Handgeschreven brief met stempel van een onderneming.
Origineel
Handgeschreven brief met stempel van een onderneming. 18 september 1941. H. Bootsma, handelaar in gerookte vis. Nº 26/32/1 M.1941 20/9 [rechterbovenhoek:] ni. Insp
A-dam 18 Sept 1941
Mijnheer zou het mogelijk kunnen zijn
als dat ik een assistent zou mogen hebben,
voor mijn standplaats Dapperplein tegen
over Simon de Wit. Mijn heer mijn knecht
heet Johanes Henricus Groenendal wonende
Nederwaalsstraat 46 Geboren 31 Nov. 1913.
Mijnheer ik hoop als dat ik daar spoedig
bericht van krijg.
Bij voorbaat mijn
dank.
[Stempel:]
H. BOOTSMA
Handel in Gerookte Visch
Reinwardtstraat 99
Tel. 56247
AMSTERDAM
[Rechtsonder in potlood:] 26 * Taal en Stijl: De brief is geschreven in een ietwat eenvoudige, volkse stijl ("als dat ik", "Mijnheer" als herhaalde aanspreekvorm). Dit duidt op een schrijver die gewend is aan mondelinge communicatie maar zich formeel probeert op te stellen naar een instantie.
* Inhoud: De visboer H. Bootsma verzoekt om een vergunning of toestemming voor een assistent (knecht) op zijn marktplaats aan het Dapperplein. Hij noemt specifiek de locatie tegenover de winkel van 'Simon de Wit' (een bekende kruideniersketen uit die tijd).
* Details: De genoemde knecht is Johannes Henricus Groenendal. Opvallend is de geboortedatum "31 Nov. 1913", aangezien november slechts 30 dagen heeft; dit is waarschijnlijk een verschrijving van de auteur. De adressen (Reinwardtstraat en Dapperplein) liggen in de Dapperbuurt in Amsterdam-Oost. Het document dateert uit september 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de handel op markten streng gereguleerd. Ondernemers moesten voor personeelswijzigingen of standplaatsen vaak officiële toestemming vragen aan de gemeente of de bezettingsautoriteiten. Het Dapperplein was (en is) een van de belangrijkste marktpleinen van Amsterdam. De vermelding van "Simon de Wit" als oriëntatiepunt onderstreept de lokale inbedding van de onderneming; Simon de Wit was destijds een dominante speler in de Nederlandse levensmiddelenbranche, vergelijkbaar met de huidige Albert Heijn. De administratieve nummers bovenaan duiden erop dat dit een officieel binnengekomen stuk is bij een gemeentelijke dienst, waarschijnlijk de marktwezen-afdeling. H. Bootsma Marktwezen