A. Busnach
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Handgeschreven brief (ziekmelding/kennisgeving).
* **Inhoud:** De schrijfster, Mevr. A. Busnach, stelt een officiële instantie (waarschijnlijk de marktmeester of het Marktwezen) op de hoogte van haar ziekte. Ze voegt een doktersbewijs bij (niet afgebeeld) om te verklaren waarom zij haar standplaats op de markt niet kan innemen. * **Taalgebruik:** Formeel en beleefd ("Ondergetekende", "goede nota zal nemen", "Hoogachtend"). * **Handschrift:** Een duidelijk, geoefend cursief schrift uit het midden van de 20e eeuw. * **Beroep:** De toevoeging "Visscher" onder haar naam duidt hoogstwaarschijnlijk op haar beroep als visverkoopster, hoewel het ook een achternaam zou kunnen zijn. Gezien de context van de markt is een beroepsaanduiding aannemelijk.
Doorslag van een officiële brief (administratieve correspondentie).
* **Inhoud:** De brief is een officiële beschikking waarin mevrouw Busnach-Visscher toestemming krijgt om haar marktplaats op de Westermarkt tijdelijk niet te bezetten. * **Aanleiding:** Een verzoekschrift van de betrokkene van 12 januari 1940, waarin zij uitstel vroeg vanwege ziekte ("ongesteldheid"). * **Voorwaarden:** Het uitstel is tijdelijk (maximaal drie maanden). De belangrijkste voorwaarde is dat de financiële verplichting blijft bestaan: het wekelijkse marktgeld moet ondanks haar afwezigheid worden doorbetaald om de rechten op de standplaats te behouden. * **Administratieve context:** De afkorting "vP/HG" verwijst naar de opsteller en de typist van de brief. De handgeschreven notitie "Verzonden 26/1-'40" dient als bewijs voor de verzendadministratie.
Getypte brief (waarschijnlijk een doorslag of dossierkopie).
De brief betreft een officiële beschikking waarin aan mevrouw Busnach-Visscher ontheffing wordt verleend van haar aanwezigheidsplicht op de markt aan de Westerstraat. De aanleiding is haar "ongesteldheid", een term die destijds algemeen werd gebruikt voor ziekte of fysieke malaise. Het uitstel wordt verleend voor een periode van maximaal drie maanden. Opvallend is de administratieve voorwaarde: de marktvergunning blijft behouden, maar de betaling van het wekelijkse marktgeld mag niet worden onderbroken. Dit toont aan dat de financiële verplichting jegens de gemeente prevaleerde boven de persoonlijke medische omstandigheden van de marktkoopvrouw. De handgeschreven aantekeningen ("extra" en "2ex. fr. de Boer") wijzen op een zorgvuldige dossiervorming binnen de gemeentelijke administratie.
Brief / Verzoekschrift gericht aan de gemeente.
* **Inhoud:** De heer A. Busnach verzoekt de directeur van het Marktwezen om hem voor onbepaalde tijd te ontheffen van zijn standplaats op de markt. * **Reden:** De schrijver stelt dat hij uitsluitend handelt in "winterstoffen". In augustus 1940 was de handel in dergelijke textielgoederen door de Duitse bezetter aan banden gelegd of verboden (vaak vanwege de vordering van grondstoffen voor het leger of de invoer van distributiemaatregelen). Omdat hij niets anders te verkopen heeft, kan hij zijn standplaats niet rendabel exploiteren. * **Taalgebruik:** De brief is geschreven in een formele, enigszins archaïsche en uiterst beleefde stijl ("U Dienstwillige Dienaar"), passend bij de tijd en de hiërarchische verhouding tussen burger en overheid. Er zit een kleine grammaticale slordigheid in ("daar ik ik menen"), wat kan wijzen op emotie of een minder geoefende schrijver. * **Locatie:** Het adres Sint Anthoniesbreestraat en de rode annotatie "W’str / Mo’plein" (waarschijnlijk verwijzend naar de Waterloostraat en het Mozes en Aäronplein) plaatsen dit verzoek direct in het hart van de toenmalige Amsterdamse Jodenbuurt en de nabijgelegen marktgebieden (Waterlooplein).
Officiële brief (doorslag/doorschrijfexemplaar op dun papier).
* **Inhoud:** De brief is een formele afwijzing van een verzoek van Mej. A. Busnach. De directeur van het marktwezen deelt mee dat haar standplaats op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord) is ingetrokken wegens het niet betalen van marktgeld. Tevens krijgt zij een dwingende waarschuwing voor haar standplaats op de Westerstraat (de bekende markt in de Jordaan): deze moet zij minimaal drie keer per vier weken bezetten, anders verliest zij ook die plek. * **Toon:** De toon is strikt zakelijk, bureaucratisch en onverbiddelijk. Het woord 'niet' is onderstreept om de afwijzing te benadrukken. * **Administratieve context:** Het document is een doorslag van een getypte brief, wat gebruikelijk was voor de archivering van uitgaande post bij overheidsinstanties in die tijd. De codes "VP/HG" zijn waarschijnlijk de initialen van de behandelend ambtenaar en de typist(e).
Document
Deze brief is een formele afwijzing van een verzoek dat door Mej. Busnach was ingediend. Hoewel de specifieke inhoud van haar verzoek niet wordt vermeld, blijkt uit de reactie dat zij problemen had met haar marktplaatsen. De directeur meldt dat haar standplaats op de markt aan het Mosplein in Amsterdam-Noord reeds is ingetrokken vanwege een betalingsachterstand ("wanbetaling"). Verder bevat de brief een dwingende waarschuwing: zij moet haar overgebleven standplaats op de Westerstraat strikt volgens de regels gebruiken (minimaal driekwart van de tijd aanwezig zijn), anders zal ook deze vergunning worden ingetrokken. De onderstreping van het woord "niet" benadrukt de onverbiddelijkheid van de beslissing.
Document
Dit document is een officiële administratieve aanzegging van de dienst Marktwezen van de gemeente Amsterdam. De directie stelt Mej. A. Busnach op de hoogte van het voornemen om haar standplaatsvergunning op de Westerstraat-markt in te trekken. De reden die wordt opgegeven is het niet "regelmatig bezetten" van de marktplaats, wat een overtreding is van artikel 11 van het vigerende Reglement op de Markten. Er wordt gerefereerd aan een eerdere schriftelijke waarschuwing waaraan geen gevolg is gegeven. Voordat het definitieve besluit tot intrekking wordt genomen, krijgt de geadresseerde de gelegenheid om op 16 of 18 oktober 1940 te verschijnen voor een gesprek met de Inspecteur.
Archiefkaart van de Inspectie van het Marktwezen Amsterdam (Oproepkaart).
Het document is een officiële administratieve kaart van de Amsterdamse marktinspectie uit het eerste jaar van de Tweede Wereldoorlog. De kern van de zaak is een overtreding van de marktverordening door Mejuffrouw Anna Busnach: zij bezette haar vaste standplaats (nummer 148) op de Westerstraatmarkt niet regelmatig genoeg. Uit de aantekeningen blijkt een chronologie: 1. **27 september 1940:** Een eerste waarschuwing wordt gegeven (na een eerdere correctie van de datum 26-9). 2. **Oktober 1940:** Busnach wordt opgeroepen voor een gesprek op 16 of 18 oktober om 9 uur 's ochtends. 3. **18 oktober 1940:** Inspecteur De Haan noteert een afspraak ("schikking") waarbij Busnach belooft voortaan minimaal drie keer per vier weken haar plaats in te nemen om haar vergunning te behouden. 4. **29 oktober 1940:** Het dossier wordt voorlopig gesloten en gearchiveerd door een ambtenaar (mogelijk H. van Wolff).
Getypte brief/bevestiging (kopie of doorslag).
Dit document is een officiële verklaring van de gemeente Amsterdam (waarschijnlijk de Marktdienst) gericht aan Mejuffrouw A. Busnach. De brief dient als bewijs voor haar werkzaamheden als marktkoopvrouw op de Westerstraat gedurende de periode 1933-1940. Zij verkocht daar stoffen en zijde. Opvallend is dat de bevestiging ruim anderhalf jaar na het beëindigen van haar werkzaamheden op de markt wordt afgegeven, op verzoek van de betrokkene zelf (naar aanleiding van een briefkaart van 2 juni 1942).
Ambtelijke notitie / Bijblad (Model No. 14).
Dit document is een intern administratief verzoek en antwoord betreffende de werkzaamheden van Mej. A. Busnach als marktkoopvrouw. Uit de notitie blijkt dat zij gedurende zeven jaar (1933-1940) een vaste standplaats had op de markt in de Westerstraat in Amsterdam. De kern van de correspondentie is een vraag met "spoed" naar de aard van de goederen die zij verkocht. Het antwoord van de ambtenaar Houthoff op 6 juni 1942 luidt dat zij "stoffen" verkocht (de toevoeging "-zijn" lijkt een archaïsche of slordige wijze om aan te geven dat dit haar artikelen *waren*). Op 8 juni 1942 geeft Inspecteur Dekker toestemming om een officiële verklaring hierover af te geven.
Relevante Archieffragmenten
M. de Haan.
# TRANSCRIPTIE aanvoer 14 Dec In Kalestraat Zoetwatervisch (voorw) van A Fonn . a B Fonn en W Ruiter 80p 40p + 40p. aanvoerders A Fonn <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> || Ik heb alleen vink af laten houden van de aanvoerder doch **niet** van de beide andere aanv...
Div. bylagen (w.o. teek).
# TRANSCRIPTIE [Links bovenin een klein merkje, mogelijk een 'i' of vinkje] Molenaar 'B <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> <s>IIII</s> 16/12 '43 Markt Dapperstraat B [onderstreept]
# TRANSCRIPTIE 46a/207/1 A'dam, 2/6 1943 Aan den Heer Secretaris van de Ondervakgroep Detailhandel Visch J.P. Coenstr. 25 Den Haag In aansluiting op het telef. onderhoud vraag ik hierbij uw speciale aandacht voor de zaak van de fa Busman's Vischhandel, Nieuwendijk 5 te A'dam. Busman is zoowel groot- als kleinhandelaar. Hij zelf verzorgt zijn zaken in IJmuiden, terwijl zijn vrouw de kleinhandel...