Handgeschreven brief (verzoekschrift/bezwaarschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift/bezwaarschrift). 2 februari 1938. B.L. de Waal, Zuider-Akkerweg 100, Amsterdam West. [Linksboven in potlood:]
No 591/8m.
[Rechtsboven:]
2 februari 1938
[Paars stempel:]
№ 59 / 1 / 9 H. 1239 1/2
[Rechtsboven in blauw/grijs potlood:]
m. Arb. verre
br. de Waal
[Tekst brief:]
Daar ik schrijven van u
ontvangen heeft over betaling
van f 13,50 dat ik nog ver-
schuldigd ben op de Centrale
Mark. Zoo wil ik u laten
weten als dat ik dat on-
mogelijk kan voldoen
Daar ik van Augustus
af al ziek ben en van 14
Gulden steun moet leven
met mijn Gezin van negen
Kinderen de oudste is 12.
jaar. En ik zelf wel nooit
meer zal kunne werken
Zoo hoop ik op u goed-
heid Onderteeken ik
B L de Waal
Zuider-Akkerweg 100
Amsterdam west.
[Rechtsonder:]
59 * Inhoud: De schrijver, B.L. de Waal, reageert op een aanmaning voor een openstaande schuld van 13,50 gulden aan de Centrale Mark(t). Hij geeft aan deze schuld niet te kunnen betalen vanwege extreme armoede en persoonlijke omstandigheden.
* Taalgebruik: De brief is geschreven in eenvoudig Nederlands met enkele grammaticale fouten ("ontvangen heeft" in plaats van "ontvangen heb", "kunne" in plaats van "kunnen"). Dit is typerend voor een persoon met beperkt formeel onderwijs uit die tijd.
* Situatie van de afzender: De schrijver is sinds augustus (1937) ziek en verwacht niet meer te kunnen werken. Het gezin bestaat uit elf personen (twee ouders en negen kinderen), waarvan de oudste pas 12 jaar is. Ze moeten rondkomen van een "steun" (werkloosheidsuitkering of bijstand) van slechts 14 gulden per week.
* Toon: De toon is onderdanig en smekend ("Zoo hoop ik op u goedheid"). De brief is een direct getuigenis van de sociale nood in de jaren dertig. Dit document stamt uit 1938, de nadagen van de Grote Depressie. Nederland kampte in deze periode met massale werkloosheid en grote armoede. De "steun" waarnaar verwezen wordt, was de destijds gebruikelijke term voor de karige overheidsuitkering die aan strenge voorwaarden en controle onderhevig was.
De "Centrale Mark" verwijst naar de Centrale Markthallen in Amsterdam-West (geopend in 1934), waar de afzender waarschijnlijk als (markt)koopman of schuldenaar een financiële verplichting had. Het adres, Zuider-Akkerweg 100, lag in een toenmalige nieuwbouwwijk in Amsterdam-West (tegenwoordig onderdeel van de wijk Slotermeer/Geuzenveld), waar veel gezinnen in sobere omstandigheden leefden. Dergelijke brieven zijn in archieven veelvuldig terug te vinden als bewijs van de schrijnende armoede en de strijd om het dagelijks bestaan in de vooroorlogse crisisjaren. B.L. de Waal Gemeente Amsterdam