon is beleefd doch enigszins wanhopig ("misschien kan ik langs deze weg op wat meer sucses rekenen").
* Bureaucratisch proces:
* Op 3 juli 1944 wordt het verzoek doorgegeven aan een zekere Lubach voor onderzoek (rode aantekening).
* Op 12 juli 1944 wordt het dossier afgesloten door "de Boer" met de mededeling "Opbergen".
* Besluit: De reden voor het afsluiten van het dossier is dat de betrokkene inmiddels "Scheveningsche steun" ontvangt. Dit was een specifieke vorm van uitkering voor mensen die (indirect) gedupeerd waren door de maatregelen in de kuststreek, zoals de evacuatie van Scheveningen voor de bouw van de Atlantikwall. Dit document biedt een inkijkje in de bitre armoede en de bureaucratische afhandeling van steunaanvragen in Amsterdam tijdens de laatste fase van de Tweede Wereldoorlog. In juli 1944, enkele maanden voor de Hongerwinter, heerste er grote schaarste. De Kinkerbuurt (waar de afzender woonde) was een volksbuurt die zwaar getroffen werd door de oorlogsomstandigheden. Het feit dat iemand drie keer eerder moest aankloppen voordat er een oplossing kwam (in dit geval de overheveling naar een andere steunregeling), is typerend voor de stroeve sociale hulpverlening in die tijd. De "Scheveningsche steun" suggereert dat de afzender mogelijk een geëvacueerde was of banden had met de Scheveningse visserij die door de oorlog was stilgelegd. H. Glinse M. Lubach