Archief 745
Inventaris 745-296
Pagina 22
Dossier 39
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

4 november 1936 (met handgeschreven afhandeling op 19 november 1936). Van: H. Steenbeek, assistent-bedrijfschef. Aan: De Heer Bedrijfschef. Dossier: 12, 13, 66/57/I

Origineel

4 november 1936 (met handgeschreven afhandeling op 19 november 1936). H. Steenbeek, assistent-bedrijfschef. De Heer Bedrijfschef. [Stempel/Typen linksboven:] Nº 66/57/I M. 1936 3/n
[Typen rechtsboven:] den Heer Bedrijfschef.

Door S.Pront huurder van plaats No.13 (contract) in de hal is in verband met de afwezigheid en de niet betaling van J.Brilleslijper diens plaats No.12 in de hal over de maand Juli 1936 bezet en betaald.

Eind Juli 1936,toen ondergeteekende van verlof terug kwam,was na getroffen regeling voor wat betreft de afbetaling van het achterstalli-ge plaatsgeld door den heer Sixma met medeweten van U aan Brilleslijper toegestaan zijn plaats No.12 in de hal met ingang van 1 Augustus j.l. weer te bezetten.De heer Pront,die zulks ter oore kwam haastte zich de eerste termijn van de maandhuur over Augustus 1936 van plaats No.12 te voldoen,blijkbaar in de veronderstelling zich daarmede de blijvende be-zetting van deze "gewilde hoekplaats" te kunnen verzekeren.Aangezien Brilleslijper overeenkomstig de afspraak zijn plaats wederom wenschte te bezetten (en dit dan ook op 3 t/m.12 Aug. [handgeschreven invoeging boven de getypte datum:] 22/8, 24/8 t/m 29/8) j.l.volgens de pr.lijst heeft gedaan)heb ik de kwestie,bij afwezigheid van den heer Directeur, aan den heer Sixma voorgelegd en geadviseerd de betaling van Pront voor plaats No.12 over Augustus j.l.ongedaan te maken,waarmede deze kwestie geregeld zou zijn.Mede op advies van den heer van Praag droeg de heer Sixma mij op Pront het geheele bedrag zijnde f 50.-- te laten betalen.Bij Uw terugkomst zou een en ander,aangezien U deze aangelegenheid mede had behandeld,nader geregeld worden.

Waar plaats No.12 in de maand Augustus j.l. een paar [handgeschreven kruisje 'x' boven 'door'] door den heer Brilleslijper en niet door den heer Pront is bezet was deze de betaalde f 50.--dus niet schuldig en adviseer ik U dan ook hem voor dit bedrag voor restitutie in aanmerking te willen doen komen.

Amsterdam 4 November 1936
De assistent-bedrijfschef.
[Signatuur:] H Steenbeek

[Handgeschreven tekst linksonder:]
Door Pront werd over Aug 1936
van plaats 12. f 50.- betaald.
Pront heeft dus recht op f 50.-
Restitutie.
19/11 '36
[Paraaf:] JvS
Accoord
[Signatuur:] W Haas

[Handgeschreven tekst rechtsonder, diagonaal:]
afgedaan
bedrag verrekend * De kern van de zaak: Het document beschrijft een administratieve verwarring rondom de verhuur van een "gewilde hoekplaats" (plaats No. 12) in een markthal. De oorspronkelijke huurder, J. Brilleslijper, had een betalingsachterstand. Gedurende zijn afwezigheid nam S. Pront (huurder van de naburige plaats No. 13) de plek over en betaalde 50 gulden huur voor augustus in de hoop de plek definitief te bemachtigen.
* Conflict en Oplossing: Brilleslijper trof echter een betalingsregeling met de heer Sixma en keerde in augustus terug naar zijn plek. Hierdoor had Pront onterecht betaald voor een plek die hij niet kon gebruiken. De assistent-bedrijfschef, Steenbeek, adviseert daarom om de 50 gulden aan Pront te restitueren.
* Administratieve hiërarchie: Uit de tekst blijkt een duidelijke bureaucratische structuur. Steenbeek rapporteert aan de Bedrijfschef, overlegt met de heren Sixma en Van Praag, en verwijst naar de afwezigheid van de Directeur. De handgeschreven noten onderaan tonen de uiteindelijke goedkeuring ("Accoord") en de bevestiging dat de betaling is afgehandeld ("verrekend").
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in formeel, zakelijk Nederlands uit het interbellum, met de toen geldende spelling (bijv. "ondergeteekende", "oore", "wederom"). * Tijdsbeeld: 1936 was een jaar midden in de Grote Depressie. Een bedrag van 50 gulden voor een maand huur van een marktkraam was aanzienlijk, wat verklaart waarom de administratie hier zo zorgvuldig mee omging.
* Locatie: Hoewel de specifieke hal niet wordt genoemd, wijzen de namen (Pront, Brilleslijper, Van Praag) en de context van de markthandel sterk in de richting van de Amsterdamse Joodse marktkooplieden, mogelijk werkzaam in de Centrale Markthallen of op een markt zoals het Waterlooplein.
* Historische waarde: Dit type document biedt een inkijkje in het dagelijks beheer van de Amsterdamse markten en de economische strijd van kleine handelaren om goede standplaatsen te behouden in een moeilijke economische tijd. H. Steenbeek J. Brilleslijper Pront (De heer) S. Pront

Samenvatting

  • De kern van de zaak: Het document beschrijft een administratieve verwarring rondom de verhuur van een "gewilde hoekplaats" (plaats No. 12) in een markthal. De oorspronkelijke huurder, J. Brilleslijper, had een betalingsachterstand. Gedurende zijn afwezigheid nam S. Pront (huurder van de naburige plaats No. 13) de plek over en betaalde 50 gulden huur voor augustus in de hoop de plek definitief te bemachtigen.
  • Conflict en Oplossing: Brilleslijper trof echter een betalingsregeling met de heer Sixma en keerde in augustus terug naar zijn plek. Hierdoor had Pront onterecht betaald voor een plek die hij niet kon gebruiken. De assistent-bedrijfschef, Steenbeek, adviseert daarom om de 50 gulden aan Pront te restitueren.
  • Administratieve hiërarchie: Uit de tekst blijkt een duidelijke bureaucratische structuur. Steenbeek rapporteert aan de Bedrijfschef, overlegt met de heren Sixma en Van Praag, en verwijst naar de afwezigheid van de Directeur. De handgeschreven noten onderaan tonen de uiteindelijke goedkeuring ("Accoord") en de bevestiging dat de betaling is afgehandeld ("verrekend").
  • Taalgebruik: Het document is opgesteld in formeel, zakelijk Nederlands uit het interbellum, met de toen geldende spelling (bijv. "ondergeteekende", "oore", "wederom").

Historische Context

  • Tijdsbeeld: 1936 was een jaar midden in de Grote Depressie. Een bedrag van 50 gulden voor een maand huur van een marktkraam was aanzienlijk, wat verklaart waarom de administratie hier zo zorgvuldig mee omging.
  • Locatie: Hoewel de specifieke hal niet wordt genoemd, wijzen de namen (Pront, Brilleslijper, Van Praag) en de context van de markthandel sterk in de richting van de Amsterdamse Joodse marktkooplieden, mogelijk werkzaam in de Centrale Markthallen of op een markt zoals het Waterlooplein.
  • Historische waarde: Dit type document biedt een inkijkje in het dagelijks beheer van de Amsterdamse markten en de economische strijd van kleine handelaren om goede standplaatsen te behouden in een moeilijke economische tijd.

Genoemde Personen 4

Locaties

Centrale Markt Waterlooplein

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Kruidenier (Droog): Meel Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Vlees Vleeswaren: Wild

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Ambtenaren

Bedrijfschef

Gerelateerde Documenten 6