Administratieve notitie / Bijblad (Model No. 14, Algemene Zaken).
Origineel
Administratieve notitie / Bijblad (Model No. 14, Algemene Zaken). 27 december 1940 (met een latere aftekening op 2 januari 1941). (In de stempel linksboven:)
BIJBLAD VAN:
M. No. 33/115/1 1940
DOORGEZONDEN: 21/12-'40.
(Bovenaan handgeschreven:)
W. M. de Wolf p/z Westerstraat
(pl . 122 Dapperstraat)
(Midden handgeschreven:)
Het verzoek van W.M. de Wolf dient m.i.
te worden afgewezen.
Aan Wolf moet worden bericht, dat
hij zijn plaats op de markt Westerstraat
geregeld, d.w.z. drie maal in de vier
weken moet bezetten, daar anders de
plaats wordt ingetrokken
(Onderaan links:)
2/1/41 [onleesbare paraaf]
(Onderaan midden, in rood potlood:)
33/115/2 ?
(Onderaan rechts:)
27-12-'40
[Handtekening, mogelijk: de Boer]
(Voetnoot drukwerk:)
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een ambtelijke notitie van de gemeente Amsterdam, waarschijnlijk van de afdeling Marktwezen (aangeduid met de "M." in het kenmerk). Het betreft een negatief advies op een verzoek van marktkoopman W.M. de Wolf. De ambtenaar stelt dat het verzoek moet worden afgewezen en dat de betrokkene gewezen moet worden op de aanwezigheidsplicht.
De Wolf beschikte blijkbaar over een standplaats op de Westerstraat-markt, maar woonde of werkte ook op de Dapperstraat 122. De regel die hier wordt aangehaald is strikt: een koopman moet minimaal drie van de vier weken aanwezig zijn op zijn vergunde plek, anders volgt intrekking van de standplaatsvergunning. De notitie toont de ambtelijke discipline en handhaving van marktreglementen tijdens de vroege bezettingsjaren. Het document is gedateerd eind december 1940, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werden marktreglementen in Amsterdam steeds strikter toegepast. Hoewel het document een algemene administratieve toon heeft, vallen dergelijke strikte handhavingen van de aanwezigheidsplicht vaak samen met de beginnende uitsluiting van Joodse burgers uit het openbare leven en de economie.
De achternaam De Wolf was veelvoorkomend onder de Joodse bevolking van Amsterdam, die sterk vertegenwoordigd was in de markthandel in de Jordaan (Westerstraat) en de Dapperbuurt. Voor Joodse kooplieden werd het door nieuwe verordeningen van de bezetter steeds moeilijker om hun bedrijfsvoering voort te zetten. Een tijdelijke afwezigheid door ziekte, angst of andere beperkingen werd door de gemeente Amsterdam vaak aangegrepen om vergunningen definitief in te trekken onder het mom van de "drie-weken-regel". M. No M. de Wolf W.M. de Wolf Gemeente Amsterdam Marktwezen