Archiefdocument
Origineel
31 oktober 1936. De controleur (ondertekend door G. Amman). De Heer Inspecteur. Hr. Inspecteur. Amsterdam 31 - 10 - 36
Rapport.
met betrekking tot de klacht van den Hr. S. Sjouwerman, heb ik
op Zaterdag 31-10-36, bij gehouden contrôle, het volgende geconstateerd:
1e De Hr. Sjouwerman was zelf in overtreding, door zich te laten bijstaan
door z'n vrouw Betsie Sjouwerman, geboren Aronius,
2e Hekman (dit moet echter zijn van Berkum) heeft vergunning voor
Noord en genoot geen bijstand, toen ik hem aantrof.
3e De twee jongens, bedoeld in de brief van S. op 16-10-36 waren tus-
schen 2 en 5 uur niet aanwezig.
4e Alle andere olieventers, door mij gecontroleerd, waren niet in overtreding.
In verband met de klacht van den Hr. J. Sjouwerman kan ik u
mededeelen, dat de combinatie de Leeuw niet door mij is aangetroffen.
De controleur
[handtekening: G. Amman] Dit document is een ambtelijk verslag van een inspectieronde in Amsterdam. De kern van het rapport is een onderzoek naar klachten ingediend door een olieventer, de heer S. Sjouwerman. Opmerkelijk genoeg stelt de controleur vast dat de klager zelf de regels overtrad door zich te laten helpen door zijn echtgenote, Betsie Aronius. Blijkbaar was het destijds voor vergunninghouders niet toegestaan om zonder specifieke toestemming hulp te hebben bij de verkoop, zelfs niet van gezinsleden.
Verder worden specifieke andere handelaren genoemd: een zekere van Berkum (eerst abusievelijk Hekman genoemd), die een vergunning had voor Amsterdam-Noord en zich aan de regels hield, en een "combinatie de Leeuw" waarover geklaagd was maar die niet werd aangetroffen. De genoemde "twee jongens" uit een eerdere brief van Sjouwerman werden tijdens de controle (tussen 14:00 en 17:00 uur) ook niet gezien. Het rapport toont aan dat de controleur de klachten serieus nam, maar ook de klager zelf onder de loep nam. Het document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de straathandel in de jaren '30 in Nederland. Olieventers verkochten petroleum langs de deuren voor verlichting en koken, een beroep dat in die tijd nog zeer gebruikelijk was voordat woningen massaal op het gasnet en elektriciteitsnet werden aangesloten.
Vanwege de economische crisis in de jaren '30 was de concurrentie op straat hevig, wat vaak leidde tot onderlinge sociale controle en het indienen van klachten bij de autoriteiten over vergunningsvoorwaarden (zoals werkgebieden of het verbod op ongeoorloofde assistentie). De achternaam "Aronius" is van oudsher een Joodse naam die veel in Amsterdam voorkwam; dit plaatst het document in de sociaal-historische context van de Amsterdamse Joodse handelsgemeenschap van vlak voor de Tweede Wereldoorlog.