A. Agartz
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Registerblad / Administratieve lijst van marktkooplieden.
Het document is een uittreksel uit een register van de Amsterdamse marktpolitie of een vergelijkbare gemeentelijke instantie die toezicht hield op marktvergunningen. De focus ligt op buitenlandse kooplieden (Duitsers, Polen en Tsjechen). Enkele opvallende details per persoon: * **A. Agartz:** Een Duitse immigrant die al lang in Nederland verblijft en getrouwd is met een Nederlandse vrouw. Hij is recent overgestapt van het slagersvak naar de markt. * **Chiel Blitzblum:** Expliciet aangeduid als "vluchteling". Hij kwam rond 1933 (het jaar van de machtsovername door de nazi's) vanuit Duitsland naar Nederland. Hij handelt in tweedehands kleding. * **Oscar Lang:** Een Tsjechische "standwerker" (iemand die met een praatje goederen aanprijst) met een internationale achtergrond (Parijs, Nederland). Hij verkoopt glassnijders. Er staat een rood kruis door zijn nummer/naam, wat vaak duidt op een intrekking van de vergunning of vertrek.
Afschrift van een getypte brief.
In deze brief beklaagt de heer A. Agartz zich over de behandeling die hij krijgt als marktkoopman op het Mosplein in Amsterdam-Noord. De kernpunten zijn: * **Discriminatie:** Agartz stelt dat hij gediscrimineerd wordt vanwege zijn Duitse afkomst, ondanks het feit dat hij al sinds 1920 in Amsterdam woont en getrouwd is met een Nederlandse vrouw. * **Belemmering van nering:** Hij krijgt pas laat (om 12:00 uur) een staanplaats toegewezen, terwijl zijn producten juist 's ochtends het best verkopen. Bovendien wordt hem zijn plek soms weer afgenomen nadat deze is toegewezen. * **Verzoek:** Hij vraagt om een "voorrangskaart" om zijn gezin te kunnen onderhouden, of om een persoonlijk gesprek om zijn situatie toe te lichten. * **Toon:** De brief is uiterst beleefd en formeel opgesteld (gebruik van "UwEdl." en "dw.dn." - dienstwillige dienaar), wat gebruikelijk was voor verzoekschriften aan de overheid in die tijd.
Handgeschreven ambtelijke notitie of verslag van een verklaring.
De tekst is een verslag van een incident op een zaterdagmarkt. De kern van de kwestie is een geschil over een toegewezen staanplaats. De melder, A. Agartz, klaagt dat zijn plek werd ingenomen door een andere koopman op het moment dat hij zijn handelswaar ging ophalen. De grief richt zich met name op de marktambtenaar, die in plaats van de indringer te verwijderen, Agartz zelf een andere plek toewees. Het handschrift is een vlot lopend cursief uit de eerste helft van de 20e eeuw (gezien het gebruik van de verbogen naamval "den koopman"). De diverse doorhalingen suggereren dat dit een kladversie of een direct genoteerde verklaring is waarbij de schrijver tijdens het formuleren correcties aanbracht om de feiten nauwkeuriger weer te geven.
Document
De brief is geschreven door A. Agartz, een zelfstandig worstmaker en marktkoopman. Hij richt zich tot de betreffende instantie (waarschijnlijk het Marktbureau of een inspecteur) met het verzoek om zijn vaste standplaats op het Mosplein in Amsterdam-Noord tijdelijk te reserveren. De reden voor zijn afwezigheid is van economische aard: door de actuele omstandigheden zijn de ingrediënten voor zijn ambachtelijk geproduceerde worstwaren te duur geworden ("niet betaalbaar"). Hij geeft aan dat hij de intentie heeft om zo spoedig mogelijk zijn werkzaamheden op de markt te hervatten en vraagt om coulance wat betreft het behoud van zijn plek voor enkele weken.
Ambtelijk correspondentieblad / memo.
Het document is een interne ambtelijke notitie betreffende de marktvergunning van een zekere heer A. Agartz op het Mosplein in Amsterdam-Noord. De essentie van de correspondentie is een verzoek om tijdelijke ontheffing van de bezettingsplicht van een marktplaats. Er worden drie stappen in de besluitvorming getoond: 1. **12 juni:** Een eerste advies van De Haan. 2. **14 juni:** Een formeel advies aan de Inspecteur dat het uitstel akkoord is, mits er wordt doorbetaald. 3. **20 juni:** De definitieve beslissing/bevestiging door De Haan dat Agartz zes weken weg mag blijven, op voorwaarde dat het marktgeld tijdig wordt voldaan. 4. **25 juni:** Een administratieve afhandeling ("modelbriefje") door J.v.d.P. De tekst is geschreven in een zakelijk, ambtelijk Nederlands dat typerend is voor de vroege 20e eeuw ("kan m.i. [mijns inziens] toegestaan worden").
Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie).
Deze korte, zakelijke brief is een antwoord op een verzoek van de heer Agartz van 7 juni 1940. Agartz heeft gevraagd of hij zijn staanplaats op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord) zes weken onbezet mag laten. De directeur verleent hiervoor toestemming, maar stelt daar de harde voorwaarde tegenover dat de verschuldigde staanplaatsgelden (het marktgeld) tijdens deze afwezigheid wel wekelijks doorbetaald moeten worden. De toon is formeel en bureaucratisch. De handgeschreven notitie "Verzonden 26/6" bevestigt de administratieve afhandeling één dag na de datering van de brief.
Getypte brief (doorslag).
Deze brief is een formeel antwoord aan de heer A. Agartz op zijn verzoek van 7 juni 1940. Hem wordt een ontheffing verleend voor een periode van zes weken om zijn staanplaats op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord) niet te hoeven bezetten. Een cruciale voorwaarde voor het behoud van de marktplaats is dat de betaling van het wekelijkse marktgeld tijdens deze afwezigheid gecontinueerd wordt. De toon is strikt zakelijk en ambtelijk. Het document is een doorslag op dun papier, wat gebruikelijk was voor het archiveren van verzonden correspondentie.
Ambtelijk memorandum/handgeschreven notitie.
Het document betreft een interne correspondentie tussen twee ambtenaren over de toewijzing van een vaste marktplaats aan een zekere heer Frank. 1. **Stellingname W.Hae:** Hij stelt dat Frank nog nooit een vaste plaats heeft gehad en daarom onder de 'nieuwe gevallen' valt waarvoor nog geen ontheffing (vergunning) is verleend. Dit suggereert een restrictief beleid voor nieuwe marktkooplieden. 2. **Verweer van De Haan:** De Haan houdt vast aan zijn eerdere (positieve) advies. Zijn argumentatie is tweeledig: * Frank is een geboren Nederlander. * Hij is reeds feitelijk actief op de markten. 3. **Precedent:** De Haan beroept zich op een eerdere beslissing ("het geval Agartz"). In dat geval kreeg iemand na enkele maanden op het Atlasplein gelijke rechten als Nederlanders, omdat hij al 20 jaar in Nederland woonde. De Haan voert aan dat de status van Frank (als geboren Nederlander) een vergelijkbare of zelfs sterkere basis biedt voor het toekennen van een vergunning.
Relevante Archieffragmenten
- 3 -
# TRANSCRIPTIE m. arbavi
Cohen Arie 175383 geb 11-7-'96 van Nw. Heerengr h 157 hs naar Louis Bothastr. 2 II
(Bovenaan midden) @ A. Hegeman A. Lopes Dias L. Caransa
**VI.**