Statistische opgave / Verslag van de Centrale Markt Amsterdam.
Origineel
Statistische opgave / Verslag van de Centrale Markt Amsterdam. 1940. [Stempel: MARKTWEZEN * CENTRALE MARKT * AMSTERDAM]
De totale aanvoer van groente bedroeg in 1940.
62.677.540 K.G.
De marktwaarde van deze aanvoer bedroeg.
FL. 6.180.355, =
De aangevoerde artikelen waren herkomstig uit:
| Herkomst | Gewicht (K.G.) | Percentage |
|---|---|---|
| Amsterdam | 22.109.125 K.G | = 35,3 % |
| Purmerend. | 2.731.435 " | = 4,3 % |
| Kennemerland. | 3.236.380 " | = 5,2 % |
| Langendijk | 6.899.365 " | = 11. % |
| Streek. | 6.167.225 " | = 9,8 % |
| Bollenstreek. | 4.322.765 " | = 6,9 % |
| Westland. | 7.602.845 " | = 12,1 % |
| Delfland. | 2.487.545 " | = 4. % |
| R. A. veen. | 2.093.030 " | = 3,3 % |
| Friesland. | 2.412.900 " | = 3,9 % |
Diversen binnenland.
Vinkeveen 183.610 K.G.
Utrecht. 310.895 "
Gelderland. 112.010 "
Zeeland. 1.130.900 "
N. Brabant. 342.670 "
Limburg 99.875 "
Groningen 12.950 "
[Subtotaal] 2.193.510 KG = 3,5 %
Diversen buitenland
België 95.100 KG.
Italië 310.115 "
Can. Eil. 13.300 "
Egypte. 2.300 "
[Subtotaal] 420.815 K.G. = 0,7 %
[Paraaf rechtsonder: onleesbaar] Het document is een overzichtelijke administratieve rapportage van de groenteaanvoer in Amsterdam gedurende het jaar 1940. De data zijn onderverdeeld in gewicht (kilogram) en economische waarde (gulden). De tabel toont de geografische herkomst van de producten, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen specifieke regio's, overige binnenlandse provincies en buitenlandse import.
Opvallend is dat de eigen regio (Amsterdam) met ruim 35% de grootste leverancier is, gevolgd door traditionele tuinbouwgebieden zoals het Westland (12,1%) en de Langendijk (11%). De import uit het buitenland is met 0,7% marginaal, wat gezien de internationale situatie in 1940 niet onverwacht is. De post "Can. Eil." verwijst naar de Canarische Eilanden (waarschijnlijk voor tomaten of bananen). Dit document stamt uit het eerste jaar van de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt van Amsterdam (destijds gevestigd aan de Jan van Galenstraat) was het kloppend hart van de voedselvoorziening voor de stad. In 1940 begon de Duitse bezetting (mei 1940), wat direct gevolgen had voor de handel en de registratie van goederenstromen.
Dergelijke overzichten waren essentieel voor de gemeentelijke overheid om de voedselzekerheid te monitoren. De lage importcijfers weerspiegelen het wegvallen van de internationale handel door de Britse blokkade en de oorlogssituatie. De precisie van de cijfers (tot op de kilo nauwkeurig) getuigt van een strikte bureaucratische controle in een tijd waarin distributie en schaarste steeds grotere rollen gingen spelen. K.G. Marktwezen
Samenvatting
Het document is een overzichtelijke administratieve rapportage van de groenteaanvoer in Amsterdam gedurende het jaar 1940. De data zijn onderverdeeld in gewicht (kilogram) en economische waarde (gulden). De tabel toont de geografische herkomst van de producten, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen specifieke regio's, overige binnenlandse provincies en buitenlandse import.
Opvallend is dat de eigen regio (Amsterdam) met ruim 35% de grootste leverancier is, gevolgd door traditionele tuinbouwgebieden zoals het Westland (12,1%) en de Langendijk (11%). De import uit het buitenland is met 0,7% marginaal, wat gezien de internationale situatie in 1940 niet onverwacht is. De post "Can. Eil." verwijst naar de Canarische Eilanden (waarschijnlijk voor tomaten of bananen).
Historische Context
Dit document stamt uit het eerste jaar van de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt van Amsterdam (destijds gevestigd aan de Jan van Galenstraat) was het kloppend hart van de voedselvoorziening voor de stad. In 1940 begon de Duitse bezetting (mei 1940), wat direct gevolgen had voor de handel en de registratie van goederenstromen.
Dergelijke overzichten waren essentieel voor de gemeentelijke overheid om de voedselzekerheid te monitoren. De lage importcijfers weerspiegelen het wegvallen van de internationale handel door de Britse blokkade en de oorlogssituatie. De precisie van de cijfers (tot op de kilo nauwkeurig) getuigt van een strikte bureaucratische controle in een tijd waarin distributie en schaarste steeds grotere rollen gingen spelen.