Archief 745
Inventaris 745-324
Pagina 303
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Brief/Doorslag van een officiële correspondentie.

2 augustus 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een gemeentelijke instantie in Amsterdam). Aan: Den Heer S. de Vries, Zwanenburgwal 92 I, Amsterdam-Centrum.

Origineel

Brief/Doorslag van een officiële correspondentie. 2 augustus 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of een gemeentelijke instantie in Amsterdam). Den Heer S. de Vries, Zwanenburgwal 92 I, Amsterdam-Centrum. Extra [handgeschreven]

den Heer S. de Vries,
Zwanenburgwal 92 I,
Amsterdam-Centrum.

Wyk 2.
33/67/2 M 2 Augustus 1940.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 25 Juli jl. bericht ik U, dat U geen verder uitstel van plaatsbezetting op de markt Westerstraat kan worden verleend. Indien U thans de marktplaats niet regelmatig kunt bezetten, zal zij worden ingetrokken, overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van het Reglement op de Markten.

De Directeur, Het document is een zakelijke, dwingende mededeling aan een markthandelaar, de heer S. de Vries. Uit de tekst blijkt dat de heer De Vries eerder (op 25 juli 1940) om uitstel heeft gevraagd voor het bezetten van zijn standplaats op de markt in de Westerstraat (de bekende Jordaanmarkt in Amsterdam).

De instantie wijst dit verzoek af en stelt een ultimatum: als de plek niet regelmatig wordt ingenomen, volgt intrekking van de vergunning op basis van het Marktreglement. De toon is bureaucratisch en onverbiddelijk. De handgeschreven aantekening "Extra" duidt mogelijk op een speciale status van de verzending of het dossier. De datum van de brief, 2 augustus 1940, is cruciaal. Nederland was op dat moment ruim twee maanden bezet door nazi-Duitsland. Hoewel de brief op het eerste gezicht een routinematige administratieve kwestie lijkt, krijgt het een beladen betekenis wanneer men kijkt naar de naam en het adres van de ontvanger.

De Zwanenburgwal lag in het hart van de Joodse buurt van Amsterdam. Veel markthandelaren op de Westerstraat waren Joods. In de eerste maanden van de bezetting begonnen de Duitse autoriteiten en de collaborerende administratie met het systematisch bemoeilijken van de economische positie van Joodse burgers. Het strikt handhaven van reglementen (zoals de plicht tot "regelmatige bezetting") werd vaak gebruikt als instrument om Joodse ondernemers hun vergunningen te ontnemen nog voordat de expliciete anti-Joodse verordeningen volledig van kracht waren.

Het is zeer waarschijnlijk dat de heer De Vries door de onrust, beperkingen of persoonlijke omstandigheden aan het begin van de bezetting niet in staat was zijn handel voort te zetten, en dat dit document de administratieve voorbode is van de uitsluiting van Joodse handelaren van de openbare markten. S. de Vries Marktwezen

Samenvatting

Het document is een zakelijke, dwingende mededeling aan een markthandelaar, de heer S. de Vries. Uit de tekst blijkt dat de heer De Vries eerder (op 25 juli 1940) om uitstel heeft gevraagd voor het bezetten van zijn standplaats op de markt in de Westerstraat (de bekende Jordaanmarkt in Amsterdam).

De instantie wijst dit verzoek af en stelt een ultimatum: als de plek niet regelmatig wordt ingenomen, volgt intrekking van de vergunning op basis van het Marktreglement. De toon is bureaucratisch en onverbiddelijk. De handgeschreven aantekening "Extra" duidt mogelijk op een speciale status van de verzending of het dossier.

Historische Context

De datum van de brief, 2 augustus 1940, is cruciaal. Nederland was op dat moment ruim twee maanden bezet door nazi-Duitsland. Hoewel de brief op het eerste gezicht een routinematige administratieve kwestie lijkt, krijgt het een beladen betekenis wanneer men kijkt naar de naam en het adres van de ontvanger.

De Zwanenburgwal lag in het hart van de Joodse buurt van Amsterdam. Veel markthandelaren op de Westerstraat waren Joods. In de eerste maanden van de bezetting begonnen de Duitse autoriteiten en de collaborerende administratie met het systematisch bemoeilijken van de economische positie van Joodse burgers. Het strikt handhaven van reglementen (zoals de plicht tot "regelmatige bezetting") werd vaak gebruikt als instrument om Joodse ondernemers hun vergunningen te ontnemen nog voordat de expliciete anti-Joodse verordeningen volledig van kracht waren.

Het is zeer waarschijnlijk dat de heer De Vries door de onrust, beperkingen of persoonlijke omstandigheden aan het begin van de bezetting niet in staat was zijn handel voort te zetten, en dat dit document de administratieve voorbode is van de uitsluiting van Joodse handelaren van de openbare markten.

Genoemde Personen 1

Locaties

Westerstraat

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Duitsland/Oosten Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Gerelateerde Documenten 6