Verordening / Reglement (mogelijk een uittreksel uit de Marktverordening).
Origineel
Verordening / Reglement (mogelijk een uittreksel uit de Marktverordening). VII
De uitstallingen op de karren in het vorige lid bedoeld
mogen niet hooger dan 1½ M. boven het straatvlak uitkomen.
b. op markten waar de uitstallingen op of langs de trot-
toirs grenzende aan de huizen staan mag niet in kramen wor-
den uitgestald;
c. karren, die langs aan de huizen grenzende trottoirs zijn
geplaatst mogen slechts worden afgedekt met een tentzeil,
hetwelk slechts aan de karren zelf mag zijn bevestigd;
d. wanneer kramen of karren overdekt zijn mag die overdek-
king zich nergens lager dan 2 M. boven het straatvlak
bevinden, niet breeder zijn dan de frontbreedte der plaats
en niet dieper dan 3 M. en uitsluitend aan de kar of kraam
bevestigd zijn;
e. karren, welke gediend hebben voor het aanvoeren van
goederen en niet voor het uitstallen daarvan worden ge-
bruikt, moeten uiterlijk des middags te 12 uur van de
markt zijn verwijderd.
Het sub e bepaalde is niet van toepassing op de Nieuwmarkt
en op de markt op het Waterlooplein.
Art. 25
Het is verboden op de markten boek- of drukwerken van
welken aard ook luidkeels aan te prijzen of daarmede te
standwerken. Het voeren van godsdienstige, politieke, of
welke propaganda ook, is op de markten verboden.
Standwerken met andere artikelen dan in de eerste ali-
nea bedoeld, is slechts toegestaan op door den Direc-
teur van het Marktwezen aan te wijzen gedeelten der markten.
Art. 26
Ieder die tijdens of buiten de uren, waarop markt wordt
gehouden, goederen aanvoert, waarvoor ingevolge de Verorde-
ning op de heffing van markt- standplaats-en ventgelden,
marktgeld verschuldigd is, is verplicht naar waarheid de
hoeveelheid en de soort dier goederen op de door den Direc-
teur van het Marktwezen aangegeven wijze en desverlangd met
overlegging van bewijsstukken aan den marktambtenaar op te
geven, opdat daarnaar het verschuldigde marktgeld kan wor-
den berekend.
Art. 27
Ieder, die op de brandstoffenmarkt ligplaats met een
vaartuig inneemt, is verplicht, aan den Directeur van het * Inhoud: Dit document bevat specifieke regelgeving met betrekking tot de inrichting en het beheer van openbare markten. Het regelt technische details zoals de maximale hoogte en diepte van kramen en overkappingen (Art. 24, resterende punten), het verbod op luidruchtige verkoop van drukwerk en propaganda (Art. 25), en de administratieve verplichtingen van handelaren met betrekking tot marktgeld (Art. 26). Art. 27 gaat over de brandstoffenmarkt en vaartuigen.
* Toon: Formeel, juridisch en dwingend.
* Bijzonderheden: De tekst maakt een onderscheid tussen algemene markten en specifieke locaties zoals de Nieuwmarkt en het Waterlooplein, waar afwijkende regels gelden voor het verwijderen van karren. Er wordt strikt onderscheid gemaakt tussen 'uitstallen' en 'aanvoeren'. Dit document is een typisch voorbeeld van gemeentelijke regelgeving uit het interbellum of de vroege naoorlogse periode in Amsterdam. De markt was destijds een essentiële bron van voedselvoorziening en handel voor de stad. Om de orde te handhaven, de doorgang voor voetgangers te waarborgen (zoals blijkt uit de regels over trottoirs) en inkomsten te genereren via marktgelden, stelde de gemeente strikte regels op. Het verbod op godsdienstige of politieke propaganda in Art. 25 wijst op een streven naar een neutrale handelsruimte, vrij van publieke onrust. De functie van 'Directeur van het Marktwezen' onderstreept het bureaucratische apparaat dat destijds de markten beheerde. De vermelding van 'vaartuigen' op de 'brandstoffenmarkt' (waarschijnlijk voor de handel in turf of kolen) herinnert aan een tijd waarin veel transport naar de stad nog over water plaatsvond. Marktwezen