Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie.
Origineel
Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie. 1 mei 1940. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst, afgaande op de adressering aan de wethouder). [Handgeschreven rechtsboven:] lev. Mr. Müller
HG.
46A/10/7 M. [Handgeschreven:] Verzonden 1/5-'40.
n 2
1 Mei 1940.
Contract E. van Meekeren.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van het met Uw apostille no.291
L.M.1940 d.d. 19 April jl. ter zegeling en teekening ont-
vangen contract (in duplo) heb ik de eer U beleefd te ver-
zoeken de onderteekening door den heer Burgemeester te willen
bevorderen. Daarna zal ik gaarne de beide exemplaren terug
ontvangen teneinde voor registratie en uitreiking van één
exemplaar aan de wederpartij te doen zorgdragen.
De Directeur, * Onderwerp: De brief betreft de formele afhandeling van een contract met een zekere E. van Meekeren.
* Procedure: Het contract is reeds voorzien van een 'apostille' (een kanttekening of beschikking) en is in tweevoud (duplo) verzonden. De directeur verzoekt de wethouder om zorg te dragen dat de Burgemeester het document ondertekent. Na ondertekening moeten de stukken terug naar de directeur voor registratie en verstrekking aan de contractant (de wederpartij).
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk taalgebruik ("heb ik de eer U beleefd te verzoeken", "te willen bevorderen") kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw.
* Opmerkelijke details: De handgeschreven notitie "lev. Mr. Müller" bovenin suggereert dat het document mogelijk langs een juridisch adviseur of specifiek ambtenaar genaamd Müller is gegaan. * Historische tijdsgeest: De datum, 1 mei 1940, is zeer saillant. Dit is slechts negen dagen voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Het document toont de voortgang van de reguliere civiele administratie op de drempel van de oorlog.
* Voedselvoorziening: De adressering aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen" wijst op het belang van de gemeentelijke bemoeienis met voedseldistributie en -voorziening, een taak die door de oorlogsdreiging en de daaropvolgende bezetting alleen maar crucialer zou worden.
* Administratieve structuur: De brief illustreert de hiërarchische weg binnen een Nederlands gemeentebestuur, waarbij contracten via een vakdirecteur en de verantwoordelijke wethouder uiteindelijk door de burgemeester als hoogste uitvoerende macht bekrachtigd moesten worden.
Samenvatting
- Onderwerp: De brief betreft de formele afhandeling van een contract met een zekere E. van Meekeren.
- Procedure: Het contract is reeds voorzien van een 'apostille' (een kanttekening of beschikking) en is in tweevoud (duplo) verzonden. De directeur verzoekt de wethouder om zorg te dragen dat de Burgemeester het document ondertekent. Na ondertekening moeten de stukken terug naar de directeur voor registratie en verstrekking aan de contractant (de wederpartij).
- Taalgebruik: Formeel ambtelijk taalgebruik ("heb ik de eer U beleefd te verzoeken", "te willen bevorderen") kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw.
- Opmerkelijke details: De handgeschreven notitie "lev. Mr. Müller" bovenin suggereert dat het document mogelijk langs een juridisch adviseur of specifiek ambtenaar genaamd Müller is gegaan.
Historische Context
- Historische tijdsgeest: De datum, 1 mei 1940, is zeer saillant. Dit is slechts negen dagen voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Het document toont de voortgang van de reguliere civiele administratie op de drempel van de oorlog.
- Voedselvoorziening: De adressering aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen" wijst op het belang van de gemeentelijke bemoeienis met voedseldistributie en -voorziening, een taak die door de oorlogsdreiging en de daaropvolgende bezetting alleen maar crucialer zou worden.
- Administratieve structuur: De brief illustreert de hiërarchische weg binnen een Nederlands gemeentebestuur, waarbij contracten via een vakdirecteur en de verantwoordelijke wethouder uiteindelijk door de burgemeester als hoogste uitvoerende macht bekrachtigd moesten worden.