Ambtsbericht of intern memorandum betreffende marktwezen.
Origineel
Ambtsbericht of intern memorandum betreffende marktwezen. Mej. Kesteren beweert, dat haar echtgenoot reeds 15 jaar marktkoop-
man is. Bij den dienst op het marktwezen is hij echter niet bekend.
~~Sedert Jan 1934 af is op een of meer~~
Sedert Jan. 1934 heeft hij op geen der markten ~~wel eens~~ een vaste plaats ingenomen.
Dit is niet het geval geweest. Mogelijk is, dat hij gedurende de
laatste tijd op een of meerdere markten, als losse plaatshouder,
aan de loting heeft deelgenomen.
Het aantal reflectanten voor plaatsen op de markten is de laatste
tijd geweldig toegenomen. De oorzaken daarvan zijn o.a. a. moei-
lijker bereiken der buitenmarkten; b. het werkloos worden van tal
van personen, welke thans probeeren als marktkoopman hun brood
te verdienen; c. kooplieden, die voorheen tijdenlang in den
steun waren opgenomen, worden thans verplicht, marktplaat-
sen in te nemen. Vooral des Zaterdags moeten tal van
personen, die voor ^het bekomen van^ een losse plaats aan de loting deel-
nemen worden afgewezen, daar slechts weinig open plaatsen
beschikbaar zijn.
De vaste plaatshouders, die in militaire dienst zijn geweest
hebben op 16 na hun plaatsen weer ingenomen, terwijl een
groot aantal vaste plaatshouders, die eerst in steun
waren, genoodzaakt zijn geworden, hun plaatsen in te nemen.
De uitgifte der losse plaatsen geschiedt overigens
^geheel^ volgens het bij art. 7 van het Reglement op de... * Inhoud: Het document betreft een onderzoek naar de status van een zekere heer Kesteren als marktkoopman. De instantie spreekt de bewering van zijn echtgenote tegen: hij is niet bekend bij de marktmeester en heeft in de voorgaande periode geen vaste standplaats gehad.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands met de kenmerkende spelling van vóór de wijzigingen van 1947 (bijv. "den", "marktwezen", "reflectanten").
* Toestand: Het betreft een concept of een kladversie met diverse doorhalingen en tussenvoegingen (interliniëringen), wat duidt op een zorgvuldige formulering van het ambtelijk standpunt.
* Kernpunten:
* De enorme toename van gegadigden ("reflectanten") voor marktplaatsen.
* Het tekort aan "losse" plaatsen, vooral op zaterdag, waardoor lotingen noodzakelijk zijn.
* De prioriteit voor terugkerende militairen en de verplichting voor steuntrekkers om weer als koopman aan de slag te gaan. Dit document is opgesteld in 1934, midden in de Grote Depressie. De tekst biedt een scherp inzicht in de sociaaleconomische omstandigheden van die tijd:
1. Crisis en Werkloosheid: De markt fungeerde als een laatste toevluchtsoord voor mensen die hun baan hadden verloren en probeerden als kleine zelfstandige te overleven.
2. De 'Steun': Er was sprake van een streng overheidsbeleid waarbij mensen in de werkloosheidsvoorziening (de steun) gedwongen werden om elke vorm van inkomsten te zoeken, inclusief het hernemen van een oude handel op de markt.
3. Schaarste: De overbezetting van de markten leidde tot strikte regulering en een lotingsysteem voor de schaarse 'losse' plekken, aangezien de vaste plekken bezet bleven door teruggekeerde militairen en gereactiveerde kooplieden. M. No Marktwezen