Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Vischmarkt of een verwante dienst). Voorzitter van de Centrale Puf- en Nestcommissie, Riouwstraat 186, 's-Gravenhage. [Handgeschreven rechtsboven:]
ter. m. de Boer
ter. Vischmarkt
[Getypt:]
vP/DV.
46A/17/2 M. [Handgeschreven:] Verzonden 17/5-'40.
16 Mei 1940.
den Heer Voorzitter van de
Centrale Puf- en Nestcommissie,
Riouwstraat 186,
's-GRAVENHAGE.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 24 April jl. be-
richt ik U, dat ik den klerk-kassier van de Vischmarkt van mijn
dienst A.H.Drukker heb aangewezen als plaatselijk agent voor de
Centrale Puf- en Nest-Commissie.
De Directeur, Deze brief is een formele kennisgeving van een aanstelling. De directeur van een niet nader genoemde dienst (gezien de context waarschijnlijk een gemeentelijke marktmeester of directeur van de vismarkt) wijst een medewerker aan als lokale vertegenwoordiger voor een rijkscommissie.
Opvallende details:
1. A.H. Drukker: De aangewezen persoon is de "klerk-kassier van de Vischmarkt".
2. Datering: De brief is gedateerd op 16 mei 1940. Dit is slechts één dag na de Nederlandse capitulatie (15 mei 1940). Het feit dat de administratieve processen direct doorgingen, is kenmerkend voor de overgang naar de bezettingsperiode.
3. Centrale Puf- en Nestcommissie: Dit was een overheidsorgaan dat zich bezighield met de regulering van en handel in veren en dons (gebruikt voor o.a. beddengoed en kleding). In tijden van schaarste en oorlogseconomie werden dergelijke commissies opgericht om grondstoffen te beheren. De Centrale Puf- en Nestcommissie viel onder de Crisis-Organisatie van de Nederlandse overheid. "Puf" is een oude term voor dons of fijne veertjes. Tijdens de mobilisatie en de daaropvolgende bezetting was er een grote behoefte aan isolatiemateriaal voor militaire en civiele doeleinden.
De brief illustreert hoe lokale ambtenaren (in dit geval van de Vischmarkt) nevenfuncties kregen toebedeeld in de distributie- en crisisorganen die Nederland rijk was. De locatie van de commissie (Riouwstraat 186 in Den Haag) betreft een herenhuis dat in die periode als kantoorruimte voor dergelijke semi-overheidsinstellingen werd gebruikt. A.H. Drukker
Samenvatting
Deze brief is een formele kennisgeving van een aanstelling. De directeur van een niet nader genoemde dienst (gezien de context waarschijnlijk een gemeentelijke marktmeester of directeur van de vismarkt) wijst een medewerker aan als lokale vertegenwoordiger voor een rijkscommissie.
Opvallende details:
1. A.H. Drukker: De aangewezen persoon is de "klerk-kassier van de Vischmarkt".
2. Datering: De brief is gedateerd op 16 mei 1940. Dit is slechts één dag na de Nederlandse capitulatie (15 mei 1940). Het feit dat de administratieve processen direct doorgingen, is kenmerkend voor de overgang naar de bezettingsperiode.
3. Centrale Puf- en Nestcommissie: Dit was een overheidsorgaan dat zich bezighield met de regulering van en handel in veren en dons (gebruikt voor o.a. beddengoed en kleding). In tijden van schaarste en oorlogseconomie werden dergelijke commissies opgericht om grondstoffen te beheren.
Historische Context
De Centrale Puf- en Nestcommissie viel onder de Crisis-Organisatie van de Nederlandse overheid. "Puf" is een oude term voor dons of fijne veertjes. Tijdens de mobilisatie en de daaropvolgende bezetting was er een grote behoefte aan isolatiemateriaal voor militaire en civiele doeleinden.
De brief illustreert hoe lokale ambtenaren (in dit geval van de Vischmarkt) nevenfuncties kregen toebedeeld in de distributie- en crisisorganen die Nederland rijk was. De locatie van de commissie (Riouwstraat 186 in Den Haag) betreft een herenhuis dat in die periode als kantoorruimte voor dergelijke semi-overheidsinstellingen werd gebruikt.