Getypt verslag van een klacht/ambtelijke notitie.
Origineel
Getypt verslag van een klacht/ambtelijke notitie. 21 juli 1939. Klager M.de Vos, die 20 Juli j.l. bij mij is gewesst, heeft medegedeeld, dat hem door den Dienst van het Marktwezen zonder eenig recht zijn brood ontnomen wordt. Hij verkoopt n.l. karren aan de marktkooplieden en de Dienst van het Marktwezen verbiedt dengenen, die een dergelijke kraam gekocht hebben, die op de markt op te zetten. De kooplieden durven zoodoende niet meer bij klager koopen. Hij heeft er voorts op gewezen, dat het hem door de plaats waar hij op de markt in denTen Katestraat staat, onmogelijk is, er nieuwe klanten, die een kar willen huren, bij te krijgen, daar hij ver af is van de plaats, waar loting gehouden wordt. Daar verschillende van zijn vaste klanten de markt verlaten hebben, en hij van de weinigen, die hij overgehouden heeft, niet leven kan, kan hij, naar zijn zeggen, niets anders doen dan de karren verkoopen. Hij beklaagt er zich over dat de Dienst van het Marktwezen hem dat onmogelijk maakt en is van oordeel, dat de Dienst op grond van de bestaande reglementen, daartoe niet het recht heeft.
21 Juli 1939.
Adm.Afd.L.M. W.S.B.Z.
w.g. B.J.Redeker-van Greven
wnd. * Kern van het geschil: Klager M. de Vos exploiteert een handel in marktkarren (verkoop en verhuur). Hij stelt dat de Dienst van het Marktwezen marktkooplieden verbiedt om door hem geleverde karren te gebruiken, waardoor zijn nering wordt vernietigd.
* Locatie-problematiek: De Vos staat zelf op de markt in de Ten Katestraat (Amsterdam-West). Hij voert aan dat zijn fysieke plek op de markt ongunstig is voor acquisitie, omdat hij te ver verwijderd is van de plek waar de standplaatsen worden verloot.
* Juridisch argument: De klager stelt expliciet dat de Dienst van het Marktwezen buiten haar boekje gaat en dat de geldende reglementen geen basis bieden voor dit verbod.
* Toestand: Er spreekt een zekere mate van wanhoop uit de tekst; de klager geeft aan niet meer in zijn levensonderhoud te kunnen voorzien ("zijn brood ontnomen wordt"). Dit document stamt uit de zomer van 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode waren de Amsterdamse markten (zoals de Ten Katemarkt) aan strenge gemeentelijke regelgeving onderworpen. De Dienst van het Marktwezen had veel macht over de inrichting van de markt en de types kramen die waren toegestaan, vaak vanuit overwegingen van uniformiteit en brandveiligheid. Dit leidde regelmatig tot conflicten met kleine ondernemers en leveranciers zoals M. de Vos, die hun investeringen en handelspraktijken bedreigd zagen door nieuwe ambtelijke voorschriften. De afkorting "w.g." onderaan staat voor "was getekend", wat aangeeft dat dit een afschrift of doorslag is van het originele, ondertekende document. B.J. Redeker M. de Vos Marktwezen