Archief 745
Inventaris 745-339
Pagina 40
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag of officieel afschrift) met handgeschreven kanttekeningen.

22 februari 1941 (verzonden op 24 februari 1941). Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Aan: Den Heer G. van Hilten, Govert Flinckstraat 312 hs, Amsterdam-Zuid.

Origineel

Getypte brief (doorslag of officieel afschrift) met handgeschreven kanttekeningen. 22 februari 1941 (verzonden op 24 februari 1941). De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Den Heer G. van Hilten, Govert Flinckstraat 312 hs, Amsterdam-Zuid. [Handgeschreven, bovenaan midden:] Verzonden 24/2
[Handgeschreven, rechtsboven:] M. de Boer [?] HG.

den Heer G. van Hilten,
Govert Flinckstraat 312 hs,
Amsterdam-Zuid.

Wijk 17.
85/66/2 M. [In rood geschreven:] 1440
22 Februari 1941.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 11 December jl. verleen
ik U hierbij toestemming om op Uw plaats op de markt Albert Cuyp-
straat gebruik te maken van een U in eigendom toebehoorende kar,
mits deze kar niet langer is dan drie meter.

De Directeur, Het document is een officiële beschikking aan een marktkoopman, de heer G. van Hilten. Hij krijgt toestemming om een eigen kar te gebruiken op zijn staanplaats aan de Albert Cuypmarkt, in plaats van een door de gemeente verstrekte of gehuurde kar. Aan deze vergunning is een strikte voorwaarde verbonden: de kar mag niet langer zijn dan drie meter, wat wijst op een stringente regulering van de beschikbare ruimte op de markt.

De brief is een reactie op een verzoek dat al in december 1940 was ingediend, wat duidt op een administratieve doorlooptijd van ruim twee maanden. De vermelding "Wijk 17" en de specifieke adressering in de Govert Flinckstraat (direct parallel aan de Albert Cuypstraat) illustreren de nauwe band tussen de woonlocatie van de kooplieden en hun werkplek in de wijk De Pijp. De datum van de brief, 22 februari 1941, is historisch zeer significant. Dit is slechts drie dagen voordat de Februari-staking in Amsterdam uitbrak als protest tegen de Jodenvervolging. Hoewel de brief een louter zakelijke, bureaucratische inhoud heeft over marktvoorschriften, vond deze correspondentie plaats in een uiterst gespannen politiek klimaat.

In deze periode van de Duitse bezetting werden de regels voor markten in Amsterdam steeds verder aangescherpt. Niet lang na deze brief, in de loop van 1941, zouden Joodse marktkooplieden volledig worden verbannen van de reguliere markten (waaronder de Albert Cuyp) en verbannen worden naar speciaal aangewezen "Joodse markten". Dit document toont de 'business as usual' van de gemeentelijke bureaucratie terwijl de uitsluiting van bevolkingsgroepen op de achtergrond in volle gang was. G. van Hilten M. de Boer Marktwezen

Samenvatting

Het document is een officiële beschikking aan een marktkoopman, de heer G. van Hilten. Hij krijgt toestemming om een eigen kar te gebruiken op zijn staanplaats aan de Albert Cuypmarkt, in plaats van een door de gemeente verstrekte of gehuurde kar. Aan deze vergunning is een strikte voorwaarde verbonden: de kar mag niet langer zijn dan drie meter, wat wijst op een stringente regulering van de beschikbare ruimte op de markt.

De brief is een reactie op een verzoek dat al in december 1940 was ingediend, wat duidt op een administratieve doorlooptijd van ruim twee maanden. De vermelding "Wijk 17" en de specifieke adressering in de Govert Flinckstraat (direct parallel aan de Albert Cuypstraat) illustreren de nauwe band tussen de woonlocatie van de kooplieden en hun werkplek in de wijk De Pijp.

Historische Context

De datum van de brief, 22 februari 1941, is historisch zeer significant. Dit is slechts drie dagen voordat de Februari-staking in Amsterdam uitbrak als protest tegen de Jodenvervolging. Hoewel de brief een louter zakelijke, bureaucratische inhoud heeft over marktvoorschriften, vond deze correspondentie plaats in een uiterst gespannen politiek klimaat.

In deze periode van de Duitse bezetting werden de regels voor markten in Amsterdam steeds verder aangescherpt. Niet lang na deze brief, in de loop van 1941, zouden Joodse marktkooplieden volledig worden verbannen van de reguliere markten (waaronder de Albert Cuyp) en verbannen worden naar speciaal aangewezen "Joodse markten". Dit document toont de 'business as usual' van de gemeentelijke bureaucratie terwijl de uitsluiting van bevolkingsgroepen op de achtergrond in volle gang was.

Genoemde Personen 2

Locaties

Albert Cuypmarkt

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Pan Huishoudelijk: Pannen Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 40

A.J. Roger Waterlooplein
A. Jansen Waterlooplein
A. Jansen Uilenburg
A. Jansen Waterlooplein
J. Rogers Uilenburg
D. Dubbeldijk Waterlooplein
A. Costan Waterlooplein
G. Meijers Uilenburg
J. Brand Uilenburg
J. Brand Waterlooplein [dubbele rode onderstreping]
J. Gleysman Waterlooplein **afgedaan** [dubbele rode onderstreping]
J.A.L. Jongbloed Waterlooplein
J. Mayenet Waterlooplein
J.G. Bosbaan Jr. Uilenburg
J.P. Raben Waterlooplein
J. Schilris Waterlooplein
M. Schelvis Waterlooplein
M. Schilris Waterlooplein
Alle 40 kooplieden →