Archief 745
Inventaris 745-325
Pagina 64
Dossier 113
Jaar 1940
Stadsarchief

Officiële brief/beschikking.

18 november 1940. Van: De Directeur van het Marktwezen Amsterdam. Aan: Den Heer I. Gobets, Lepelstraat 37 III, Amsterdam-Centrum. Dossier: 8

Origineel

Officiële brief/beschikking. 18 november 1940. De Directeur van het Marktwezen Amsterdam. Den Heer I. Gobets, Lepelstraat 37 III, Amsterdam-Centrum. [Briefhoofd met wapen van Amsterdam]
Marktwezen Amsterdam
Jan van Galenstraat 14 (West)
Telefoon 85151

A.Z. Model No. 8a-5000-6-'40-1070
VP/HG.

Aan : den Heer I. Gobets,
Lepelstraat 37 III,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 10.

Verzoeke bij beantwoording datum en
nummer van dezen brief te vermelden

No: 33/97/2 M.
Bijlagen :
Datum : 18 November 1940.

Onderwerp :

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 29 October jl. verleen ik U hierbij gedurende ten hoogste twee maanden na dato dezes uitstel van Uw verplichting om regelmatig Uw plaats op de markt Westerstraat te bezetten, mits U zorgdraagt, dat het ook tijdens Uw afwezigheid versch. marktgeld wekelijks wordt betaald.

De Directeur,
[Handtekening]

18/11/40 [Paraaf] Het betreft een administratief schrijven van de Dienst van het Marktwezen in Amsterdam aan een marktkoopman, de heer I. Gobets. In de brief wordt gereageerd op een verzoek van de heer Gobets van 29 oktober 1940.

De kern van de beschikking is dat de heer Gobets een tijdelijke ontheffing krijgt (voor maximaal twee maanden) van de zogenaamde 'bezetplicht'. Normaal gesproken was een marktkoopman verplicht zijn aangewezen plek op de markt (in dit geval de Westerstraatmarkt) persoonlijk in te nemen om zijn vergunning te behouden. De directeur van het Marktwezen staat dit uitstel toe, maar voegt daar handmatig een dwingende voorwaarde aan toe: het verschuldigde marktgeld moet ook tijdens zijn afwezigheid wekelijks voldaan worden. Dit document is gedateerd op 18 november 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context is beladen vanwege de identiteit van de ontvanger en de locatie:

  1. Isaac Gobets: De geadresseerde, I. (Isaac) Gobets, woonde aan de Lepelstraat, een straat in de toenmalige Jodenbuurt van Amsterdam. Veel Joodse marktkooplieden ondervonden in deze periode de eerste gevolgen van anti-Joodse maatregelen, hoewel de volledige uitsluiting van Joden van de reguliere markten pas in 1941 definitief werd geëffectueerd.
  2. Marktwezen onder druk: In de herfst van 1940 begon de bezetter de grip op het economisch leven te verstevigen. Op 22 oktober 1940 (vlak voor de aanvraag van Gobets) was de verordening 189/40 van kracht geworden, die de registratie van Joodse ondernemingen verplichtte.
  3. Westerstraatmarkt: Deze markt was (en is) een van de grote markten in de Jordaan. Voor veel Joodse handelaren was de marktpositie hun enige bron van inkomsten. Het aanvragen van uitstel voor bezetting kon wijzen op ziekte, maar ook op de toenemende moeilijkheden om de handel legaal voort te zetten in een vijandig wordend bureaucratisch klimaat.

Dergelijke documenten in archieven zijn vaak de laatste sporen van de normale bedrijfsvoering van Joodse Amsterdammers voordat de systematiek van de Holocaust hun het werken en leven onmogelijk maakte. A.Z. Model I. Gobets M. Gemeente Amsterdam Marktwezen

Samenvatting

Het betreft een administratief schrijven van de Dienst van het Marktwezen in Amsterdam aan een marktkoopman, de heer I. Gobets. In de brief wordt gereageerd op een verzoek van de heer Gobets van 29 oktober 1940.

De kern van de beschikking is dat de heer Gobets een tijdelijke ontheffing krijgt (voor maximaal twee maanden) van de zogenaamde 'bezetplicht'. Normaal gesproken was een marktkoopman verplicht zijn aangewezen plek op de markt (in dit geval de Westerstraatmarkt) persoonlijk in te nemen om zijn vergunning te behouden. De directeur van het Marktwezen staat dit uitstel toe, maar voegt daar handmatig een dwingende voorwaarde aan toe: het verschuldigde marktgeld moet ook tijdens zijn afwezigheid wekelijks voldaan worden.

Historische Context

Dit document is gedateerd op 18 november 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context is beladen vanwege de identiteit van de ontvanger en de locatie:

  1. Isaac Gobets: De geadresseerde, I. (Isaac) Gobets, woonde aan de Lepelstraat, een straat in de toenmalige Jodenbuurt van Amsterdam. Veel Joodse marktkooplieden ondervonden in deze periode de eerste gevolgen van anti-Joodse maatregelen, hoewel de volledige uitsluiting van Joden van de reguliere markten pas in 1941 definitief werd geëffectueerd.
  2. Marktwezen onder druk: In de herfst van 1940 begon de bezetter de grip op het economisch leven te verstevigen. Op 22 oktober 1940 (vlak voor de aanvraag van Gobets) was de verordening 189/40 van kracht geworden, die de registratie van Joodse ondernemingen verplichtte.
  3. Westerstraatmarkt: Deze markt was (en is) een van de grote markten in de Jordaan. Voor veel Joodse handelaren was de marktpositie hun enige bron van inkomsten. Het aanvragen van uitstel voor bezetting kon wijzen op ziekte, maar ook op de toenemende moeilijkheden om de handel legaal voort te zetten in een vijandig wordend bureaucratisch klimaat.

Dergelijke documenten in archieven zijn vaak de laatste sporen van de normale bedrijfsvoering van Joodse Amsterdammers voordat de systematiek van de Holocaust hun het werken en leven onmogelijk maakte.

Genoemde Personen 3

Locaties

Centrale Markt Westerstraat

Producten

Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam Marktwezen

Gerelateerde Documenten 6