Handgeschreven verzoekschrift/brief.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift/brief. J. Keur. Geacht Mijnheer. ik wou uw beleefd
vragen of Wilhelmintje Keur. die tans
haar Vader help niet voor een
paar weken haar vrije plaats
mag bezetten op het markplien zaterdag.
daar de haring kaart afgelopen
is en ik graag wat anders wou
zoeken. daar wij toch moeten eten
in Voorbaat mijn Dank
v. Ostadestr. 41 [heb] Hoog Acht J. Keur. * Taal en spelling: Het document is geschreven in een eenvoudige, licht fonetische stijl die typerend is voor de arbeidersklasse uit die periode. Opvallende spellingen zijn "tans" (thans), "help" (helpt), en "markplien" (marktplein).
* Inhoud: De afzender, J. Keur, verzoekt of zijn dochter Wilhelmintje, die hem normaal gesproken helpt, voor een periode van enkele weken een vrije marktplaats op zaterdag mag innemen. De reden hiervoor is het einde van het haringseizoen ("haring kaart", mogelijk verwijzend naar een seizoensgebonden vergunning of de haringvaart).
* Toon: De brief is zeer beleefd ("ik wou uw beleefd vragen", "in Voorbaat mijn Dank"), maar ook direct over de noodzaak van het verzoek: "daar wij toch moeten eten". Dit onderstreept de precaire economische situatie van de visdragers/handelaren in die tijd. Dit document biedt een inkijkje in het dagelijks leven en de economische overlevingsstrategieën van Amsterdamsche marktkooplieden aan het begin van de 20e eeuw. De Van Ostadestraat ligt in de Pijp, vlakbij de in 1904 opgerichte Albert Cuypmarkt.
De "haring kaart" (of haringvaart) was seizoensgebonden; wanneer deze periode eindigde, moesten gezinnen die afhankelijk waren van de vishandel alternatieve inkomstenbronnen zoeken op de reguliere markt. De vermelding van Wilhelmintje die haar vader helpt, illustreert het familiale karakter van de kleinhandel in deze periode, waarbij kinderen al op jonge leeftijd volledig meedraaiden in het familiebedrijf om in het levensonderhoud te voorzien.
Samenvatting
- Taal en spelling: Het document is geschreven in een eenvoudige, licht fonetische stijl die typerend is voor de arbeidersklasse uit die periode. Opvallende spellingen zijn "tans" (thans), "help" (helpt), en "markplien" (marktplein).
- Inhoud: De afzender, J. Keur, verzoekt of zijn dochter Wilhelmintje, die hem normaal gesproken helpt, voor een periode van enkele weken een vrije marktplaats op zaterdag mag innemen. De reden hiervoor is het einde van het haringseizoen ("haring kaart", mogelijk verwijzend naar een seizoensgebonden vergunning of de haringvaart).
- Toon: De brief is zeer beleefd ("ik wou uw beleefd vragen", "in Voorbaat mijn Dank"), maar ook direct over de noodzaak van het verzoek: "daar wij toch moeten eten". Dit onderstreept de precaire economische situatie van de visdragers/handelaren in die tijd.
Historische Context
Dit document biedt een inkijkje in het dagelijks leven en de economische overlevingsstrategieën van Amsterdamsche marktkooplieden aan het begin van de 20e eeuw. De Van Ostadestraat ligt in de Pijp, vlakbij de in 1904 opgerichte Albert Cuypmarkt.
De "haring kaart" (of haringvaart) was seizoensgebonden; wanneer deze periode eindigde, moesten gezinnen die afhankelijk waren van de vishandel alternatieve inkomstenbronnen zoeken op de reguliere markt. De vermelding van Wilhelmintje die haar vader helpt, illustreert het familiale karakter van de kleinhandel in deze periode, waarbij kinderen al op jonge leeftijd volledig meedraaiden in het familiebedrijf om in het levensonderhoud te voorzien.