Getypte brief op briefpapier.
Origineel
Getypte brief op briefpapier. 21 november 1941. Th. J. A. Seymonsbergen, Amsterdam. TH. J. A. SEYMONSBERGEN
TELEGRAMADRES „WOOLSEY“
V CODE 1929
GEM. GIRO S. 8140
[Afbeelding van een ram]
AMSTERDAM, 21 November 1941
Albert Cuypstraat 142 III
Aan den WelEd. Heer Sixsma,
Directeur van het Marktwezen.
A m s t e r d a m.
№ 25/147/2 M. 1041 22/11 [Handgeschreven: inv. Dir. Insp]
WelEd. Heer,
Ofschoon ik ervan overtuigd ben dat U kort na Uwe benoeming ontzettend veel te doen zult hebben, veroorloof ik my, toch een moment van Uw kostbaren tyd te vragen en wel voor het volgende geval.
Ik heb my ca. een week geleden tot den Heer Inspecteur van het marktwezen gewend, met het verzoek my te willen berichten of het niet mogelyk was my een vergunning voor den verkoop van visch te verschaffen.
Na een persoonlyk onderhoud ben ik nog niet veel wyzer geworden dan ik was, want deze Heer vertelde my dat ik gerust in visch kon gaan handelen, echter uitsluitend in zeevisch, hetgeen hierop neerkomt, dat ik net als ieder ander zou mogen, de vrye handel zou mogen opnemen.
Dit is echter niet myn juiste bedoeling, ik zou gaarne een vergunning hebben om ook toewyzing op visch te krygen, doch indien dit niet mogelyk is zou ik gaarne willen dat U het volgende in overweging zou willen nemen. Ik ben de laatste jaren voor verschillende buitenlandsche huizen vertegenwoordiger geweest, doch kon vanwege het verbreken van deze verbindingen door den oorlog myn bedryf niet meer uitoefenen. Nu heb ik alles getracht, doch niets is my gelukt. O.a. ben ik ook in de werkverschaffing geweest, doch kon deze voor my abnormale werkzaamheden niet naar behooren vervullen. Thans heeft een myner bevriende relaties zich [tekst breekt af op scan] * Doel van de brief: De schrijver, de heer Seymonsbergen, verzoekt om een specifieke vergunning en "toewijzing" voor de handel in vis. Hij geeft aan dat de algemene toestemming voor de handel in zeevisch (vrije handel) voor hem onvoldoende is om een stabiel inkomen te genereren.
* Toon: De brief is uiterst beleefd en formeel ("WelEd. Heer", "kostbaren tyd"). Er spreekt een zekere mate van urgentie en persoonlijke nood uit de tekst.
* Persoonlijke omstandigheden: Seymonsbergen was voorheen handelsvertegenwoordiger voor buitenlandse bedrijven. Door het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog zijn deze handelscontacten verbroken, waardoor hij werkloos is geraakt. Hij heeft geprobeerd te werken via de werkverschaffing, maar geeft aan dat dit fysiek of mentaal niet passend was voor hem ("abnormale werkzaamheden").
* Administratieve context: De brief is voorzien van een registratienummer en handgeschreven aantekeningen, wat wijst op officiële verwerking door de dienst Marktwezen van de gemeente Amsterdam. * Historische context: Het document dateert uit november 1941, anderhalf jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De internationale handel lag nagenoeg stil, wat grote gevolgen had voor tussenpersonen en vertegenwoordigers.
* Schaarste en distributie: Tijdens de oorlog werd de handel in goederen steeds strenger gereguleerd via het distributiestelsel. Een vergunning om te handelen was één ding, maar een "toewijzing" (toewijzing van een bepaalde hoeveelheid goederen om te mogen verkopen) was cruciaal om daadwerkelijk een bedrijf te kunnen voeren in tijden van schaarste.
* Werkverschaffing: De vermelding van de werkverschaffing verwijst naar de projecten voor werklozen (zoals graafwerkzaamheden). Voor iemand die gewend was aan een kantoorbaan of een functie als vertegenwoordiger, was dit werk vaak fysiek te zwaar en sociaal declasserend.
* Geografische context: De Albert Cuypstraat is van oudsher een belangrijke marktstraat in Amsterdam. Het is dan ook logisch dat de bewoner zich richt tot de Directeur van het Marktwezen voor een kans op commerciële wederopbouw. A. Seymonsbergen Gemeente Amsterdam Marktwezen