Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 28 april 1944. G.J. van Duivenbode, vischandelaar. [Rechtsboven, in potlood en rode inkt]
28 – 4 – 44
19
[onleesbare paraaf in rood: v. Puij? / v. Ind?]
[Midden boven]
M.M.
[Hoofdtekst]
Hiermede verzoek ik u edele beleefd om een
toewijzing van versche visch. Daar ik gedurende
den oorlog steeds in het buitenland heb gewerkt
was ik niet in de gelegenheid om het toen
der tijd aan te vragen. En haast mij nu als
nog hierom nu te verzoeken. Daar ik niet
meer naar het buitenland hoef wegens ziekte.
Ik ben tot 1941 steeds vishandelaar geweest
wat u ten alle tijden kunt controleeren.
Hopende zoo spoedig mogelijk antwoord
van u te mogen ontvangen
Teeken ik Hoogachtend
G J v Duivenbode
Vischhandelaar.
N.W. Achtergracht 69 I
Amsterdam C.
[Linker marge, verticaal]
Is behandeld à vergunning 516.
[onleesbare toevoeging]
[Stempels en ambtelijke aantekeningen onderaan]
Stempel links: No = 46 6/64/1
Paars stempel midden: M. 1944 2/5
Potloodnotitie links:
Is tot 1940 in Amsterdam
vishandelaar geweest.
Is toen in Zandvoort gaan
werken daarna in Deutschland
gewerkt, daar in de
vishandel geen brood was
te verdienen. Is in het bezit
van een ventvergunning voor alle soorten visch.
Zal erkenning aanvragen in de Haag.
Verticale notitie midden: 18-5-44 de heer [onleesbaar]
Notitie rechtsonder: oproepen 11-5-44 de heer [onleesbaar]
Rechtsonder hoek: 46 b
--- * Toon en taal: De brief is geschreven in een formele, beleefde stijl die gebruikelijk was voor officiële correspondentie in die tijd ("u edele beleefd", "Teeken ik Hoogachtend"). De spelling is conform de toen geldende normen (bijv. "versche visch").
* Inhoud: De heer Van Duivenbode verzoekt om een vergunning of toewijzing om weer vis te mogen verhandelen. Hij voert als reden voor zijn late aanvraag aan dat hij in het buitenland (Duitsland) heeft gewerkt en nu vanwege ziekte is teruggekeerd.
* Ambtelijke verwerking: De aantekeningen onderaan de brief tonen de verificatie door de instanties. Er wordt bevestigd dat hij voorheen vishandelaar was, maar dat hij naar Zandvoort en Duitsland vertrok omdat er in de vishandel "geen brood te verdienen was". Dit duidt op de economische malaise en de beperkingen in de visserij tijdens de eerste oorlogsjaren.
* Resultaat: Uit de kantlijn blijkt dat de aanvraag is behandeld en dat er een vergunning (nr. 516) is gekoppeld aan het dossier.
--- * Tijdsperiode: De brief dateert van april 1944, de late fase van de Duitse bezetting van Nederland.
* Schaarste en distributie: Tijdens de oorlog was de handel in levensmiddelen, waaronder vis, strikt gereguleerd door de bezetter en de Nederlandse overheid (distributiestelsel). Zonder officiële toewijzing of vergunning was legale handel onmogelijk.
* Arbeidseinsatz: De referentie naar werken in "het buitenland" (Duitsland) suggereert dat de afzender mogelijk via de Arbeitseinsatz tewerkgesteld is geweest, of vanwege gebrek aan inkomsten in Nederland vrijwillig (onder druk van omstandigheden) in Duitsland is gaan werken.
* Locatie: De Nieuwe Achtergracht in Amsterdam lag in de voormalige Joodse buurt, die in 1944 grotendeels was leeggehaald. Dit geeft een wrange achtergrond aan de pogingen van burgers om hun normale economische leven weer op te pakken te midden van de deportaties en schaarste.