Getypte brief (doorslag of kopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag of kopie). 19 maart 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een vergelijkbare gemeentelijke instantie in Amsterdam). Den Heer S. Engelander, Afrikanerplein 52 II, Amsterdam-Oost. extra [handgeschreven]
HG.
den Heer S.Engelander,
Afrikanerplein 52 II,
Amsterdam-Oost.
Wijk 20.
26/11/2 M.
19 Maart 1941.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 3 Maart jl. bericht ik
U, dat aan het daarin vervatte verzoek niet kan worden voldaan. U
dient derhalve Uw plaats op de markt Dapperstraat geregeld, dat wil
zeggen ten minste drie maal per week, te bezetten.
De Directeur, In deze zakelijke correspondentie wijst de directeur van de betreffende dienst een verzoek van de heer S. Engelander af. Hoewel de inhoud van het verzoek van Engelander niet expliciet wordt genoemd, blijkt uit het antwoord dat het te maken heeft met zijn aanwezigheid op de markt in de Dapperstraat. De directeur sommeert hem nadrukkelijk om zijn marktplaats "geregeld" te bezetten, wat wordt gedefinieerd als minimaal drie keer per week.
Het document is typerend voor de ambtelijke toon van die tijd en getuigt van een strikte handhaving van de marktverordeningen. De vermelding van "Wijk 20" en het specifieke adres duiden op de administratieve indeling van Amsterdam in die periode. Dit document is gedateerd op 19 maart 1941, minder dan een jaar na de Duitse inval en kort na de Februaristaking. De context van de Tweede Wereldoorlog en de Jodenvervolging is hier essentieel. De heer S. (Salomon) Engelander was een Joodse marktkoopman. Het Afrikanerplein en de omliggende Transvaalbuurt waren wijken met een grote Joodse populatie.
Tijdens de bezetting werden Joodse ondernemers en marktkooplieden steeds verder ingeperkt door nieuwe verordeningen. Het strikt handhaven van aanwezigheidsplichten op markten zoals de Dappermarkt was vaak een bureaucratisch middel om vergunningen in te trekken als de koopman door omstandigheden (zoals ziekte, gebrek aan voorraad of beperkende maatregelen) niet aan de eisen kon voldoen. Uit archiefonderzoek (o.a. het Joods Monument) blijkt dat Salomon Engelander op 2 juli 1943 in Sobibor is vermoord. Dit document vormt een klein, administratief puzzelstukje in het proces van de toenemende druk op het dagelijks leven van Joodse Amsterdammers tijdens de eerste oorlogsjaren. S. Engelander