Ambtelijk schrijven / Rapportage.
Origineel
Ambtelijk schrijven / Rapportage. 4 november 1940. Een marktfunctionaris (handtekening onduidelijk, mogelijk Heuvelman of Hennes). De Inspecteur van het Marktwezen. No 33/94/4 m 1940
Aan den Inspecteur
vh Marktwezen
alhier.
De VKK No 461 J.M. Polak heeft op Maandag 4 November '40 voor een marktplaats meegeloot, en hem heb ik dan ook een plaats toegewezen.
Polak heeft aan Controleur Maassen zijn marktgeld betaald, en is daarop van de markt verdwenen, want hij had ~~toch totaal~~ geen handel bij zich.
Daar Polak het niet zoo nauw neemt met uitpakken, wil ik U adviseren, hem zijn VKK in te trekken.
4 Nov 1940
[Handtekening] Het document is een interne rapportage binnen de gemeentelijke marktadministratie. De kern van de zaak is een incident op maandag 4 november 1940. Een marktkoopman, geïdentificeerd als J.M. Polak (houder van VKK-nummer 461), heeft deelgenomen aan de loting voor een standplaats. Hoewel hem een plek werd toegewezen en hij de verschuldigde marktgelden aan controleur Maassen betaalde, verliet hij de markt direct zonder goederen uit te stallen. De reden hiervoor was simpelweg dat hij geen koopwaar bij zich had.
De rapporteur adviseert de Inspecteur van het Marktwezen om de VKK (Vergunning voor de Kleinhandel) van Polak in te trekken. Het argument is dat Polak de regels met betrekking tot de bezettingsplicht ("het uitpakken") niet serieus neemt. In een tijd van schaarste en strikte regulering werd het onbenut laten van een toegewezen marktplaats gezien als een overtreding die de efficiënte werking van de markt verstoorde. Dit document is gedateerd op 4 november 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode begon de bezetter met het invoeren van anti-Joodse maatregelen. Hoewel de toon van deze brief puur administratief en disciplinair lijkt, is de naam "Polak" een veelvoorkomende Joodse achternaam in Nederland.
Tijdens de bezetting werden Joodse marktkooplieden steeds vaker gedwarsboomd door zowel nieuwe verordeningen als door strengere handhaving van bestaande marktreglementen. Het feit dat iemand een plaats loot en betaalt, maar geen handel heeft, kan wijzen op de groeiende moeilijkheden voor Joodse handelaren om aan voorraden te komen, of op een poging om formeel een plek in het economische leven te behouden. Dit advies tot intrekking van de vergunning past in het bredere patroon van de bureaucratische uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare en economische leven die in het najaar van 1940 in alle hevigheid begon. J.M. Polak Maassen zijn (Controleur) Marktwezen