Archief 745
Inventaris 745-293
Pagina 235
Dossier 2A
Jaar 1939
Stadsarchief

Handgeschreven conceptbrief of ambtelijke nota met correcties.

Amsterdam, 31 maart 1939. Dossier: 59/20/1M, 59/6/23, 59/6/23M

Origineel

Handgeschreven conceptbrief of ambtelijke nota met correcties. Amsterdam, 31 maart 1939. [Linksboven in de marge:]
Concept
5 doorslag
M/No 59/2/5
Nota inzake de kleinhandelsveiling op de CM.

[Rechtsboven:]
Amsterdam 31 Maart 1939.
W.C.L.
4/4 39 [Paraaf]

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 24 Maart j.l. om advies ontvangen stuk no. 781 Alf 1937 heb ik de eer U te berichten, dat [doorgehaald: bij de opmerkingen] ^ik graag zou zien, dat in de uiteenzetting^ mijn opvatting inzake het vraagstuk van de kleinhandelsveiling nog de navolgende twee [doorgehaald: trapstukken vermeld] ^punten worden opgenomen^.

1e Tot staving van mijn opvatting, dat [doorgehaald: een prijsstijging zal veroorzaken] ^het verdwijnen van de kleinhandelsveiling geen prijsstijging ten gevolge zal hebben^, [doorgehaald: berichtte] ik (zie [doorgehaald: vermeld] blad 8 alinea 1 van mijn rapport d.d. 12 November 1937 No. 59/20/1M) [doorgehaald: te], dat de veiling noch winteraardappelen noch buitenlandsch fruit verkoopt, terwijl nochtans de prijzen van deze producten hier ter stede steeds [doorgehaald: laag zijn] ^laag zijn^. Het zou [doorgehaald: in de] ^wellicht in de^ nota kunnen worden opgenomen bijv. door op pag. 8 in den tweeden regel van onderen de punt achter het woord "gemaakt" te vervangen door een ; en daarna in te voegen: "dat blijkt ook uit het feit, dat de veiling nimmer winter-aardappelen of buitenlandsch fruit (waaronder zuidvruchten) verkoopt, terwijl nochtans de prijzen van deze producten hier ter stede steeds [doorgehaald: laag zijn] ^alleszins redelijk zijn^."

[In de linkermarge:]
Zie mijn rapport d.d. 29 November 1938 No. 59/6/23M

2e ^In mijn bovenaangehaald^ rapport d.d. 29 November 1938 (No. 59/6/23 M) wees ik o.a. op het feit, dat, [doorgehaald: indien de veiling zich zou] ontwikkelen, dit niet alleen zou geschieden ten koste van de grossiers, maar ten koste van de CM zelf, hetgeen ik het voornaamste motief noemde, waarom ik de kleinhandelsveiling onjuist acht. Tot verduidelijking van deze opvatting voerde ik aan, dat op de CM de tuinders zijn opgesteld tegenover de pakhuizen der grossiers, die de aanwezigheid van tuinders nodig hebben, omdat deze laatsten in het bijzonder [doorgehaald: klanten trekken] ^dagelijks klanten trekken^ voor de versche groente. Wanneer meer tuinders via de veiling hun producten gaan verkoopen kost dit de Gemeente f 100,- per jaar per tuinder (f 90,- plaatsgeld en f 10,- entreegeld), maar bovendien worden daardoor [doorgehaald: pakhuizen] ^de pakhuizen van de^ grossiers [doorgehaald: minder goed verhuurbaar] ^minder goed verhuurbaar^, omdat er geen tuinders meer tegenover zullen staan. De veilingruimten, die reeds thans feitelijk te klein zijn, zouden dan absoluut ontoereikend worden, terwijl pakhuizen zouden blijven leegstaan.

Ik zou het op prijs stellen, indien vorenstaande uiteenzetting zoo mogelijk alsnog in de nota werd [doorgehaald: opgenomen] ^verwerkt^, bijv. door haar in een afzonderlijke nieuwe alinea [doorgehaald: in te voegen] na de eerste alinea van pag. 9. De tweede alinea, die dan derde [doorgehaald: alinea] wordt, zou misschien ^beter aan de ingevoegde alinea^ aansluiten, indien zij zou beginnen als volgt: "Hoewel de directeur van het Marktwezen derhalve ernstige bezwaren tegen de kleinhandelsveiling heeft, adviseert hij nochtans niet om haar op te heffen,", enz.

Tenslotte [doorgehaald: stel] ^stel^ ik nog [doorgehaald: den navolgende] ^de navolgende^ kleine aanvullingen voor:
a) Pag 9 (tweede regel van boven): sedert [doorgehaald: het aantal tuinders, die ter veiling hun producten bij de veiling aanbieden] ^is het aantal [onleesbaar/afgebroken] ...^

--- Dit document is een kladversie van een ambtelijk schrijven, opgesteld op 31 maart 1939, waarin de auteur (waarschijnlijk de Directeur van het Marktwezen te Amsterdam) voorstellen doet om een nota over de kleinhandelsveiling op de Centrale Markt (CM) aan te passen.

De kern van het betoog is tweeledig:
1. Prijsvorming: De auteur bestrijdt het argument dat de kleinhandelsveiling noodzakelijk is om de prijzen laag te houden. Hij voert aan dat producten die niet op de veiling worden verkocht (zoals winteraardappelen en buitenlands fruit) in de stad Amsterdam toch "alleszins redelijk" geprijsd blijven.
2. Exploitatie van de Markt: Er wordt gewezen op een structureel probleem. De aanwezigheid van individuele tuinders op de markt trekt klanten aan voor de grossiers die daar hun pakhuizen huren. Als tuinders massaal overstappen naar de veiling, verliezen de pakhuizen van de grossiers hun aantrekkingskracht en waarde, wat leidt tot leegstand en inkomstenderving voor de gemeente (f 100,- per tuinder per jaar aan gemist plaats- en entreegeld).

De tekst bevat talrijke doorstrepingen en invoegingen, wat duidt op een zorgvuldige redactionele afweging om de toon van het advies te matigen (bijv. van "onjuist acht" naar een meer ambtelijke formulering).

--- De Centrale Markt in Amsterdam (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) was in de jaren '30 het kloppende hart van de voedseldistributie in de hoofdstad. Dit document illustreert de spanningen tussen verschillende distributiesystemen: de traditionele directe verkoop door tuinders aan handelaren versus het opkomende systeem van de centrale veiling.

In 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, stond de efficiëntie van de voedselvoorziening hoog op de agenda. De discussie over de "kleinhandelsveiling" (waar detailhandelaren direct konden inkopen) was beladen omdat het de positie van de traditionele tussenhandel (de grossiers) bedreigde. De gemeente Amsterdam had als eigenaar van de markt een direct financieel belang bij het behoud van de huurinkomsten uit de pakhuizen, wat de kritische houding van de directeur van het Marktwezen in dit document verklaart. De genoemde bedragen (f 90,- en f 10,-) geven een interessant inkijkje in de toenmalige tarieven van het Marktwezen. Gemeente Amsterdam Marktwezen

Samenvatting

Dit document is een kladversie van een ambtelijk schrijven, opgesteld op 31 maart 1939, waarin de auteur (waarschijnlijk de Directeur van het Marktwezen te Amsterdam) voorstellen doet om een nota over de kleinhandelsveiling op de Centrale Markt (CM) aan te passen.

De kern van het betoog is tweeledig:
1. Prijsvorming: De auteur bestrijdt het argument dat de kleinhandelsveiling noodzakelijk is om de prijzen laag te houden. Hij voert aan dat producten die niet op de veiling worden verkocht (zoals winteraardappelen en buitenlands fruit) in de stad Amsterdam toch "alleszins redelijk" geprijsd blijven.
2. Exploitatie van de Markt: Er wordt gewezen op een structureel probleem. De aanwezigheid van individuele tuinders op de markt trekt klanten aan voor de grossiers die daar hun pakhuizen huren. Als tuinders massaal overstappen naar de veiling, verliezen de pakhuizen van de grossiers hun aantrekkingskracht en waarde, wat leidt tot leegstand en inkomstenderving voor de gemeente (f 100,- per tuinder per jaar aan gemist plaats- en entreegeld).

De tekst bevat talrijke doorstrepingen en invoegingen, wat duidt op een zorgvuldige redactionele afweging om de toon van het advies te matigen (bijv. van "onjuist acht" naar een meer ambtelijke formulering).


Historische Context

De Centrale Markt in Amsterdam (geopend in 1934 aan de Jan van Galenstraat) was in de jaren '30 het kloppende hart van de voedseldistributie in de hoofdstad. Dit document illustreert de spanningen tussen verschillende distributiesystemen: de traditionele directe verkoop door tuinders aan handelaren versus het opkomende systeem van de centrale veiling.

In 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, stond de efficiëntie van de voedselvoorziening hoog op de agenda. De discussie over de "kleinhandelsveiling" (waar detailhandelaren direct konden inkopen) was beladen omdat het de positie van de traditionele tussenhandel (de grossiers) bedreigde. De gemeente Amsterdam had als eigenaar van de markt een direct financieel belang bij het behoud van de huurinkomsten uit de pakhuizen, wat de kritische houding van de directeur van het Marktwezen in dit document verklaart. De genoemde bedragen (f 90,- en f 10,-) geven een interessant inkijkje in de toenmalige tarieven van het Marktwezen.

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Pan Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 61

Gerelateerde Documenten 6