Rapport / Dienstbrief
Origineel
Rapport / Dienstbrief 26 april 1940 [Onleesbaar, mogelijk H. Stam], ambtenaar bij het Marktwezen. Dr. A. van der Laan, Directeur Marktwezen, Amsterdam (gevestigd aan de Amstel 245 ben.). Rapport № 46A / 18/1 M. 1940
Amsterdam 26 April 1940.
Amstel 245 ben.
Dr. A. van der Laan.
Dir: Marktwezen.
Amsterdam.
Heden morgen 26 April ’40, was alhier aan de Vischmarkt één Urkerbotter n.l. de Boer, UK. 205. Aangezien het de heele week mooi weer is geweest, had ik wel meer Urkerbotters aan de markt verwacht.
Ik vroeg hiervan den oorzaak aan Schipper de Boer van UK 205. Hij vertelde mij, dat het op heden slecht gaat om naar Amsterdam te komen markten, om rede, Holland in Staat van beleg is verklaard en dat de haven van Ymuiden des nachts versperd is.
Na s’avonds 10 uur tot s’morgens 5 uur mogen geen schepen de haven van Ymuiden binnen varen. Dus als wij des morgens na 5 uur, binnen komen, kunnen wij wel den afslag te Ymuiden halen, maar daar wij 2 ½ à 3 uur noodig hebben om Amsterdam te bereiken, wordt het te laat om den afslag in Amsterdam te halen. Dit is de rede waarom wij op heden, weinig Urkerbotters aan de markt zullen krijgen.
Hoogachtend,
[Handtekening: Abe Stam / H. Stam] Dit handgeschreven rapport is een ambtelijke mededeling die de logistieke problemen van de Amsterdamse visvoorziening in het voorjaar van 1940 blootlegt. De kern van het probleem is een timing-conflict veroorzaakt door militaire beperkingen:
- De Sperrtijd: De haven van IJmuiden (in de tekst geschreven als 'Ymuiden') was tussen 22:00 uur en 05:00 uur gesloten voor scheepvaart.
- Logistieke vertraging: Doordat vissers pas na 05:00 uur de haven konden binnenvaren, konden zij de veiling in IJmuiden nog wel halen, maar de extra reisduur van circa drie uur naar Amsterdam zorgde ervoor dat zij daar te laat arriveerden voor de lokale afslag.
- Economisch gevolg: Hierdoor kozen de Urker vissers (herkenbaar aan de registratie 'UK') ervoor hun vangst direct in IJmuiden te verkopen in plaats van door te varen naar de hoofdstad, wat leidde tot schaarste op de Amsterdamse markt.
De toon is zakelijk en rapporterend, bedoeld om de directeur van het Marktwezen te informeren over de teruglopende marktactiviteit. Het document is gedateerd op 26 april 1940, exact twee weken voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). Nederland was op dat moment reeds maanden in een staat van mobilisatie. De in het document genoemde "Staat van beleg" verwijst naar de verscherpte militaire waakzaamheid.
De beperkingen in de haven van IJmuiden waren onderdeel van de defensieve maatregelen om de toegang tot het Noordzeekanaal en daarmee het achterland (de Vesting Holland) te controleren. Dit document illustreert hoe de naderende oorlogsdreiging het dagelijks leven en de voedseldistributie in Nederland al vóór de feitelijke invasie begon te ontregelen. De Urker botters, die van oudsher een belangrijke rol speelden in de visaanvoer naar Amsterdam, werden hierdoor direct in hun bedrijfsvoering geraakt.