Officiële brief/correspondentie.
Origineel
Officiële brief/correspondentie. 24 januari 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen-dienst in Amsterdam). Den Heer S. Velleman, Ingogostraat 6 belét., Amsterdam-Oost (Wijk 20). 2 ex. M. de Haas.
VP/DV. Extra
33/12/2 M.
24 Januari 1940.
den Heer S. Velleman,
Ingogostraat 6 belét.
Amsterdam-Oost.
Wijk 20.
Naar aanleiding van Uw verzoek ingekomen op 16 dezer verleen ik U hierbij, in verband met Uw gezondheidstoestand, gedurende ten hoogste drie maanden na dato dezes uitstel van Uw verplichting om regelmatig Uw plaats op de markt Westerstraat te bezetten, mits U zorg draagt, dat het ook tijdens Uw afwezigheid verschuldigde marktgeld geregeld wordt betaald.
De Directeur, Deze brief is een formeel besluit van de directeur van de marktdienst aan een individuele marktkoopman, de heer S. Velleman. Uit de tekst blijkt dat de heer Velleman op 16 januari 1940 een verzoek heeft ingediend om tijdelijk ontheven te worden van zijn verplichting om zijn staanplaats op de markt in de Westerstraat te bezetten. De reden hiervoor is zijn gezondheidstoestand.
De directeur willigt het verzoek in en verleent een uitstel van maximaal drie maanden. Er wordt echter een belangrijke voorwaarde gesteld: het verschuldigde marktgeld moet ook tijdens de afwezigheid van de koopman gewoon doorbetaald worden. Dit was een standaardprocedure om de marktvergunning te behouden. Het document dateert van januari 1940, slechts enkele maanden voor de Duitse inval in Nederland in mei 1940. De heer S. Velleman woonde in de Ingogostraat in de Transvaalbuurt, een Amsterdamse wijk die in die tijd een zeer grote Joodse populatie kende. De achternaam Velleman komt veelvuldig voor binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam.
De Westerstraatmarkt in de Jordaan was (en is) een van de belangrijkste markten van de stad. Voor veel kleine ondernemers was het behoud van hun marktplaats cruciaal voor hun levensonderhoud. In de maanden na deze brief zouden de omstandigheden voor Joodse marktkooplieden drastisch verslechteren door de anti-Joodse maatregelen van de bezetter, die hen uiteindelijk volledig van de openbare markten zouden weren. Dit document vormt daarmee een getuigenis van het normale administratieve leven van een Amsterdamse koopman aan de vooravond van de oorlog. M. de Haas S. Velleman Marktwezen