Officiële brief/aanmaning.
Origineel
Officiële brief/aanmaning. 15 juni 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een vergelijkbare gemeentelijke instantie), kantoorhoudende aan de Jan van Galenstraat 14, Amsterdam. HG. extra
85/72/1 M.
1 15 Juni 1939.
den Heer S.Schelvis,
Waterlooplein 56,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.
In bijlage doe ik U een overzicht toekomen van
door U verschuldigd standplaatsgeld wegens het plaatsen
van kramen. Indien U deze schuld, alsmede hetgeen U op den
betaaldag verder aan kramengeld schuldig is, niet uiterlijk
Maandag 19 Juni a.s. betaalt bij den kassier te mijnen
kantore, Jan van Galenstraat 14, zal aan Burgemeester en
Wethouders worden voorgesteld, de U verleende vergunning
tot het plaatsen van kramen in te trekken. Uw kramen enz.
zullen dan niet meer op de markten worden toegelaten; Uw
huurders zullen dan verplicht zijn hun kramen enz. elders
te huren.
De Directeur, * **Inhoud:** De brief is een dwingende sommatie tot betaling van achterstallig standplaatsgeld en kramengeld. De ontvanger, de heer S. Schelvis, krijgt een zeer korte termijn (vier dagen na dagtekening) om zijn schuld te voldoen bij het kantoor aan de Jan van Galenstraat.
- Sancties: Bij niet-tijdige betaling dreigt de directeur met het intrekken van de vergunning voor het plaatsen van kramen. Dit zou betekenen dat zijn kramen niet meer op de markt worden toegelaten, wat ook directe gevolgen heeft voor de mensen die kramen van hem huren.
- Toon: De toon is ambtelijk, formeel en resoluut. Het gebruik van de derde persoon ("zal aan Burgemeester en Wethouders worden voorgesteld") onderstreept het officiële karakter en de ernst van de situatie. * Historische context: De brief dateert van vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De heer S. Schelvis woonde aan het Waterlooplein 56, in het hart van de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam. "Schelvis" is een bekende Joodse familienaam in Amsterdam, en velen van hen waren werkzaam in de markthandel.
- Betekenis: Documenten als deze geven inzicht in de dagelijkse administratieve druk en de economische positie van markthandelaren in vooroorlogs Amsterdam. In de jaren dertig was er sprake van economische malaise, wat de achterstand in betalingen zou kunnen verklaren. Gezien de datum en de achtergrond van de geadresseerde, krijgt een dergelijke bureaucratische aanmaning een wrange bijsmaak in het licht van de gebeurtenissen die kort daarop zouden volgen tijdens de bezetting. S. Schelvis Marktwezen