Getypte brief op officieel papier.
Origineel
Getypte brief op officieel papier. 1 juli 1940. De Directeur (waarschijnlijk van de Centrale Markt Amsterdam). De Directie van de Nederlandsche Spoorwegen, Commercieele Afdeeling 8, Utrecht. M/HG. Extra
68/5/5 M.
n 2
1 Juli 1940.
de Directie van de Nederlandsche Spoorwegen,
Commercieele Afdeeling 8,
UTRECHT.
Naar aanleiding van de bespreking, die ik met Uwen heer Reiningh heb gehad terzake den verkoop van appelen en peren uit wagon no.17029, heb ik de eer als bijlage dezes een brief te doen toekomen van den heer B. Polak, die in combinatie met andere grossiers, door mij met den verkoop van den inhoud van wagons werd belast, die op verzoek van den heer Stationschef van het station Oostenburgergracht in de eerste oorlogsdagen op de Centrale Markt werden verkocht.
Op mijn verzoek geeft de heer Polak in zijn brief eenige toelichtingen en maakt hij eenige opmerkingen verband houdende met den verkoop van peren en appelen ten behoeve van de heeren Nieuwkerk en De Weyert, die mijnerzijds geen nadere aanvulling behoeven.
Ten aanzien van de gemaakte prijzen deel ik U nog mede, dat in opdracht van Burgemeester en Wethouders door mij in de eerste oorlogsdagen een Prijzen-Commissie werd ingesteld, bestaande uit groot- en kleinhandelaren, die tot opdracht had angstvallig te waken voor prijsopdrijving. Het prijspeil van 9 Mei jl. moest in elk geval worden gehandhaafd. Maximumprijzen voor den verkoop door grossiers aan winkeliers werden daarom vastgesteld.
Ik ben dan ook van oordeel, dat de klachten van de heeren De Weyert en Nieuwkerk ongegrond zijn en dat zij, de buitengewone omstandigheden in aanmerking nemende, alleszins tevreden kunnen zijn over de behartiging hunner belangen. Het door Uwen heer Reiningh achtergelaten briefje no.12 rood ontvangt U hierbij terug.
De Directeur, * Inhoud: De brief dient ter verantwoording van de verkoop van een lading fruit die tijdens de inval (mei 1940) gestrand was op station Oostenburgergracht. Vanwege het bederfelijke karakter en de chaos van de eerste oorlogsdagen, werd besloten de lading direct op de Centrale Markt te verkopen via de grossier B. Polak.
* Conflict: Twee partijen, De Weyert en Nieuwkerk, hebben klaarblijkelijk klachten ingediend over de gang van zaken of de behaalde prijzen. De directeur wijst deze klachten resoluut af.
* Beleid: De brief onthult een belangrijk stukje noodbestuur: direct na de inval stelden Burgemeester en Wethouders een "Prijzen-Commissie" in om woekerprijzen te voorkomen. De prijzen van 9 mei (de dag vóór de invasie) werden als bindend maximum gehanteerd.
* Toon: De toon is zakelijk, formeel en defensief. De directeur benadrukt dat de acties legitiem waren gezien de "buitengewone omstandigheden". Deze correspondentie vindt plaats slechts anderhalve maand na de Nederlandse capitulatie. In mei 1940 raakte het goederenvervoer per spoor ontregeld door de oorlogshandelingen. Om te voorkomen dat voedselvoorraden verloren gingen of dat er op de zwarte markt enorme prijzen voor gevraagd zouden worden, grepen lokale autoriteiten (zoals de gemeente Amsterdam) in. De "Centrale Markt" was de spil in de voedselvoorziening van de stad. Het bevriezen van de prijzen op het niveau van 9 mei was een van de eerste economische maatregelen om de stabiliteit tijdens de beginfase van de bezetting te waarborgen.