Zakelijke brief (afschrift/doorslag).
Origineel
Zakelijke brief (afschrift/doorslag). 20 maart 1939. De Directeur van de Gemeente-Electriciteitswerken Amsterdam. Den Heer W.F. Tiebesl, Tichelstraat 45 huis, Amsterdam-Centrum (Wijk 9). M. Muller
M. de Laer
VP/G.
15/1/2 M verzonden 20/3
20 Maart 1939.
den Heer W.F.Tiebesl,
Tichelstraat 45 huis,
Amsterdam-Centrum.
Wyk 9.
Naar aanleiding van Uw op 4 Januari jl. aan de Directie der Gemeente-Electriciteitswerken gerichten brief deel ik U mede, dat de kosten van het herstellen van het snoer der electrische marktverlichting Lindengracht, dat U in bruikleen werd verstrekt ƒ 4,- hebben bedragen. Vorenstaand bedrag dient door U te worden betaald; ik sta U echter toe om het in wekelyksche termynen van ƒ 0,25 af te betalen by den marktopzichter, dienstdoende op de Lindengracht. U dient zich evenwel stipt aan deze afbetalingsregeling te houden, aangezien, wanneer U één keer in gebreke blyft, het geheele alsdan nog verschuldigde bedrag weder terstond opeischbaar zal zyn.
De Directeur, Deze brief is een formele kennisgeving van een openstaande schuld en een betalingsregeling. De heer Tiebesl, waarschijnlijk een marktkoopman gezien de context, had een snoer voor elektrische marktverlichting in bruikleen op de Lindengracht. Dit snoer is beschadigd geraakt, en de reparatiekosten van 4 gulden worden op hem verhaald.
Opvallend is de strikte maar enigszins tegemoetkomende toon. De directeur staat een afbetalingsregeling toe van 25 cent per week, te betalen aan de marktopzichter. Dit wijst erop dat 4 gulden in 1939 een aanzienlijk bedrag kon zijn voor een kleine zelfstandige of arbeider. Er wordt echter direct bij vermeld dat bij het missen van één betaling het gehele resterende bedrag direct opeisbaar wordt.
Het document is een typisch voorbeeld van vooroorlogse gemeentelijke administratie, geschreven in de destijds gangbare spelling (zoals "wekelyksche", "blyft" en "zyn"). De brief dateert van maart 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De locatie, de Lindengracht in de Amsterdamse Jordaan, is vanouds een plek voor een belangrijke weekmarkt. De Tichelstraat ligt in de directe nabijheid van de Lindengracht.
De "Gemeente-Electriciteitswerken" (GEW) was de voorloper van het latere Gemeente-energiebedrijf (GEB). In die tijd was het gebruikelijk dat de gemeente faciliteiten zoals marktverlichting verzorgde, maar de gebruikers waren verantwoordelijk voor de aan hen toevertrouwde materialen. De handgeschreven namen bovenin zijn waarschijnlijk van ambtenaren die de brief hebben opgesteld of gecontroleerd voor verzending. M. Muller M. de Laer Tiebesl (De heer) W.F. Tiebesl
Samenvatting
Deze brief is een formele kennisgeving van een openstaande schuld en een betalingsregeling. De heer Tiebesl, waarschijnlijk een marktkoopman gezien de context, had een snoer voor elektrische marktverlichting in bruikleen op de Lindengracht. Dit snoer is beschadigd geraakt, en de reparatiekosten van 4 gulden worden op hem verhaald.
Opvallend is de strikte maar enigszins tegemoetkomende toon. De directeur staat een afbetalingsregeling toe van 25 cent per week, te betalen aan de marktopzichter. Dit wijst erop dat 4 gulden in 1939 een aanzienlijk bedrag kon zijn voor een kleine zelfstandige of arbeider. Er wordt echter direct bij vermeld dat bij het missen van één betaling het gehele resterende bedrag direct opeisbaar wordt.
Het document is een typisch voorbeeld van vooroorlogse gemeentelijke administratie, geschreven in de destijds gangbare spelling (zoals "wekelyksche", "blyft" en "zyn").
Historische Context
De brief dateert van maart 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De locatie, de Lindengracht in de Amsterdamse Jordaan, is vanouds een plek voor een belangrijke weekmarkt. De Tichelstraat ligt in de directe nabijheid van de Lindengracht.
De "Gemeente-Electriciteitswerken" (GEW) was de voorloper van het latere Gemeente-energiebedrijf (GEB). In die tijd was het gebruikelijk dat de gemeente faciliteiten zoals marktverlichting verzorgde, maar de gebruikers waren verantwoordelijk voor de aan hen toevertrouwde materialen. De handgeschreven namen bovenin zijn waarschijnlijk van ambtenaren die de brief hebben opgesteld of gecontroleerd voor verzending.