G. van Oosten
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Slot van een verzoekschrift/brief.
* **Inhoud:** Het document betreft het laatste deel van een formeel verzoek aan een overheidsinstantie (waarschijnlijk het College van B&W van Amsterdam). De afzender, G. van Oosten, verzoekt om een vaste standplaats voor zijn eigen aardappelwagen. * **Locatie-details:** De schrijver woont zelf op de Ten Katestraat nummer 67 op de tweede verdieping ("67 II"). Hij vraagt specifiek om een standplaats voor de deur van Ten Katestraat nummer 71. * **Taalgebruik:** Het taalgebruik is uiterst beleefd en formeel, zoals gebruikelijk in die tijd voor officiële correspondentie ("UEd." staat voor Uwe Edelachtbare; "dw. dienaar" voor dienstvaardige dienaar). * **Kenmerken:** De horizontale lijn geeft het einde van de brief aan. De rode notitie "Bogershorst 3" onderaan is waarschijnlijk een latere toevoeging door een ambtenaar of archivaris, mogelijk een verwijzing naar een dossier of een specifieke administratieve indeling.
Handgeschreven ambtelijke notitie op voorgedrukt briefpapier ("Bijblad").
* **Inhoud:** Het document betreft een zakelijk of juridisch geschil/advies aangaande de aanschaf en stalling van een kar. G. van Oosten is ontevreden over het door Piesaar geleverde materiaal. Er is onenigheid over de oorsprong van de kar (Piesaar beweert dat het een kar van 'Vos' is, terwijl Van Oosten stelt dat deze in zijn opdracht is gemaakt). * **Juridisch aspect:** "Mr. Vrij" (waarschijnlijk een jurist van de gemeente of een rechtsbijstandsverlener) heeft op 22-5-39 een advies gegeven. Er zijn getuigen (een knecht en koopman Jonker) die de lezing van Van Oosten ondersteunen. * **Transactie:** Er wordt een concrete deal voorgesteld: Van Oosten kan een kar kopen voor 150 gulden, inclusief zeilen, waarbij hij de kar voor 1 gulden per week mag stallen bij de verkoper (Pisaar) totdat hij zelf een loods heeft. * **Topografie:** De genoemde locaties (Ten Katestraat en Overtoom) plaatsen dit tafereel in Amsterdam-West.
Handgeschreven brief (verzoekschrift)
In deze brief verzoekt de heer G. van Oosten de directie van het Amsterdamse Marktwezen om een schriftelijke verklaring van zijn werkzaamheden als koopman. De aanleiding is een bekeuring die hij heeft ontvangen voor het verkopen van "vroege aardappelen" zonder de benodigde vergunning van de Nederlandse Groenten- en Fruitcentrale. Om deze kwestie op te lossen (of om alsnog een vergunning te verkrijgen), moet hij aantonen dat hij al minstens twee jaar als zelfstandig handelaar op de Ten Katemarkt actief is. De brief is een typisch voorbeeld van de toenemende regeldruk en bureaucreatie waarmee kleine handelaren aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog te maken kregen.
Officieel rapport / ambtelijke kaart.
* **Inhoud:** Het document is een ambtelijk rapport over de heer G. van Oosten (geboren ca. 1868), die op 71-jarige leeftijd erkenning aanvraagt als groente- en fruithandelaar. Hij is een ervaren marktkoopman die al sinds 1924 op de Ten Katemarkt staat. De controleur bevestigt zijn staat van dienst en de juistheid van zijn verklaringen. * **Administratief proces:** De kaart toont de bureaucratische afhandeling. Nadat de controleur op 17 oktober het rapport opstelt, wordt het drie dagen later (20 oktober) goedgekeurd door een superieur ("Accoord") en doorgezonden naar het centrale gezag in Den Haag. * **Taalgebruik:** Typisch zakelijk-ambtelijk Nederlands uit het interbellum. Termen als "alhier" (hier in de stad), "standplaatshouder" en de afkorting "Centr: Markt" (voor de Centrale Markthallen) zijn kenmerkend voor de marktadministratie. * **Opmerkelijk:** Ondanks zijn hoge leeftijd (71) is de heer Van Oosten nog actief en poogt hij zijn handel formeel te laten erkennen, wat wijst op de noodzaak van officiële papieren voor marktkooplui in die tijd.
Handgeschreven brief (verzoekschrift).
In deze brief zegt G. van Oosten zijn marktplaats op de Ten Katemarkt in Amsterdam op met ingang van 15 januari 1940. De reden voor deze plotselinge opzegging is aangrijpend: hij vermeldt "wegens de op hem gepleegde aanslag". Omdat hij het staangeld voor het eerste halfjaar van 1940 (een bedrag van 31,50 gulden) al vooruit heeft betaald, verzoekt hij om een gedeeltelijke terugbetaling (restitutie). De brief is gesteld in de formele, eerbiedwaardige stijl die gebruikelijk was voor correspondentie met overheidsinstanties in die tijd.
Ambtelijke brief / voordracht.
* **Inhoud:** De brief is een formeel advies van een directeur aan de wethouder om een gedeeltelijke restitutie van marktgeld goed te keuren. De 72-jarige koopman G. van Oosten uit Amersfoort, die een standplaats had op de Ten Katemarkt in Amsterdam, is slachtoffer geworden van een gewelddadige diefstal door zijn eigen knecht. Hierdoor is hij genoodzaakt direct te stoppen met zijn werkzaamheden. * **Argumentatie:** De directeur voert "billijkheid" (rechtvaardigheid/redelijkheid) aan als reden voor de teruggave. Hoewel het marktgeld voor een half jaar vooruit was betaald (ƒ 31,50), wordt voorgesteld om alleen de feitelijk gebruikte periode tot de datum van de aanslag (13 januari) in rekening te brengen tegen het weektarief (ƒ 2,70). Het verschil van ƒ 28,80 dient te worden gerestitueerd. * **Juridische basis:** Er wordt specifiek verwezen naar artikel 36 van de toenmalige "Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en ventgelden" om de teruggave juridisch te onderbouwen. * **Status:** De handgeschreven aantekeningen wijzen erop dat het document is behandeld door verschillende ambtenaren (De Kan, Müller) en dat de brief daadwerkelijk is verzonden op 29 januari 1940. ---
Brief / Beschikking (doorslag van een officiële kennisgeving)
Het document is een zakelijke kennisgeving van de gemeente Amsterdam aan een burger betreffende een financiële afwikkeling. De kern van de boodschap is de inwilliging van een verzoek tot restitutie (terugbetaling) van marktgelden. Het bedrag van 28,80 gulden betreft de vooruitbetaalde leges voor een standplaats op de Amsterdamse markt voor de eerste helft van 1940. Opvallend is de administratieve precisie: er wordt expliciet vermeld dat de kosten voor de verzending van de postwissel op het terug te betalen bedrag in mindering zijn gebracht. De namen bovenaan de brief ("de Boer" en "Müller") verwijzen waarschijnlijk naar de ambtenaren die de zaak hebben behandeld of gecontroleerd. De term "Extra" kan duiden op een bijzondere behandeling of een extra kopie voor een specifiek dossier.
Administratieve notitie of concept voor een officiële correspondentie.
Het document betreft een instructie voor een schriftelijke mededeling aan een burger, de heer (of mevrouw) G. van Oosten, woonachtig in het Soesterkwartier in Amersfoort. De kern van de boodschap is de uitbetaling van een bedrag van 20,80 gulden. Er is een interessante administratieve wijziging zichtbaar: de oorspronkelijke tekst vermeldde dat de betaling via het 'Gem-Girokantoor' (Gemeentegirokantoor) zou verlopen, maar dit is doorgehaald en vervangen door 'per postwissel'. Bovendien wordt vermeld dat de kosten hiervoor op het bedrag in mindering zijn gebracht ('onder aftrek van kosten'). Dit duidt erop dat de ontvanger mogelijk geen eigen rekening had of dat de uitbetalende instantie de verzendkosten bij de burger in rekening bracht. De rode aantekeningen onderaan zijn registratienummers of parafen van ambtenaren die de zaak hebben afgehandeld op verschillende data.
Doorslag (carbon copy) van een officiële brief.
De brief betreft een officiële beschikking van het College van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. Het is een bevestiging van de toekenning van een restitutieverzoek. De heer Van Oosten krijgt een bedrag van 28,80 gulden terug voor reeds betaald marktgeld voor de eerste helft van 1940. Marktgeld was de vergoeding die kooplieden betaalden voor een staanplaats op een gemeentelijke markt. Opvallend is dat de verzendkosten van de postwissel op het terug te betalen bedrag in mindering zijn gebracht, een gebruikelijke zuinigheid in de toenmalige ambtelijke praktijk.
Relevante Archieffragmenten
M. de Haan.
# TRANSCRIPTIE afz. G. v. d. Wal 3^e Oosterparkstraat 118 belet A’dam (O)
# DOCUMENT INFO * **Type document:** Slot van een verzoekschrift/brief. * **Auteur:** G. van Oosten. * **Datum:** Niet vermeld (vermoedelijk vroeg 20e eeuw, gezien de context). * **Locatie:** Amsterdam (Ten Katestraat). * **Materiaal:** Gelinieerd papier met handgeschreven tekst in inkt en een rood potloodkenmerk onderaan.
# TRANSCRIPTIE G. A. Oosterhoff geb. 6.11.1896 bankwerker - stoker op 1 Sept. 1944, 25 jrs eigen dienst. --------------------------------------------------- Modelbriefje T.H. e.m. 1/8 44 afgeha.: Mw. Jonker, + de Hullu
# TRANSCRIPTIE VP/HG. *extra* 72/41/2 M. 1 Juni 1939. den Heer J.de Bruin, 3e Oosterparkstraat 91 I, <u>Amsterdam-Oost.</u> Wijk 20. Naar aanleiding van Uw brief d.d. 16 Mei jl. bericht ik U, dat van de daarin vervatte klacht nota is genomen. De Directeur,