Een juridisch-administratief document, specifiek een uittreksel uit een gemeentelijke verordening betreffende marktgelden.
Origineel
Een juridisch-administratief document, specifiek een uittreksel uit een gemeentelijke verordening betreffende marktgelden. [Pagina 2]
Volgn. 94 — 2 —
ART. 2
Ten aanzien van de Algemeene dag- en weekmarkten en de zg. Uilenburgmarkt wordt een belasting geheven wegens het innemen van een plaats op den als markt aangewezen openbaren gemeentegrond.
De in dit artikel bedoelde belasting wordt geheven van ieder, die een plaats inneemt of laat innemen.
ART. 3
Ten aanzien van de Brandstoffenmarkt wordt een belasting geheven wegens het innemen van een plaats in het als markt aangewezen openbare gemeentewater.
De in dit artikel bedoelde belasting wordt geheven van ieder, die een plaats inneemt of laat innemen.
ART. 4
Ten aanzien van de Boom- en bloemmarkt wordt een belasting geheven:
a wegens het innemen van een plaats op den als markt aangewezen openbaren gemeentegrond;
b wegens het innemen van een plaats in het als markt aangewezen openbare gemeentewater.
De in dit artikel bedoelde belasting wordt geheven van ieder, die een plaats inneemt of laat innemen.
ART. 5
Ten aanzien van de Vischmarkt wordt een belasting geheven:
a wegens den aanvoer van visch ter markt;
b wegens het gebruik maken van den afslag;
c wegens het verleenen van toegang tot het marktterrein en/of de vischhal.
De sub a en b bedoelde belasting wordt geheven van dengene, die de goederen, welke ter markt komen, aanvoert.
De sub c bedoelde belasting wordt, met uitzondering van de aanvoerders en hun personeel, geheven van dengene, wien toegang tot het marktterrein en/of de vischhal wordt verleend.
ART. 6
De grootte der plaatsen op de markten wordt, met inachtneming van daaromtrent door Burgemeester en Wethouders vast te stellen regels, door den directeur van het Marktwezen bepaald, met dien verstande, dat de plaatsen op de Centrale markt — met uitzondering van die in de hal — 10 m² en die in de hal op genoemde markt 15 m² bedragen.
ART. 7
Op de door Burgemeester en Wethouders aangewezen hulpmarkten is deze verordening mede van toepassing, voor zoover zij betrekking heeft op de overeenkomstige soort markt.
[Pagina 3]
— 3 — Gemeenteblad afd. 3
ART. 8
Onder laadvermogen wordt in deze verordening verstaan het in den meetbrief aangegeven laadvermogen. Bij ontbreken van bedoeld stuk wordt het laadvermogen door den dienstdoenden ambtenaar van den Dienst van het Marktwezen geschat.
ART. 9
De in de artikelen 1, 2, 3, 4 en 5 bedoelde belastingen, gezamenlijk onder den naam van marktgelden aangeduid, worden geheven volgens de onderstaande tarieven.
ART. 10
Burgemeester en Wethouders zijn bevoegd, in bijzondere gevallen, op gronden van billijkheid of gemeentebelang, vermindering of kwijtschelding van marktgeld te verleenen.
ART. 11
Bij de berekening van de volgens deze verordening te heffen bedragen wordt een gedeelte van een termijn, waarover de belasting verschuldigd is, met een geheelen termijn gelijk gesteld, behoudens het bepaalde in art. 18, tweede lid.
AFDEELING II
Van de Centrale markt.
ART. 12
De in artikel 1 sub a bedoelde belasting bedraagt per plaats, met uitzondering van de plaatsen in de derde en vierde alinea van dit artikel bedoeld:
a per kalendermaand ................................................. f 30
b per kalenderjaar ................................................. „ 300.
Burgemeester en Wethouders wijzen aan welke plaatsen op de markt voor tuinders bestemd zijn. Deze worden uitsluitend uitgegeven aan diegenen, die naar het oordeel van den directeur van het Marktwezen als tuinder zijn te beschouwen.
De in de vorige alinea bedoelde belasting bedraagt voor tuindersplaatsen per plaats per kalenderjaar........................................... f 90.
De in de eerste alinea bedoelde belasting bedraagt op het gedeelte der markt, dat door den directeur van het Marktwezen is aangewezen voor den uitsluitenden verkoop van bloemen, per plaats per kalendermaand f 20.
De in de eerste alinea bedoelde belasting is niet verschuldigd door den huurder van een afdeeling in een op het marktterrein gelegen pakhuis ten aanzien van de verkoopplaats gelegen vóór en ter breedte van die pakhuisafdeeling.
--- * Type document: Een juridisch-administratief document, specifiek een uittreksel uit een gemeentelijke verordening betreffende marktgelden.
* Belastingobjecten: Het document specificeert verschillende soorten markten waarvoor lig- of staanplaatsgeld betaald moet worden: algemene markten, de Uilenburgmarkt (bekende Amsterdamse markt), brandstoffenmarkt (vaak op het water), boom- en bloemmarkt, en de vismarkt (inclusief afslag- en toegangskosten).
* Terminologie: Gebruik van de term "marktgelden" als verzamelnaam voor deze specifieke gemeentelijke belastingen. Er is ook sprake van "meetbrieven" voor schepen om het laadvermogen te bepalen.
* Tarieven: De tarieven worden weergegeven in guldens (f). Opvallend is het grote prijsverschil tussen reguliere plaatsen (f 300 per jaar) en tuindersplaatsen (f 90 per jaar), wat duidt op een stimuleringsbeleid of bescherming van lokale producenten.
--- Dit document stamt uit de periode dat Amsterdam zijn marktwezen strak reguleerde, waarschijnlijk de jaren '30 of net na de Tweede Wereldoorlog (gezien de spelling en de vermelding van de Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat, die in 1934 opende).
De vermelding van de Uilenburgmarkt is historisch interessant; dit was een levendige markt in de Amsterdamse Jodenbuurt. De Centrale Markt was de groothandelsmarkt voor groenten, fruit en later ook andere waren. De verordening toont de complexiteit van de stedelijke distributie: er wordt onderscheid gemaakt tussen handel op de grond en handel vanaf het water (zoals bij de brandstoffen- en bloemenmarkt). Het document geeft inzicht in de economische structuur van de stad en hoe de gemeente via gedetailleerde regelgeving inkomsten genereerde uit commerciële activiteiten in de publieke ruimte.