Archief 745
Inventaris 745-335
Pagina 392
Dossier 11
Jaar 1940
Stadsarchief

Dienstverslag / Inspectierapport van de Gemeente Amsterdam (Marktwezen).

Origineel

Dienstverslag / Inspectierapport van de Gemeente Amsterdam (Marktwezen). [Pagina 1]

een R. Pennock. rekening verstrekte, heeft hij uit de leden
van zijn muziekvereniging, kennissen en familie
een vaste wijk gevormd en bedient deze menschen.
Ook omtrent deze persoon heb ik veel klachten dat hij deze
wijk gevormd heeft en nog uitbreidt met klanten van
andere vaste wijklopers, maar tot nu geen overtreding
kunnen constateeren. Staat voor v.v. op sollicitantenlijst.
E. Meen heeft geen v.v., hij heeft bij diverse a. gr. fruit
handelaren gewerkt. Heeft veel moeite gedaan v.v. te
krijgen. Toen zijn R. Pennock afkwam, heeft hij een
vaste wijk gekocht van J. de Wiel voor f 3.00 = en een van
A. Strijd voor f 20.- waarvan hij mij de kwitanties over-
legde. Bedient deze wijken nu geregeld. Deze persoon
tot op heden niet op overtreding der v. verordening kunnen
betrappen.
Jan Pieters had v.v. in West. Heeft ook vaste klanten
in Noord. Uit kunnen snappen. Hebben geen prijs op v.v.
Hij beweerd dat iedereen maar raak vent.
III. Dan controleer ik geregeld een groep a. gr. fruit
handelaren die wel een v.v. hebben en door mij nog niet
ventende zijn aangetroffen. Deze menschen bedienen
ook rustig hun wijk. Sommigen verklaren ik geh.
dat je nu alweer die v.v. moet zien terwijl je toch weet
dat hij voor een heel jaar betaald is en klopt. De ergsten
voegen er nog aan toe: maak het me nu niet lastig, want
ik neem dat rot ding dan niet meer. "Anderen hebben
de v.v. genomen om aan een abonnement op de posten
te kunnen komen. Deze lieden wonen in de stad en
krijgen alleen op vertoon van hun v.v. een abonnement.
Wat hun aannemelijk is in de tot geh. cell.

II. Deze groep hebben allen v.v. en treft men inderdaad
ventende aan. Velen klagen over de Ventverordening.
Kunnen hun maar niet indenken dat die en die daar
en daar maar zoo een vaste wijk in elkaar zet. Veel ontstelde
menschen treft men er onder, die grootendeels door de
slechte verdiensten zoo worden.
Toch zit in hun klacht over die vaste wijk vormers
een kern van waarheid. De controleur doet in het alge-
meen zijn uiterste best die menschen te beheurden [beheeren],
maar de juffrouw van de deur verklaart haast zonder

[Pagina 2]

uitzondering, wanneer men een steekproef neemt
"O ja mijnheer ik koop geregeld van die man of
iets dergelijks. Men twijfelt dikwijls aan de
waarheid, maar het tegendeel kan men niet
bewijzen.

Aan den Heer
Ph. de Boer
Inspecteur
der Marktwezen.

Amsterdam
21.1. 1939

De Controleur
[handtekening: D. J. Hiemstra]

P.S. Ph. Venetianer – Jac. Venetianer. H. Vreyl hebben
v.v. a. gr. fruit. Venten zij niet met dit artikel, maar
scharrelen zij veel op hun oude adressen het zij
opkoopen van l. m. of gedragen kleeding of probeeren
het met manufacturen. Ab. Betts heeft v.v.
l. m. gedragen kleeding en werkt precies contra.
Veel klachten komen los over deze menschen, maar
zij zijn moeilijk op een overtreding te betrappen.
(Ph. Venetianer eindelijk kunnen bekeuren op 20. II. 1939).
De Controleur.

[In de marge:]
Terzake
J. Aalders.

Rapport II
J. Aalders-Kromme.
Disselstraat 26 II van beroep kapper was t/m Juni
1930 in Heemstede; heeft een lijst met adressen in
zijn bezit van leden der S.D.A.P. Heeft deze menschen
bezocht en hieruit een petroleumwijk samengesteld
en gegaan met ± 75 klanten. Hij heeft zich in verbin-
ding gesteld met Oliehandel Mij. „Amstel.“ Deze
heeft hem 4 weken bijgespijkerd wat hij minder
verdiende aan zijn steun. Toen sprong de Mij weer
bij met f 10.- bijsteun. Dit duurde ± 3 maanden.
Is nu uit Heemstede en heeft een wijk van ± 150
klanten. Als hij klaar is met zijn olie wijk gaat hij
zijn kar weg en gaat langs de deur colporteeren
om klanten bij te zoeken. Aalders beweerd dat
dit alles ruim en breed becorrespondeerd en
besproken is met de Wethouder van Doorn en
dat deze zijn goedkeuring heeft gegeven; een v.v.
kwam hij niet voor in aanmerking.

Amsterdam
21-1-1939
[handtekening: D. J. Hiemstra] Dit document biedt een zeldzame inkijk in de dagelijkse praktijk van de Amsterdamse marktcontrole in de late jaren '30. De kern van het rapport draait om de spanning tussen de formele regels van de Ventverordening en de informele overlevingsstrategieën van werklozen tijdens de nasleep van de Grote Depressie.

Enkele opvallende observaties:
1. Handel in wijken: Het document bevestigt dat 'vaste wijken' (klantenkringen) werden verhandeld tussen venters (zoals de verkoop van een wijk voor 3 of 20 gulden), hoewel dit formeel buiten de vergunning om ging.
2. Omzeilen van de vergunning: Venters gebruikten de ventvergunning (v.v.) soms enkel als 'toegangsbewijs' voor andere voordelen, zoals abonnementen op de markt of legale status, terwijl ze in de praktijk in andere goederen (zoals oude kleding/vodden) handelden.
3. Sociale controle: De controleur (Hiemstra) toont een zekere mate van empathie ("veel ontstelde menschen"), maar stuit op de solidariteit van de burgers: huisvrouwen dekken de ongeautoriseerde venters vaak in door te beweren dat ze 'vaste klant' zijn.
4. Politieke netwerken: In Rapport II (J. Aalders) zien we hoe een voormalige kapper een klantenkring opbouwt via de ledenlijst van de S.D.A.P. (Sociaal-Democratische Arbeiderspartij), wat duidt op de verzuiling van de economie in die tijd. In 1939 was de economische situatie in Amsterdam nog steeds precair. De werkloosheid was hoog en veel mensen probeerden als 'kleine zelfstandige' (venter) het hoofd boven water te houden. De gemeente probeerde dit te reguleren via het Marktwezen om wildgroei en oneerlijke concurrentie met gevestigde winkeliers te voorkomen.

De vermelding van Wethouder van Doorn is historisch significant; dit verwijst naar Florentinus Marinus (Floor) Wibaut's opvolger of een tijdgenoot in het Amsterdamse college (waarschijnlijk de SDAP-wethouder die sociale zaken of marktwezen onder zich had). Het document illustreert de overgang van de crisisjaren naar de mobilisatieperiode vlak voor de Tweede Wereldoorlog, waarbij de strijd om elke gulden op straat zichtbaar was in de rapportages van de controleurs.

Samenvatting

Dit document biedt een zeldzame inkijk in de dagelijkse praktijk van de Amsterdamse marktcontrole in de late jaren '30. De kern van het rapport draait om de spanning tussen de formele regels van de Ventverordening en de informele overlevingsstrategieën van werklozen tijdens de nasleep van de Grote Depressie.

Enkele opvallende observaties:
1. Handel in wijken: Het document bevestigt dat 'vaste wijken' (klantenkringen) werden verhandeld tussen venters (zoals de verkoop van een wijk voor 3 of 20 gulden), hoewel dit formeel buiten de vergunning om ging.
2. Omzeilen van de vergunning: Venters gebruikten de ventvergunning (v.v.) soms enkel als 'toegangsbewijs' voor andere voordelen, zoals abonnementen op de markt of legale status, terwijl ze in de praktijk in andere goederen (zoals oude kleding/vodden) handelden.
3. Sociale controle: De controleur (Hiemstra) toont een zekere mate van empathie ("veel ontstelde menschen"), maar stuit op de solidariteit van de burgers: huisvrouwen dekken de ongeautoriseerde venters vaak in door te beweren dat ze 'vaste klant' zijn.
4. Politieke netwerken: In Rapport II (J. Aalders) zien we hoe een voormalige kapper een klantenkring opbouwt via de ledenlijst van de S.D.A.P. (Sociaal-Democratische Arbeiderspartij), wat duidt op de verzuiling van de economie in die tijd.

Historische Context

In 1939 was de economische situatie in Amsterdam nog steeds precair. De werkloosheid was hoog en veel mensen probeerden als 'kleine zelfstandige' (venter) het hoofd boven water te houden. De gemeente probeerde dit te reguleren via het Marktwezen om wildgroei en oneerlijke concurrentie met gevestigde winkeliers te voorkomen.

De vermelding van Wethouder van Doorn is historisch significant; dit verwijst naar Florentinus Marinus (Floor) Wibaut's opvolger of een tijdgenoot in het Amsterdamse college (waarschijnlijk de SDAP-wethouder die sociale zaken of marktwezen onder zich had). Het document illustreert de overgang van de crisisjaren naar de mobilisatieperiode vlak voor de Tweede Wereldoorlog, waarbij de strijd om elke gulden op straat zichtbaar was in de rapportages van de controleurs.

Kooplieden in dit dossier 100

Fr. Kroes Waterlooplein ~~201~~ 207
K.G. Aardappelen Waterlooplein 201
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein
W. Fruithof Waterlooplein 711
W. Fruithof Waterlooplein 739
W. Fruithof Waterlooplein 715
A.C.M. Deurloo Waterlooplein 1920
A. Elzinga Waterlooplein 1933
A. F. Schermacher Waterlooplein 1926
V. Jr Waterlooplein 1922
A. Kieboom Waterlooplein 1924
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6