Ambtelijke correspondentie / Nota (getypte kopie).
Origineel
Ambtelijke correspondentie / Nota (getypte kopie). 18 januari 1941 en 23 januari 1941. dig hooge kosten heeft gemaakt, vestig ik Uw aandacht
op dit geval, daar naar mijn meening deze aanschaffing
niet verantwoord is te achten en alzoo niet ten laste
van de Gemeente mag blyven.
Amsterdam, 18 Januari 1941.
De Accountant ter Secretarie van
de Gemeente Amsterdam.
w.g. Jac. Olie Jr.
Aan den Heer Administrateur,
Hoofd van de Afd. Financien A.
____________
De WETHOUDER voor de Financiën heeft de eer te doen
toekomen aan den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen,
Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en zweminrichtingen, een
Nota van den Accountant Jac. Olie Jr, waarmede hij -
Wethouder voor de Financien - zich kan vereenigen.
Amsterdam, 23 Januari 1941.
De Wethouder,
w.g. Rustige. Dit document betreft een interne administratieve afhandeling binnen het Amsterdamse gemeentebestuur.
1. Eerste deel: Het slot van een rapportage van de accountant Jac. Olie Jr. Hij adviseert negatief over een bepaalde uitgave ("aanschaffing") die volgens hem onverantwoord is. Hij stelt dat de kosten hiervoor niet door de gemeente gedragen mogen worden.
2. Tweede deel: Een begeleidend schrijven van de Wethouder van Financiën, gedateerd vijf dagen later. Hij stuurt de nota van de accountant door naar de verantwoordelijke wethouder van de betreffende afdeling (Levensmiddelen en Badinrichtingen) en onderstreept dat hij het met de kritiek van de accountant eens is ("waarmede hij... zich kan vereenigen").
De spelling is kenmerkend voor de vroege 20e eeuw (bijv. "hooge", "den Heer", "alzoo", "Financien" zonder trema in de tweede instantie). De afkorting "w.g." staat voor "was getekend", wat indiceert dat dit een kopie is voor het archief of voor verdere verspreiding. Het document stamt uit januari 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel het land bezet was, bleef het ambtelijke apparaat van de gemeente Amsterdam grotendeels functioneren volgens de bestaande regels en procedures. Jacobus Olie Jr. (1879-1955) was een prominente accountant bij de gemeente Amsterdam en stond bekend om zijn strikte controle op de gemeentefinanciën.
De portefeuille "Levensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en zweminrichtingen" was in die tijd van groot belang, aangezien de schaarste door de oorlog de distributie van goederen en de handhaving van de openbare hygiëne tot een complexe taak maakte. De kritische houding van de accountant in dit document getuigt van de voortdurende bewaking van de gemeentelijke begroting, zelfs in oorlogstijd. Gemeente Amsterdam
Samenvatting
Dit document betreft een interne administratieve afhandeling binnen het Amsterdamse gemeentebestuur.
1. Eerste deel: Het slot van een rapportage van de accountant Jac. Olie Jr. Hij adviseert negatief over een bepaalde uitgave ("aanschaffing") die volgens hem onverantwoord is. Hij stelt dat de kosten hiervoor niet door de gemeente gedragen mogen worden.
2. Tweede deel: Een begeleidend schrijven van de Wethouder van Financiën, gedateerd vijf dagen later. Hij stuurt de nota van de accountant door naar de verantwoordelijke wethouder van de betreffende afdeling (Levensmiddelen en Badinrichtingen) en onderstreept dat hij het met de kritiek van de accountant eens is ("waarmede hij... zich kan vereenigen").
De spelling is kenmerkend voor de vroege 20e eeuw (bijv. "hooge", "den Heer", "alzoo", "Financien" zonder trema in de tweede instantie). De afkorting "w.g." staat voor "was getekend", wat indiceert dat dit een kopie is voor het archief of voor verdere verspreiding.
Historische Context
Het document stamt uit januari 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel het land bezet was, bleef het ambtelijke apparaat van de gemeente Amsterdam grotendeels functioneren volgens de bestaande regels en procedures. Jacobus Olie Jr. (1879-1955) was een prominente accountant bij de gemeente Amsterdam en stond bekend om zijn strikte controle op de gemeentefinanciën.
De portefeuille "Levensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en zweminrichtingen" was in die tijd van groot belang, aangezien de schaarste door de oorlog de distributie van goederen en de handhaving van de openbare hygiëne tot een complexe taak maakte. De kritische houding van de accountant in dit document getuigt van de voortdurende bewaking van de gemeentelijke begroting, zelfs in oorlogstijd.